13 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `wasse`
- dat kan al het water van de zee niet afwassen (=daar is niets aan te doen - dat kan je niet wegpraten)
- dat varkentje zullen we even wassen (=deze opdracht zullen we even uitvoeren)
- de oren wassen (=duchtig ervan langs geven, de waarheid zeggen)
- een wassen neus zijn (=niets te betekenen hebben)
- er is geen kruid tegen gewassen (=er is niets aan te doen)
- handen wassen (=het toilet bezoeken)
- het varken is op een oor na gevild/gewassen (=het is bijna klaar)
- het varkentje wassen (=een klusje wel even doen)
- iemand de oren wassen (=iemand zeggen wat die fout gedaan heeft)
- je handen in onschuld wassen (=doen alsof men geen schuld heeft)
- plak en gard ontwassen zijn (=ook zonder begeleiding wel kunnen leven)
- tegen de dood is geen kruid gewassen. (=doodgaan is onvermijdelijk)
- uit de kluiten gewassen zijn (=erg stevig en groot zijn)
2 betekenissen bevatten `wasse`
- te groot voor een servet en te klein voor een tafellaken (=geen kind meer, maar nog te jong voor volwassen zaken)
- de baard in de keel hebben (=overgang van kinderstem naar volwassen stem)
23 dialectgezegden bevatten `wasse`
- dae zietët graos wasse èn Zjëruzëlem (=die is helemaal het noorden kwijt) (Munsterbilzen - Minsters)
- dat vêrkë wol ich waol ës wasse (=die smeerlap wil ik wel eens mores leren) (Munsterbilzen - Minsters)
- de heirs ët graos èn Zjeruselem wasse (=je gelooft ook alles wat ze zeggen) (Munsterbilzen - Minsters)
- de heirs et graos wasse èn Zjerusalem (=alles groeit geweldig snel) (Munsterbilzen - Minsters)
- de moes nie aon de blaedsjës zitte te trèkke vër een bloem of plant te doen wasse (=met forceren bereik je niets) (Munsterbilzen - Minsters)
- doë moeste gee graos lette iëver wasse (=die kans mag je niet laten varen) (Bilzers)
- doeër zën broek aut wasse (=fel groeien) (Munsterbilzen - Minsters)
- haaj ich mich mer inne bóks gesjaete, den waas ’t mèt wasse weer good gewaesj (=spijt hebben van iets dat je niet meer goed kunt maken) (Heitsers)
- haand in Pilatus pötje wasse (=zich onttrekken aan de verantwoordelijkheid) (Heezers)
- Hae heurt de peringe neiste in Siberie en zuut 't graas wasse (=Hij is erg gierig) (Sittards)
- het graos zien wasse èn Zjëruzëlem (=het lelijk zitten hebben) (Munsterbilzen - Minsters)
- Ik goan men aaige wasse (=Ik ga mij wassen) (Mols)
- ik gon menaaige wasse (=ik ga mij wassen) (Antwerps)
- Kiek mer wasse duis (=Kijk maar hoe je het klaar krijgt) (Heldens)
- Naa gaon ekik mijn eige wasse (=Nu ga ik me wassen) (Antwerps)
- neet väöl oet de weik wasse (=niet veel uitvoeren) (Heitsers)
- on ne paereboom konste geen appele doen wasse (=hoe ga je een kind beter opvoeden als het niet wil) (Bilzers)
- ter gee graos lotte iëver wasse (=er als de kippen bij zijn) (Munsterbilzen - Minsters)
- waiwoëter (=ni vèr van te dringke of vèr â-j-in te wasse) (Dendermonds)
- wasse waaj de sjampëljoengs (=snel groeien) (Munsterbilzen - Minsters)
- ze wassë mich nie op mënë règ (=wees wat spaarzamer met ons geld) (Munsterbilzen - Minsters)
- ze wasse mich nie op mene rëg (=zo gemakkelijk verdien ik ze niet) (Munsterbilzen - Minsters)
- ze wasse mich nie opte règ (=je moet het geld zomaar niet te grabbel gooien) (Munsterbilzen - Minsters)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen