Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

7 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `stoppen`

  1. dat kan ik wel in mijn holle kies stoppen (=dat is wel een heel klein beetje)
  2. de stoppen slaan bij hem door (=hij verliest zijn zelfbeheersing)
  3. het ene gat met het andere stoppen (=het slecht beheren van geld door met de ene schuld de andere af te lossen)
  4. iemand iets in de maag splitsen/stoppen (=iemand met iets opzadelen)
  5. iets in de doofpot stoppen (=ergens totaal niet meer over praten, verzwijgen)
  6. iets in zijn holle kies kunnen stoppen (=gezegd van eten : het is de moeite niet, het is te weinig)
  7. onder de (groene) zoden stoppen (=iemand begraven)

12 betekenissen bevatten `stoppen`

  1. in de kiem smoren (=al van bij het begin doen stoppen)
  2. het tij keren (=een ontwikkeling stoppen. Bijvoorbeeld ten aanzien van het toenemen van zinloos geweld. Zie getij)
  3. er een streep onder zetten (=er een eind aan maken, ermee stoppen)
  4. ergens een punt achter zetten (=er voorgoed mee stoppen)
  5. het bijltje erbij neerleggen (=ermee stoppen)
  6. de boel erbij neergooien (=ermee stoppen)
  7. de boeken sluiten (=ermee stoppen - bankroet gaan)
  8. ergens een streep onder zetten (=het stoppen, beëindigen)
  9. beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald (=je kan beter iets voortijdig stoppen dan doorgaan tot het helemaal verkeerd gaat)
  10. de slappe lach hebben/krijgen (=niet kunnen stoppen met lachen)
  11. de schop afkuisen (=stoppen met het werk)
  12. de fiets aan de haak hangen (=stoppen met wielrennen)

Het dialectenwoordenboek kent 14 spreekwoorden met `stoppen`

  1. Veurns: ze schuppe ofkuuschen (=Ermee stoppen)
  2. Iepers: zijn schuppe afkussen (=ermee stoppen)
  3. Zeels: mijne zak afklopp'm (=stoppen met iets te doen)
  4. Zottegems: schuppe afkuisen (=stoppen met werken)
  5. Diems: Hej weleens een aldernaas posje smeer gehad (=Wilt u stoppen met uw storende gedrag)
  6. Veurns: De leeëre optrekk'n (=stoppen)
  7. Munsterbilzen - Minsters: ze sjoeën on de naogel hange (=stoppen met voetballen)
  8. Waregems: zin skipp' ofkoys'n (=stoppen, ermee ophouden)
  9. Achels: tegen nen hoven kunde nie gapen (=ne grote mond stoppen is moeilijk)
  10. Waalwijks: Zammer ies mee uitschaaie (=Zullen we er eens mee stoppen)
  11. Fries: Fan de plysje moast ik stean bliuwe. (=Van de politie moest ik stoppen.)
  12. Zeeuws: Me gaon ons péérd kééren (=We gaan stoppen met werken, we gaan draaien)
  13. Gronings: onner t mous stoppen (=op de kop zitten)
  14. Munsterbilzen - Minsters: aste nie baute rooke kons,gank dan mér baute rooke (=als je kan stoppen met roken,ga je maar buiten roken)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen