Spreekwoorden met `Ennen`

Zoek

17 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `Ennen`

  1. bij het scheiden van de markt leert men de kooplui kEnnen (=iemands ware karakter blijkt pas als het erop aankomt)
  2. de kaart van het land kEnnen (=de omstandigheden kennen)
  3. door en door kEnnen (=precies weten hoe iemand is)
  4. een hEnnentaster (=iemand die zich druk maakt om ongelegde eieren)
  5. geen a voor een b kEnnen (=erg dom zijn)
  6. het klappen van de zweep kEnnen (=precies weten hoe het eraan toegaat, ervaren zijn)
  7. het verschil tussen mijn en dijn niet kEnnen (=stelen)
  8. iemand van haver tot gort kEnnen (=iemands persoonlijkheid helemaal kennen)
  9. in nood leert men zijn vrienden kEnnen (=wanneer men in de problemen zit wordt duidelijk welke vrienden daadwerkelijk iets voor je willen betekenen)
  10. je laten kEnnen (=het (al te vroeg) opgeven)
  11. je niet laten kEnnen (=het niet te vlug opgeven)
  12. je pappenheimers kEnnen (=weten met wie men te maken heeft)
  13. kleur bekEnnen (=voor zijn standpunt uit moeten komen)
  14. nieuwe bezems vegen schoon, maar oude bezems kEnnen alle hoeken en gaten (=nieuwe medewerkers (of: nieuwe leiders) pakken de zaken grondig aan, maar oude medewerkers (of: oude leiders) weten hoe het moet op grond van ervaring)
  15. nood doet zelfs oude vrouwen rEnnen (=een onverwachte situatie kan verrassende kwaliteiten naar boven brengen (vergelijkbaar met `angst geeft vleugels`))
  16. op je duimpje kEnnen (=heel goed kennen, van buiten weten)
  17. te kEnnen geven (=laten verstaan)

24 betekenissen bevatten `Ennen`

  1. dat is het geheim van de smid. (=dat specifieke kennis die alleen vakmensen kEnnen)
  2. de kaart van het land kennen (=de omstandigheden kEnnen)
  3. schrijven en wrijven (=een pEnnenstrijd voeren)
  4. heg noch steg weten (=ergens de omgeving totaal niet kEnnen)
  5. er heg noch steg weten (=ergens de weg niet kEnnen)
  6. er geen been in zien (=geen bezwaar onderkEnnen. Er niet voor terugschrikken)
  7. geen hart in het lijf hebben (=geen greintje medelijden kEnnen)
  8. bij kleine hapjes leert men een hond eten. (=geleidelijk aan kun je zelfs aan onmogelijke dingen wEnnen.)
  9. op je duimpje kennen (=heel goed kEnnen, van buiten weten)
  10. struisvogelpolitiek (=het negeren of ontkEnnen van een probleem in de hoop dat het vanzelf verdwijnt.)
  11. de wijde wereld intrekken (=het verkEnnen van nieuwe plaatsen, ervaringen en mogelijkheden buiten het vertrouwde)
  12. hoe een dubbeltje rollen kan (=hoe iets een onverwacht verloop kan kEnnen)
  13. een zak zout met iemand gegeten hebben (=iemand al lang kEnnen)
  14. in zijn zak hebben (=iemand goed kEnnen, iets helemaal begrijpen, iets voor elkaar hebben)
  15. iemand van haver tot gort kennen (=iemands persoonlijkheid helemaal kEnnen)
  16. van Lillo komen (=je dom houden. Volgens de overlevering vindt dit gezegde zijn oorsprong in het (ontkEnnende) gedrag van de inwoners van Fort Lillo na een aan hen toegeschreven roofoverval op een boerderij te Waarde in 1579)
  17. zelfkennis is het begin van alle wijsheid (=men moet eerst zichzelf kEnnen om verdere kennis te kunnen verwerven)
  18. wat de boer niet kent, dat eet hij niet. (=mensen houden niet van (zijn bang voor) wat ze niet kEnnen.)
  19. op het zondaarsbankje zitten (=schuld bekEnnen)
  20. de fiets aan de haak hangen (=stoppen met wielrEnnen)
  21. koffiedik kijken (=trachten het onbekende te kEnnen (de toekomst))
  22. de vlag voor iemand strijken (=voor iemand onderdoen, zijn meerdere erkEnnen)
  23. het achterste van je tong (niet) laten zien (=zich (niet) meteen laten kEnnen; (n)iets verbergen)
  24. geen knip voor de neus waard zijn (=zijn vak niet kEnnen en er geen verstand van hebben)

20 dialectgezegden bevatten `Ennen`

  1. `Zo kunde Ennen hoeëp stroont nog lekker maken.` (=Als je vindt dat een kok wel erg veel ingrediënten nodig heeft om iets op smaak te brengen zegt men) (Wells)
  2. Dat gèt ien Ennen haolen ta.nd (=Een beetje eten) (Genneps)
  3. énnen affront valle (=in verlegenheid komen) (Munsterbilzen - Minsters)
  4. Ennen dikken boor (='n boer met een grote boerderij) (Horster)
  5. énnen franse klaer sjiete (=woedend worden) (Munsterbilzen - Minsters)
  6. énnen franse kolaer sjiete (=losbarsten in woede) (Bilzers)
  7. énnen proemmevloj koeëme ook wolés kriëmelkes teraeg (=vreemdgaan blijft niet duren) (Bilzers)
  8. Mé.n kumt ter ok wèr Ennen dag (=Neem je tijd) (Genneps)
  9. nen eljen emmer petetten oan énnen buist en da fleus tegen de zitterse steweg (=een ganse emmer aardappelen aan één struik en dat straks tegen de zittaartse steenweg) (Meerhouts (Gestel))
  10. Steenke as Ennen otter (=Erg stinken) (Wells)
  11. Ten Ennen ousem zein (=Helemaal uitgeput zijn) (Bevers)
  12. tès mér ën sjiet ènnen fles (=niets om zich zorgen om te maken) (Munsterbilzen - Minsters)
  13. waaj heiringe ènnen ton (=dicht opéén geplakt) (Munsterbilzen - Minsters)
  14. wat Ennen dojjer (=Wat een onzin) (Genneps)
  15. wat vör Ennen semsemmelemsem (=wat een gezever) (Genneps)
  16. Zich vu.lle as Ennen pri.ns ien de èrpelekuul (=Zich lekker op zijn gemak voelen) (Genneps)
  17. Zó stief as Ennen wisbom (=Stijf als een hark) (Genneps)
  18. zö gèèl as Ennen dojjer (=Erg geel) (Genneps)
  19. Zö krom als Ennen pielenbaog (=Erg krom) (Genneps)
  20. Zö zat as Ennen uul (=Dronken als een ketellaper) (Genneps)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen