de makker

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ['mɑkər]
Verbuigingen:  makker|s (meerv.)

vriend
Synoniem:  maat

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
compaan compagnon gabber gez gezel kameraad kameraadje kompaan kornuit maat maatje pal spitsbroe tammer vriend vriendje

4 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-s), medgezel, maat, medescholier, speelgenoot, kameraad.
  2. vriend of kameraad vb: mijn makker en ik gaan op vakantie Synoniem: maat
  3. •vriend; kameraad; maat.
  4. 1) Amice 2) Bestemaat 3) Compaan 4) Compagnon 5) Fellow 6) Gabber 7) Gabber (barg.) 8) Genoot 9) Gespeel 10) Gespeel (dichterlijk) 11) Gezel 12) Kameraad 13) Kameraadje 1...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met makker:
makkers

Herkomst volgens etymologiebank.nl
makker (metgezel, kameraad)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `makker`.