plagen

werkw.
Uitspraak:  [ˈplaxə(n)]
Vervoegingen:  plaagde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft geplaagd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

(iemand) zonder kwaadaardige bedoeling proberen boos te maken
Voorbeeld:  `iemand plagen met zijn rare schoenen`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
foppen jennen koeioneren kwellen kwellingen narren pesten rampen sarren stangen tarten tergen treiteren uitdagen verschrikkingen zieken

6 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bedrijvend werkwoord] [gelijkvloeiend] (ik plaagde, heb geplaagd), kwellen, lastig vallen. *...GER, m. (-s), die kwelt; onderdrukker,...
  2. voor de grap boos proberen te maken vb: mijn broers plagen hun zusje altijd erdoor gehinderd worden vb: hij wordt geplaagd door kiespijn
  3. De biologische sector gebruikt geen chemische bestrijdingsmiddelen om plagen, plantenziekten en onkruid te bestrijden. Deze aanpak heeft voordelen voor het milieu. De bio...
  4. 1) Boos maken 2) Doen lijden 3) Donderen 4) Dreinen 5) Drenzen 6) Dwarsliggen 7) Dwarszitten 8) Folteren 9) Foppen 10) Gemelijk zijn 11) Grieven 12) Hem kwellen 13) Hinde...
  5. Plagen is het op speelse wijze prikkelen van een ander door middel van verbale en fysieke grapjes. Ook kan het plagen wederzijds zijn, en kan men ook een dier plagen. Ve...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op plagen:
sprinkhanenplagen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
plagen (speels kwellen)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `plagen` kennen.