het oor

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [or]
Verbuigingen:  oren (meerv.)

1) deel van je hoofd waarmee je kunt horen
Voorbeeld:  `flaporen`
Het gaat het ene oor in en het andere uit.  (wat er gezegd wordt, wordt niet onthouden)
met een half oor luisteren  (niet goed opletten, niet geconcentreerd zijn)
één en al oor zijn  (heel aandachtig luisteren)
iemand een oor aannaaien  (iemand bedriegen)
met je oren staan te klapperen  (heel verbaasd zijn)
met rode oortjes  (opgewonden)

2) handvat waaraan je een stuk servies kunt optillen
Voorbeeld:  `een soepkom met twee oren`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
gehoororgaan handgreep handvat oor van een kopje

Spreekwoorden en zegswijzen
• zitten alsof men een luis in zijn oor heeft (=alsof hij door zijn geweten beschuldigd wordt)
• zijn oor te luisteren leggen (=informeren)
• wie voor het oortje geboren is, zal tot de stuiver niet geraken. (=wie in een lage sociale klasse geboren is, zal niet in een hogere sociale klasse terechtkomen.)
• op een oor na gevild zijn (=bijna in orde zijn)
• met een half oor (=maar half luisterend)
Toon alle 25 spreekwoorden die oor bevatten

Intensiveringen
Hoe kun je met oor een ander begrip versterken?
blozen tot achter je oren; tot over je oren in; tot over je oren in het werk; tot over je oren verliefd; smile van oor tot oor; grijnzen van oor tot oor; de oren van de kop zeuren; de oren van het hoofd vragen; iemand de oren van het hoofd praten; iemand de oren van het hoofd eten; iemand de oren van zijn kop vragen; iemand de oren van zijn kop zagen;

19 definities op Encyclo
  1. gehoororgaan Jaar van herkomst: 701-800 (Lex Salica )
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: o. (-en), zintuig van het gehoor; handvatsel, hengsel (aan verscheidene voorwerpen); vouw in den hoek eener bladzijde; -en, mv. (zeew.)...
  3. elk van de twee organen waarmee je hoort vb: bij het douchen kwam er water in mijn oor ik ben tot over mijn oren verliefd [heel erg dus] het is op een oor na gevild [bijn...
  4. Uit `De lagere vaktalen: Taal der bouwbedrijven` 1914 dat gedeelte van een vensterbank, dat verder in het metselwerk doorloopt.
  5. In grote lijnen komt het vogeloor overeen met dat van andere gewervelde dieren en is het onder te verdelen in een buiten-, midden- en binnenoor. Het buitenoor is eenvoudi...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met oor:
oorbaaroorbeloorbellenoordoordeeloordeeldeoordeeldenoordeelkundigoordeeltoordelaaroordelenoordenoordopoordopjeoordopjesoorgatoorgatbrugoorkondeoorkondenoorkondes
Toon alle woorden die beginnen met oor

Deze woorden eindigen op oor:
aanzien vooradvocatenkantoorafsluiten vooraldoorbak voorbehoeden voorbekoorbereid voorbereken doorbestem voorbestemmen voorbevroorbewerk voorbid voorbijt doorbind voorboeten voorboorborduur doorbreek door
Toon alle woorden die eindigen op oor

Herkomst volgens etymologiebank.nl
oor (gehoororgaan)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `oor` kennen.