Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

5 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `beurt`

  1. aan beurt komen (=aan werk geraken)
  2. dat gebeurt pas als de Paus een geus wordt (=dat gebeurt nooit)
  3. een beurt krijgen (=onderhanden genomen worden)
  4. een goede beurt geven (=grondig reinigen, grondig aanpakken)
  5. een goede beurt maken (=iets heel goed doen, een goede indruk maken)

19 betekenissen bevatten `beurt`

  1. aan de bak komen. (=aan de beurt komen; een baan krijgen.)
  2. van uitstel komt afstel. (=als je iets niet meteen doet, loop je het risico dat het nooit meer gebeurt.)
  3. haar wil is wet (=als wat zij wil niet gebeurt, dan ontstaan er grote conflicten.)
  4. dat gaat zo tussen neus en mond (=dat gebeurt in een verloren ogenblik)
  5. dat gebeurt pas als de Paus een geus wordt (=dat gebeurt nooit)
  6. dat mag met een krijtje aan de balk (=dat is een ongewone gebeurtenis)
  7. dat is ver van mijn bed óf Dat is een ver-van-mijn-bed-show. (=dat is iets waar ik me helemaal niet mee bezighoud; dat is iets dat op grote afstand van hier gebeurt.)
  8. dat is Beulemans Frans (=dat is slecht Frans spreken. In België zeggen de Vlamingen dat over Waals. Walloniërs op hun beurt vinden Vlaams weer slecht Nederlands.)
  9. de mens wikt, maar God beschikt. (=de mensen maken allerlei plannen, maar het is niet aan hen of dat ook gebeurt)
  10. iets (met krijt) aan de balk schrijven (=een gebeurtenis is zo belangrijk/bijzonder dat men het niet wil vergeten)
  11. als een donderslag bij heldere hemel (=een onverwachte gebeurtenis, die een grote schok teweeg brengt)
  12. het is olie op het vuur (=een reeds zeer gespannen situatie wordt door 1 extra gebeurtenis of opmerking tot een uitbarsting gebracht.)
  13. het verkorven hebben (=een slechte beurt gemaakt hebben bij iemand)
  14. de beer is los. (=er gebeurt opeens van alles; er ontstaat ruzie of paniek.)
  15. een doorgestoken kaart. (=er is heel duidelijk iets mis! Hier is getracht om iemand te laten geloven dat er bij toeval iets gebeurt, terwijl het in feite van tevoren gearrangeerd is.)
  16. beter laat dan nooit. (=het is beter dat iets een beetje te laat komt, dan dat het nooit gebeurt)
  17. het oog van de meester maakt het paard vet. (=het werk gebeurt beter als de baas toezicht houdt)
  18. het woord hebben (=in een gesprek aan beurt zijn)
  19. wat heb ik nou aan mijn fiets hangen? (=wat gebeurt er nu voor iets raars?)

Het dialectenwoordenboek kent 25 spreekwoorden met `beurt`

  1. Mols: Omtoer (=beurtelings)
  2. Sint-Niklaas: nô ist on ô (=nu is het uw beurt)
  3. Munsterbilzen - Minsters: ielk op zene toer ès niks te viël (=beurt om beurt en zo gehoort het)
  4. Tilburgs: gij meut, meut! (=jij bent aan de beurt, treuzelaar!)
  5. Antwerps: tizonolle (=het is nu jullie beurt)
  6. Vlijtingens: zene tuur aofwachte (=zijn beurt afwachten)
  7. Texels: eerst gròòte mense, dan hangòòre (=kleine kinderen moeten op hun beurt wachten)
  8. Westerkwartiers: die 't eerst komt, die 't eerst moalt (=ieder op zijn beurt)
  9. Tilburgs: Ge meugt èèn vur èèn (=Je mag om de beurt)
  10. Waregems: 't es oin toer/ 't es an oi (=het is jouw beurt)
  11. Tilburgs: gé zet um (=aan de beurt zijn)
  12. Munsterbilzen - Minsters: vör te kakke moeste iës ze brikske lotte zakke (=niet voor je beurt spreken)
  13. Munsterbilzen - Minsters: dassem lengs zen naos dërgegon (=dat is hem niet te beurt gevallen)
  14. Waregems: die komre ee z'n recht ghet (=die kamer heeft zijn (poets)beurt gehad)
  15. Maas en waals: ik bin twids (=ik ben het tweede aan de beurt)
  16. Twents: ain stet op beurt kiekie altied veur,n gat (=als je de staart op tilt kijk je altijd naar een gat)
  17. Twents: A-j ie nen stet op beurt kiek ie altied veur nen gat.* (=als je een staart op tilt kijk je altijd naar een gat)
  18. Munsterbilzen - Minsters: ins goed doërsmèere (=een goede beurt geven)
  19. Waregems: elk ip zijn'n toer (=ieder op zijn beurt)
  20. Tongers: waag oere toer oaf (=wacht uw beurt af)
  21. Westlands: ken ma weer beurt weze (=Het kan maar gebeurt zijn)
  22. Giethoorns: Hi'j zit in 't aachterste schip (=Hij is het laatst aan de beurt)
  23. Nunspeets: Kom mar bie Bart in de rieje (=op je beurt wachten)
  24. Haags: Wie de poes nie scheert, is dâh beurt nie weert (=Wie het kleine niet eert, is het grote niet weert)
  25. Munsterbilzen - Minsters: ielëk op zenen toer ès niks teviël (=elk op zijn beurt zou mooi zijn)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen