stijgen

werkw.
Uitspraak:  [ˈstɛixə(n)]
Vervoegingen:  steeg (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  is gestegen (volt.deelw.)

omhooggaan
Voorbeelden:  `De kust stijgt hier.`,
`De prijzen zijn alweer gestegen.`,
`Huizenkopers hebben een stijgende waardering voor deze wijk.`
Antoniem:  dalen
Synoniem:  zakken

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aangroeien aanwassen aanwinnen aanzwellen bestijgen de hoogte ingaan gedijen groeien groter worden in de lucht omhoogstijgen klimmen omhoog gaan omhoog komen omhoog rijzen omhooggaan omhoogklimmen omhoogkomen omhoogstijgen opgaan opklimmen opkomen opstaan opstijgen opzetten rijzen stijging toenemen vermeerderen verrijzen wassen dalen (antoniem)teruglopen (antoniem)

Spreekwoorden en zegswijzen
• op zijn pegasus stijgen (=een gedicht schrijven)
Naar de spreekwoorden

Taaladvies
  1. Schrijf je rijzen (= omhooggaan) met ei of ij? Zie rijzen / reizen
  2. Schrijf je stijgen met ei of ij? Zie stijgen / steigen


Intensiveringen
Hoe kun je stijgen krachtiger uitdrukken?
schrikbaren stijgen; stijgen als een komeet; stijgen met stip
Uitdrukkingen die stijgen betekenen (waarin het woord zelf niet voorkomt):
de pan uit rijzen;

3 definities op Encyclo
  • •naar boven gaan, toenemen.
  • omhoog gaan vb: het water in de sloot is gestegen de weg stijgt [hij loopt omhoog]
  • omhooggaan Jaar van herkomst: 1100 (Willeram )
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden eindigen op stijgen:
    aanstijgenafstijgenbestijgenontstijgenopstijgenoverstijgen

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    stijgen (omhooggaan; toenemen)