I de maat

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [mat]
Verbuigingen:  maten (meerv.)

iemand met wie je iets samen doet of met wie je bevriend bent
Voorbeelden:  `met een stel maten naar het café`,
`Mijn maat hield de ladder vast en ik klom naar boven.`
Synoniemen:  makker, kameraad


II de maat

zelfst.naamw. (m./v.)
Verbuigingen:  maten (meerv.)

1) eenheid waarmee je de grootte van iets aangeeft
Voorbeelden:  `schoenmaat`,
`inhoudsmaat`
Synoniem:  afmeting
De maat is vol!  (<dit zeg je als je vindt dat iets moet ophouden>)
in soorten en maten  (allerlei verschillende)

2)
met twee maten meten  (vergelijkbare situaties niet op dezelfde manier beoordelen; onredelijk zijn)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afmeting breedte collega compaan compagnon dimensie eenheid formaat gabber gez gezel grootte hoeveelheid kameraad kameraadje kompaan kornuit maatbeker maatje makker medewerker metrum omvang pal partner ritme spitsbroe teamgenoot voorbeeld vorm vriend vriendje

Spreekwoorden en zegswijzen
• met de maat waarmee gij meet, zal u weder gemeten worden. (=op de manier zoals je een ander behandelt zal je ook zelf behandeld worden)
• iemands maat niet kunnen halen (=aan iemand niet kunnen tippen)
• hoe komt het kalf bij zijn maat (=hoe wonderlijk men elkaar kan ontmoeten)
• geen maat weten te houden. (=onbeheersd doorgaan waarmee ben begonnen is.)
• er blijft veel aan maat en strijkstok hangen (=lang niet alles komt op zijn plaats terecht)
Toon alle 6 spreekwoorden die maat bevatten

24 definities op Encyclo
  1. zie metrum
  2. Hooiland in het Eemland.
  3. Categorie: Egyptisch Maat was de Egyptische godin van waarheid, gerechtigheid en eendracht. Ze was een dochter van de zonnegod Ra en leidde het oordelen van de doden in d...
  4. Egyptische godinnen: Godin van gerechtigheid en eendracht
  5. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (maten), lichamelijke grootte van iets of [iemand] ; hulpmiddel om er mede te meten; vlakte-, lengte-, inhouds-; plan, ontwerp, sche...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met maat:
maatbekermaatbekersmaatblokmaatcilindermaatcilindersmaatgehoudenmaathoudenmaatjemaatkolfmaatlepelmaatloosmaatpakmaatregelmaatregelenmaatregelsmaatsmaatschapmaatschappelijkmaatschappijmaatschappijen
Toon alle woorden die beginnen met maat

Deze woorden eindigen op maat:
automaatchipautomaatdiplomaatformaatgeldautomaatinhoudsmaatkerstomaatklimaatkoffieautomaatkorenmaatlandklimaatmicroklimaatmondjesmaatvoelmaatpapierformaatcupmaatkaartautomaatovermaatwoestijnklimaatparkeerautomaat
Toon alle woorden die eindigen op maat

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. maat (afmeting)
  2. maat (metgezel)
  3. maat = made (weiland)


Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `maat` kennen.