jennen
werkw.
plagen | Voorbeeld: | `Zit me niet zo te jennen, ik heb er schoon genoeg van.` | |
| Synoniemen: | pesten, sarren |
Synoniemen
pesten plagen sarren stangen tarten tergen treiteren uitdagen zieken 9 definities op Encyclo
- Amsterdams woord voor sarren
- (Bargoens, 1914) liegen
- (Amsterdams) opnaaien, sarren
- (Amsterdams) pseudo koper om de handel te stimuleren
- • [ov] pesten, uitdagen.
Toon uitgebreidere definitiesHerkomst volgens etymologiebank.nl
jennen (plagen, treiteren)Taaladvies
- Schrijf je getreiter met ei of ij? Zie getreiter / getrijter
- Schrijf je treiteren met ei of ij? Zie treiteren / trijteren
Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van jennen?
De verleden tijd van jennen is 'jende'. Het voltooid deelwoord is 'heeft gejend'.
Wat betekent jennen?
'plagen'
Hoe spel je jennen?
jennen spel je J E N N E N
Wat is een ander woord voor jennen?
Andere woorden voor jennen zijn pesten, plagen, sarren, stangen, tarten, tergen, treiteren, uitdagen en zieken.Op andere websites
Zoek jennen in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek jennen op
Google
Zoek jennen op
Woordenlijst.org
Zoek jennen in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek jennen op
Wikipedia