Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

Eén spreekwoord bevat `snik`

  1. niet goed snik zijn (=gek zijn (iemand))

Eén betekenis bevat `snik`

  1. de mussen vallen (dood) van de daken (=het is snikheet)

Het dialectenwoordenboek kent 18 spreekwoorden met `snik`

  1. Sint-Niklaas: in de blakke zon zitten (=in de snikhete middagzon zitten)
  2. Heerlens: inge hui voet hà (=niet goed snik zijn)
  3. Evergems: 'iët dan de kroaën goabm (=snikheet)
  4. Oudenbosch: tissum in z n bovekaomer gesloge (=hij is niet goed snik geworden)
  5. Kanners: dat ès 'nen have gaore (=hij is niet goed snik)
  6. Twents: ie bunt nie wies (=niet goed snik zijn)
  7. Flakkees: De mossen valle doad vant dek (=Het is buiten snikheet)
  8. Maldegems: ge zeu gij zekers nie goe weus! (=jij bent zeker niet goed snik)
  9. Veurns: op z'n oofd èvoll'n zien (=niet goed snik zijn)
  10. Bilzers: ne lauze gêk (=niet goed snik)
  11. Genneps: ow goed wies kapot hebbe (=Niet goed snik zijn)
  12. Roermonds: Dae höbbe ze nao Hael gebrach (=Die is niet goed snik)
  13. Graauws: nie goe snik zijn (=niet goed wijs zijn)
  14. Bilzers: de bés nie heil tau (van snik) (=je ben niet goed bij je verstand)
  15. Zeeuws: hij is niet helemaal sniksnorrig (=hij heeft ze niet allemaal op een rijtje)
  16. Bilzers: de bés nie goed snik; de bés van lotsje getik (=heel gek zijn)
  17. Zottegems: ij zit mee'te snik (=hij heeft de hik)
  18. Achterhoeks: bu'j wa good snik (=ben je wel goed bij je hoofd)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen