I het primaat

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [pri'mat]

wat het belangrijkst is
Voorbeeld:  `Nieuwe politiek: het opleggen van het primaat van de markt in alle publieke sectoren.`


II de primaat

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [pri'mat]
Verbuigingen:  pri|maten (meerv.)

zoogdier waartoe mensen, mensapen en halfapen behoren
Voorbeeld:  `De mens is van alle primaten het meest verwant aan de chimpansee.`

© Kernerman Dictionaries.

11 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling van 1858 primas, Lat., eerste of opperste aartsbisschop van een rijk; ook de waardigheid of het ambt van eenen primaat (het primaatschap). Primae viae, L...
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (...aten), voornaamste aartsbisschop. ~SCHAP, o. (-pen), opperste kerkvoogdij.
  3. Titel van het hoofd van een kerkprovincie (aartsbisschop) of van de hele kerk (de paus). Zie: aartsbisdom, prelaat.
  4. Voorrang boven iets anders of boven al het andere. Vooral bekend uit de filosofie van Kant , die uitgaat van het primaat van de praktische tegenover de theoretische rede...
  5. 1) Aap en halfaap 2) Aartsbisschop 3) Dier 4) Eerste mens 5) Geestelijke 6) Hoofd van een kerkprovincie 7) Hoogontwikkeld zoogdier 8) Kerkvorst 9) Oppergezag 10) Orang-oe...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met primaat:
primaatschap

Herkomst volgens etymologiebank.nl
primaat (titel van aartsbisschoppen en de paus)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 95% van de Nederlanders en 97% van de Vlamingen het woord `primaat`.