Spreekwoorden met `schieten`

Zoek

24 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `schieten`

  1. aan het lijf schieten (=haastig aantrekken (kleding))
  2. al zijn patronen verschieten (=alle mogelijkheden uitproberen)
  3. als paddenstoelen uit de grond schieten (=snel en in grote massa tevoorschijn komen)
  4. de hoofdvogel schieten (=een hoofdprijs winnen, maar vaak ironisch bedoeld. Letterlijk: de hoofdvogel is de hoofdprijs bij het vogelschieten)
  5. een bok schieten (=een grote fout begaan of zich lelijk vergissen)
  6. er is geen rooi mee te schieten (=je kan er niets mee aanvangen)
  7. het hachje erbij inschieten (=zelf sterven aan de gevolgen van een actie)
  8. iemand aanschieten (=iemand aanspreken)
  9. iemand wel kunnen schieten (=zich bijzonder ergeren aan iemand)
  10. in de roos schieten (=het precies goed raden/doen)
  11. je in de eigen voet schieten (=jezelf benadelen)
  12. je kruit op de mussen verschieten (=zijn woorden verspillen)
  13. je pijlen verschieten (=te snel handelen)
  14. je voor de kop schieten (=inzien dat men een grote stommiteit gedaan heeft - zelfmoord plegen)
  15. met een kanon op een mug schieten (=ophef maken om niks / overdreven zware maatregelen nemen)
  16. met los kruit schieten (=schijnbaar streng straffen met een straf die in feite geen nadeel oplevert)
  17. met spek schieten (=overdrijven of opscheppen)
  18. onder iemands duiven schieten (=klanten van een ander overhalen om klant te worden bij jou)
  19. op de pianist schieten (=de onschuldige (de brenger van het nieuws) straffen)
  20. te binnen schieten (=er plots aan denken)
  21. tekortschieten (=iets onvoldoende hebben of kunnen doen)
  22. uit de heup schieten (=een discussie ingaan met een ongenuanceerde argumentatie)
  23. uit zijn slof schieten (=kwaad uitvallen, boos worden)
  24. voor zijn raap schieten (=voor het hoofd schieten)

14 betekenissen bevatten `schieten`

  1. tegen de muur zetten (=doodschieten)
  2. de hoofdvogel schieten (=een hoofdprijs winnen, maar vaak ironisch bedoeld. Letterlijk: de hoofdvogel is de hoofdprijs bij het vogelschieten)
  3. vorderen als een luis op een teerton (=erg moeizaam opschieten)
  4. op goede voet staan met iemand (=goed kunnen opschieten)
  5. in Rome geweest zijn, maar de Paus gemist hebben (=het belangrijkste laten schieten)
  6. de haring over de kop varen (=het doel voorbijschieten)
  7. iemand vol lood pompen (=iemand genadeloos neerschieten)
  8. het uitproesten (=in een plotse lachbui schieten)
  9. op stootgaren liggen (=klaarliggen om in actie te schieten)
  10. van de regen in de drup (=niet veel opschieten, van moeilijke omstandigheden in nog moeilijkere omstandigheden terecht komen)
  11. het paard ruikt de stal (=opschieten om gauw thuis te komen)
  12. in de bres springen (=te hulp schieten)
  13. voor zijn raap schieten (=voor het hoofd schieten)
  14. als een luis op een teerton (=vorderen als een luis op een teerton: niet opschieten)

36 dialectgezegden bevatten `schieten`

  1. dae geet seffës nog wottël sjiete (=als hij nog lang stilstaat / niet werkt gaat hij nog wortel schieten) (Munsterbilzen - Minsters)
  2. den uuftveugel (af) schieten (=een grote flater begaan) (Gents)
  3. e keemel schieëtn (=een bok schieten) (Veurns)
  4. Een kemel schieten (=Een flater begaan) (Evergems)
  5. een schotje voe schieten (=een stokje voor steken) (Zeeuws)
  6. en aap schèèrn (=een bok schieten) (Veurns)
  7. ès weer mè spek ont schieten (=hij is weer aan het overdrijven) (Sint-Niklaas)
  8. Ieman 'n tèèk of 'n vèèr uittrèkke (=iemand onder de duiven schieten) (Genneps)
  9. Iemed onder z'n dauve sjiete (=Onder iemands duiven schieten) (Bilzers)
  10. ien zijn kram schieten (=kwaad worden) (Lommels)
  11. in 't roondeke schieten (=ootjeknikkeren) (Ouwegems)
  12. in de preut schieten (=spelletje met de knikkers) (Schunnebroecks)
  13. in en franse kolijre schieten (=plotseling kwaad maken) (Diesters)
  14. In ou portemanee schieten (=In uw geldbuidel tasten) (Bevers)
  15. in untwien zen rapen schieten (=iemand een hak gezet) (Brugs)
  16. in z'n dull'n schieten (=boos worden) (Zeeuws)
  17. ku’j wel hen gaon en scheet ne kanarie veur 't gat, maor door scheet i-j niks met op (=er niets mee op schieten) (Achterhoeks)
  18. laud èn zen praaj jaoge (='n kogel in zijn lijf schieten) (Munsterbilzen - Minsters)
  19. mè spek schieten (=grootpraat of overdrijven) (Sint-Niklaas)
  20. Melkbusse skieten (=Carbid schieten) (Kampers)
  21. Mit húúve sjete. (WT) (=Kinderspel: Met knikkers schieten) (Mechels (NL))
  22. ne kamiël / kemel schieten (=iets doms zeggen / doen) (Wichels)
  23. ne kemel schieten (=een flater begaan) (Sint-Niklaas)
  24. ne kemel schieten (=iets dom doen) (Aalsters)
  25. onder iemand zijn duiven schieten (=iemand nadeel berokkenen) (Lovendegems)
  26. opte kis vlamme (=op doel schieten) (Munsterbilzen - Minsters)
  27. slengske sjiete (=met een knikker schieten binnen de lijnen van een getekende slang) (Munsterbilzen - Minsters)
  28. t begintj zich te doke, zag de waever (=het begint op te schieten (het doek van de wever vordert gestaag)) (Heitsers)
  29. Tied zat kumt duk te loat (=aansporing om op te schieten) (Genneps)
  30. uit zijn vel schieten (=plots zeer boos zijn) (Lovendegems)
  31. we kunne noe altij nog in detalaoge le-ge (=je hoeft niet bang te zijn om over te schieten) (Oudenbosch)
  32. Wie zien gat uut leent, mot deur de ribben schieten (=Al te goed is buurmans gek) (Giethoorns)
  33. Wie zien gat uutleent mot deur de ribben schietenbben schieten (=Al te goed is buurmans gek) (Giethoorns)
  34. wurtel schieten (=lang moeten wachten) (Sint-Niklaas)
  35. ze bijte allemaol wel as ze brood zien en das tijd genog (=je hoeft niet bang te zijn om over te schieten) (Oudenbosch)
  36. Ze schieten derin en ze miegen derin, en d heeren stippen d brood derin; Hunneg (=Raadsel, Antwoord is Honing) (Oldambsters)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen