Eén spreekwoord bevat `vroeger`
- vroeger, toen kraaiden de hanen nog. Tegenwoordig gapen ze alleen nog maar, zei de dove (=veranderingen in een situatie zijn vaak niet feitelijk, maar een subjectieve beleving)
6 betekenissen bevatten `vroeger`
- de vleespotten van Egypte (=een vroegere tijd van grote welvaart)
- bij de vleet (=er is meer dan voldoende van (vleet was vroeger een groot visnet))
- een oud voerman hoort nog graag het klappen van de zweep (=iemand die oud is vindt het fijn te praten over dingen van vroeger)
- in de dagen van olim (=in vroeger dagen)
- door het verleden achtervolgd worden (=problemen of fouten van vroeger blijven invloed hebben.)
- de koe is vergeten dat hij kalf geweest is. (=zeurende ouderen vergeten dat ze vroeger ook wild waren)
50 dialectgezegden bevatten `vroeger`
- 'n proof bringe (=na de slacht werd vroeger een stuk worst of balkenbrij naar de pastoor gebracht) (Weerts)
- 'n verhoal uut de olle deus (=een verhaal van vroeger tijden) (Westerkwartiers)
- Bare binge ( was vroeger repareren van vaatwerk (=Praatje in de buurt) (Berg en Terblijts)
- bie Buze spoten ze vroeher mee ruuk (=bij Buijze spoten ze vroeger met eau de cologne) (Zaamslags)
- dan zijde wir un bietje tuis ee (= () vertrouwd als vroeger) (Oudenbosch)
- das van Zjeezekes tijd (=dat is van vroeger) (Munsterbilzen - Minsters)
- dat kump va' vrogger uut. (=dat komt van vroeger uit.) (Sallands)
- dat plechtte niet te zijn (=dat was vroeger zo niet) (Veusseleirs)
- de goein ouwn tijd (=vroeger) (Berchems)
- De wilde en de tamme (en dan de familienaam). Een notoire asociale familie waren vroeger de wilde Gijssens vs de nette tak: de tamme Gijssens (=Crminele vs aardige/sociale familie met zelfde achternaam uit 1 stamboom.) (Utrechts)
- det kump van vrogger uut. (=dat komt van vroeger uit.) (Sallands)
- Dieë goenk vrieger rond bè tappèète (=Hij was vroeger leurder) (Hasselts)
- diejis op zun retoer (=niet meer de prestaties van vroeger kunnen leveren) (Oudenbosch)
- eintervertie (=Invertsuikerafdeling van de Tiense Suikerraffinaderij, vroeger (jaren 50-60) gevestigd in de Pastorijstraat waar thans de gebouwen van de beschermende werkplaats Planckendaele zich bevinden) (Tiens)
- én den tijd datte beiste koste kalle (=vroeger) (Munsterbilzen - Minsters)
- én Minster lik ook e graut gestich, e gekkehaus nieme ze dat nog per abuis, mér de echte gekken loope nog vraaj rond ént dürp (=Het St Jozefsinstituut herbergt heel wat mensen die geestelijke verzorging nodig hebben, vroeger gekken genoemd, maar die lopen er genoeg los in het dorp zelf) (Munsterbilzen - Minsters)
- gaile zet zeikest van de vosseplaain (alias de Basteleusstraat waar vroeger veel bewoners van de Brussels oude markt kwamen wonen) (=dat zijn bedriegers, leugenaars) (Zuuns)
- goan noyen, ze goat goan noyen (wat wil zeggen ze gaan nood klagen). (=iemand die een overledene vroeger aflegde en het overlijden van deur tot deur ging vertellen (bv Leonie Dedeyne destijds)) (Maldegems)
- hij / zij is niet in duh wieg gesmoord (smoren is het oude woord voor verstikken (bijv door een kussen) vroeger werden door moeders in paniek dat ze weer een kind zouden moeten grootbrengen de baby gesmoord .. soms het ondergeshoven kindje (onder het bed der ouders) Heel triest.. het gebeurde wel (=hij / zij is erg oud geworden) (Utrechts)
- iemand kennen van oanziens (=iemand kennen van vroeger) (Sint-Niklaas)
- in 't noajoar beginnen de doagen te kurten (=vanaf de herfst wordt het elke dag iets vroeger donker) (Sint-Niklaas)
- in den taaid van de blieke blaa patate, in den taaid va de cinema stoestil. (=vroeger) (Brussels)
- kabbeljaa (=vroeger te kuëp in de vissemain) (Dendermonds)
- machineke fiks (=waterreservoir aan de Viaductstraat waar vroeger de stoomlocomotieven zich van water voorzagen. De plaats werd ook illegaal als zwembad gebruikt) (Tiens)
- niks nijs onner de zun (=wat vroeger zo was, is nu nog net zo) (Westerkwartiers)
- Op de pof leven / op de lat / ze kopen alles op de lat. ( vroeger werd je rekening met krijt op een lat geschreven met je naam erbij (bij de winkeliers) (=Alles kopen op afbetaling / schulden maken voor je dagelijks bestaan) (Utrechts)
- Ozze Pa werkte vruuger inne put. (=Mijn vader werkte vroeger in de koolmijn) (Beverloos )
- platvoete (=vroeger gèltsj wèirt vèr 't léiger) (Dendermonds)
- ressèpse (=vroeger op 't staouis d'iën achter d'ander) (Dendermonds)
- Rostn ej in de stront geblauzn dan (=vroeger vroeg men spottend aan een roodharig kind:) (Maldegems )
- un schôon gebröök van jaore hèr (=een mooi gebruik van vroeger) (Tilburgs)
- van den aaën têjt (=van vroeger) (Kaprijks)
- van den aave ieëd zaën (=zoals vroeger handelen) (Winksels)
- verliën (=vroeger mannelaik èigenschap, naa-j-is't anderzom) (Dendermonds)
- veur later is vandaag vreuger (=voor later is vandaag vroeger) (Kinroois)
- Vreuger waas neet alles wiej ' t vreuger waas! (=vroeger was niet alles lijk het vroeger was!) (Kinroois)
- vroeger assie [x], dan was je-n-al 'n heul ventje. (=vroeger als je [x], dan had je het al goed gedaan.) (Bollenstreeks)
- vroeger kraaid'n de hoan'n, zee dove Joap, nou doen ze allenneg de bek nog mor oop'm (=van een pessimist :) (Westerkwartiers)
- vroegr amn espe, nu ollièène nog tbièèn (=vroeger waren we rijk en nu arm) (Lichtervelds)
- Vroeguh was alles betuh (=vroeger was alles beter) (Utrechts)
- vroeher aan de kinders snotneuzen noe en de snotneuzen kinders (=vroeger) (Zeeuws)
- Vrogger zaatn de brommers op de proem'm en now de proem'n op de brommers (wief op 'n solex) (=vroeger zaten de brommers op de pruimen en nu de pruimen op de brommer) (Sallands)
- Vrogger zaatn de brommers op de proem'm en now zit de proem'm op de brommers (olde wieven op solexen) (=vroeger zaten de brommers op de pruimen en nu de pruimen op de brommers) (Lutters)
- vrogger... toe God nog Gait hiettn en kissies bier va holt waarn. (=wanneer men over vroeger praat:) (Vechtdals)
- Vruger konde precies dùije wor iemes vandàn kwam. Dè gi host niemir. (=vroeger kon je exact duiden waar iemand vandaan kwam. Dat lukt bijna niet meer.) (Valkenswaards)
- vrugger in Heusde , konder brüt gun koepe bè de smeet en pinte gun pakke bè de bèkker (=vroeger in Heusden, kon je brood gaan halen bij de smid en pinten gaan pakken bij de bakker) (Heusdens)
- Vruuger hadde de kindere snotneuze, naa hemme de snotneuze kindere (=vroeger hadden de kinderen snotneuzen, nu hebben de snotneuzen kinderen) (Sint-Katelijne-Waver)
- vur un goej en lèkker mènneke gonge de mèskes vruuger ter bèèvert naor ut Meuleschots, St. Anneke's kepèlleke. (=Om aan de man te komen gingen vroeger (maar ook nu nog) de dames op bedevaart naar het Sinte Anna's kapelleke te Molenschot) (Tilburgs)
- waaj èn de aa daog (=zoals vroeger) (Bilzers)
- wèlle spelde vreuger bè de mais oep de braai van't kottegoar. (=wij speelden vroeger met de knikkers op de stoep van het politiebureel.) (Tiens)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen