aanslepen

werkw.
Uitspraak:  ['anslepə(n)]
Vervoegingen:  sleepte aan (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft aangesleept (volt.deelw.)

1) (van een probleem) te lang zonder oplossing duren
Voorbeelden:  `De verbouwing zal zeker aanslepen tot volgend jaar.`,
`De blessure blijft aanslepen.`
Synoniem:  voortduren

2)
niet aan te slepen zijn  (heel erg goed verkocht worden) `Die goedkope koffie is niet aan te slepen.`

3) (achter iets) op de grond vooruit trekken
Voorbeeld:  `een slee achter een auto aanslepen`

© Kernerman Dictionaries.

2 definities op Encyclo
  • •nader slepen.
  • 1) Aanbrengen 2) Aanzeulen 3) Met moeite aandragen
  • Toon uitgebreidere definities