Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

12 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `adel`

  1. adel verplicht (=wie in aanzien bij het volk staat, moet ook aan de verwachtingen van het volk voldoen)
  2. arbeid adelt (=van hard te werken word je een nobeler/beter mens)
  3. Een gouden zadel maakt geen ezel tot paard. (=Een mens verandert niet door uiterlijkheden)
  4. iemand in het zadel helpen (=iemand aan een (goede) functie/positie helpen)
  5. iemand uit het zadel lichten (=iemand zijn positie doen verliezen, iemand ontslaan)
  6. iemand uit het zadel werpen (=iemand wegwerken, iemand in verlegenheid brengen)
  7. stevig in het zadel zitten (=machtig zijn, een belangrijke positie hebben)
  8. uit het zadel lichten (=zijn rang of stand of betrekking doen verliezen)
  9. Uit het zadel wippen. (=Ontslaan of uit een functie zetten)
  10. vast in het zadel zitten (=zeker van iemands positie zijn in een organisatie)
  11. Vast in het zadel zitten. (=Een leider die niet makkelijk uit zijn positie te verwijderen is)
  12. weer in het zadel helpen (=helpen om weer door te kunnen gaan)

18 betekenissen bevatten `adel`

  1. het koren van de molen zenden (=de klanten wegjagen - zichzelf benadelen)
  2. een tegenslag (=een onverwacht nadelig feit of voorval)
  3. ergens de angel uittrekken (=ervoor zorgen dat iets minder gevaarlijk wordt door het meest gevaarlijke deel onschadelijk te maken; iets minder pijnlijk maken)
  4. met de linkerhand trouwen (=huwen met een vrouw van lagere adelstand)
  5. iemand de zwartepiet toespelen (=iemand benadelen)
  6. iemand vol lood pompen (=iemand genadeloos neerschieten)
  7. iemand iets in de maag splitsen/stoppen (=iemand met iets opzadelen)
  8. wie vis heeft, moet ook de graat hebben (=je moet ook de nadelen accepteren (geen rozen zonder doornen))
  9. Van een mooie / knappe tafel kun je niet eten. / Van een mooi bord kun je niet eten. (=Knap van uiterlijk heeft ook wel eens nadelen.)
  10. een stok vinden om de hond te slaan (=om maar iemand te kunnen bekritiseren een nadelig punt vinden)
  11. op de hals schuiven (=opzadelen met)
  12. te veel vuur in een stoof doet ze branden (=te veel is schadelijk)
  13. overdaad schaadt (=te veel van iets is schadelijk)
  14. veel koks bederven/verzouten de brij (=te veel verschillende raad volgen kan schadelijk zijn)
  15. de ene kraai pikt de andere de ogen niet uit (=ze benadelen elkaar niet)
  16. zich iets op de hals halen (=zich met een probleem laten opzadelen)
  17. zich in de vingers snijden (=zichzelf (onbedoeld) benadelen)
  18. zich in de eigen voet schieten (=zichzelf benadelen)

Het dialectenwoordenboek kent 2 spreekwoorden met `adel`

  1. Bilzers: wérke adelt, mêr adel wérk nie (=arbeid adelt, maar adel werkt niet)
  2. Utrechts: Die heeft doar de adelaorstraot gelope!! (=Die heeft door de adelaarstraat gelopen)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen