Spreekwoorden met `BER`

Zoek

33 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `BER`

  1. aan de zwabBER zijn (=een onbezorgd leventje leiden)
  2. als de BERg niet tot Mohammed komt, zal Mohammed tot de BERg gaan (=genoegen nemen met wat er beschikbaar/mogelijk is)
  3. apen en BERen op de weg zien (=bezwaren zien)
  4. barBERtje moet hangen (=ongeacht of iemand schuldig is moet die gestraft worden)
  5. BERgafwaarts gaan (=het gaat steeds slechter, bijvoorbeeld met iemands gezondheid)
  6. BERgen kunnen verzetten (=veel taken kunnen verrichten; heel veel werk aankunnen)
  7. BERouw komt na de zonde (=als het eenmaal gebeurd is komt pas de berouw)
  8. de BERen zien dansen (=honger hebben)
  9. de BERg heeft een muis gebaard (=ondanks de grote beloften is er vrijwel niets van terecht gekomen)
  10. de haren ten BERge (doen) rijzen (=ergens erg van (doen) schrikken)
  11. een geloof dat BERgen kan verzetten (=een sterk geloof)
  12. een harde dobBER (zijn/worden) (=niet gemakkelijk (zijn/worden))
  13. een naald in een hooiBERg/hooimijt zoeken (=iets zoeken dat bijna niet te vinden is)
  14. een speld in de hooiBERg zoeken (=iets onmogelijks proberen)
  15. een tafeltje welBEReid. (=een plek met veel en goed eten)
  16. er als een BERg tegen opzien (=iets voor zichzelf beschouwen als een zeer moeilijke, of onplezierige, taak of omstandigheid)
  17. eten en drinken is geen BERoep / ambacht. (=werken is noodzakelijk om te kunnen leven.)
  18. geen BERicht is goed BERicht (=als je niet weet hoe het met iets of iemand gaat, kun je ervan uitgaan dat het goed gaat, zolang je geen slecht bericht ontvangt)
  19. gouden BERgen beloven (=heel veel (onmogelijks) beloven)
  20. het laat mij SiBERisch koud (=het interesseert me totaal niet)
  21. iets dat krom is recht proBERen te praten (=met praten proberen een fout iets goeds te laten lijken)
  22. iets te BERde brengen (=een voorstel doen; iets ter sprake brengen)
  23. in een goed blaadje proBERen te komen (=een goede reputatie proberen te verkrijgen)
  24. je taBERnakelen bouwen (=zich vestigen met het doel lang te blijven)
  25. leeuwen en BERen op de weg zien (=bezwaren zien)
  26. op de schobBERdebonk leven (=dakloos zijn en/of bedelend leven)
  27. op je tabbaard/tabBERd zitten (=afranselen)
  28. proBERen is het naaste recht. (=je kunt iets altijd proberen.)
  29. tussen hoop en vrees dobBERen (=hopen dat het goed gaat, maar tegelijkertijd vrezen dat het mis gaat)
  30. van decemBER tot maart is de schol de pan niet waard (=platvis moet je in de zomer eten)
  31. voor geen geld of goede woorden (tot iets BEReid zijn) (=niet bereid zijn tot iets, wat iemand ook ervoor biedt, en welke argumenten iemand ook naar voren brengt)
  32. wilde BERen vertoeven graag bij soortgenoten (=soort zoekt soort)
  33. woorden zijn dwergen, daden zijn BERgen (=woorden doen weinig, daden maken het verschil)

113 betekenissen bevatten `BER`

  1. buiten spel blijven (=(willen) proBERen niet betrokken te zijn)
  2. op de grote trom slaan (=aandacht proBERen te krijgen voor diens zaak)
  3. op jaren komen (=al een zekere leeftijd BEReiken)
  4. het doel heiligt de middelen (=alle middelen zijn toegelaten, zolang het doel maar BEReikt wordt)
  5. al zijn patronen verschieten (=alle mogelijkheden uitproBERen)
  6. een haaienmaag hebben (=alles kunnen verorBERen)
  7. geen middel onbeproefd laten (=alles proBERen om een doel te BEReiken.)
  8. als het huis volbouwd is breekt men de steigers af (=als het doel BEReikt is, vergeet men de helpers)
  9. berouw komt na de zonde (=als het eenmaal gebeurd is komt pas de BERouw)
  10. geen bericht is goed bericht (=als je niet weet hoe het met iets of iemand gaat, kun je ervan uitgaan dat het goed gaat, zolang je geen slecht BERicht ontvangt)
  11. men moet de schapen scheren maar niet villen (=als men uit hebBERigheid de inkomstenbron opoffert heeft men niets meer voor in de toekomst)
  12. maak je borst maar nat (=BEReid je voor op een zware klus (of op veel tegenstand))
  13. op een kratje zitten als dat nodig is (=BEReid zijn om je aan te passen aan minder luxe)
  14. ik wil hogerop, zei de jongen en hij kwam aan de galg. (=BEReik je doel op een eerlijke manier)
  15. bekend staan als de bonte hond met de blauwe staart (=BERucht)
  16. dat is kaviaar voor hen (=dat is onBEReikbaar voor hen)
  17. het sluit als een bus (=de BERedenering klopt)
  18. door het kluisgat aan boord komen (=de lagere rangen doorlopen alvorens bevelhebBER te worden)
  19. alle zeilen bijzetten (=de uiterste best doen om iets toch te BEReiken)
  20. de gestage drup holt de steen (uit) (=door vol te houden wordt uiteindelijk wel het doel BEReikt)
  21. men vangt meer vliegen met honing/stroop dan met azijn (=door vriendelijk te zijn BEReik je meer bij iemand dan met lelijke woorden)
  22. zuinigheid met vlijt, bouwt huizen als kastelen (=door zuinig en ijverig te zijn, kan men veel BEReiken)
  23. doorgaan tot het gaatje (=doorzetten tot het einde is BEReikt)
  24. een Uriasbrief (=een brief waarin een verschrikkelijk BERicht staat)
  25. op stoom komen (=een goed tempo BEReiken)
  26. in een goed blaadje proberen te komen (=een goede reputatie proBERen te verkrijgen)
  27. een heilig huisje (=een herBERg - een (voor de betrokkene) onaantastbare waarheid)
  28. er een gooi naar doen (=een kans wagen of iets proBERen te raden)
  29. aan de rem trekken (=een ontwikkeling proBERen tegen te houden/ waarschuwen dat iets niet goed gaat)
  30. een sprong in het diepe wagen (=een risico nemen en iets nieuws proBERen.)
  31. iemand op de vingers tikken (=een standje geven, BERispen)
  32. een vriendelijk gezicht brengt overal licht (=een vrolijk persoon weet vaak meer te BEReiken dan een nors persoon)
  33. open kaart spelen (=eerlijk zijn, niets verBERgen)
  34. de gek in de mouw dragen (=eigenaardigheden verBERgen voor anderen)
  35. terminus ad quem (=eindpunt van de tijdsBERekening)
  36. ieder huisje heeft een deurtje. (=er is altijd een manier om iets te BEReiken)
  37. je in allerlei bochten wringen (=er op alle mogelijke wijzen proBERen onderuit te geraken)
  38. alle wegen leiden naar Rome (=er zijn veel manieren om je doel te BEReiken / de uitkomst is altijd hetzelfde)
  39. iemand het hemd van het lijf vragen (=erg nieuwsgierig zijn en alles van iemand proBERen te vragen)
  40. aan lager wal geraken (=fortuin verliezen; arm en BERooid worden)
  41. de reis is nog niet ten einde als men kerk en toren herkent (=geef niet op voor het doel geheel is BEReikt)
  42. stad en land aflopen. (=geen moeite sparen om iets te BEReiken)
  43. arbeider in de wijngaard des heren (=geestelijk BERoep (priester,dominee) uitoefenend)
  44. een nieuwe voordeur krijgen (=gezegd bij het BEReiken van een tiende levensjaar, dus 10, 20, 30 etc.)
  45. beslagen ten ijs komen (=goed voorBEReid zijn)
  46. met beslagen paarden op het ijs komen. (=goed voorBEReid zijn voor zijn taak)
  47. de zee is altijd zonder water. (=hebBERige mensen willen altijd meer)
  48. op een strowis komen aandrijven (=helemaal BERooid en arm ergens komen)
  49. de rook kan het hangerijzer niet deren (=het heeft geen zin te proBERen iets dat vast staat te veranderen)
  50. op is de koek, en weg zijn de dubbeltjes (=het maximaal haalbare is BEReikt, meer zit er niet in)

3 dialectgezegden bevatten `BER`

  1. ge moed ier nie van joene bèr kom'm maak'n (=je moet hier je boosheid niet komen ventileren) (Wevelgems)
  2. me BER grolt (=ik heb honger) (Veurns)
  3. van mieg in BER noar driet in BER (=van de regen in de drup) (Twents)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen