32 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `drag`
- de appel wegdragen/winnen (=als schoonste erkend worden)
- de dag met manden uitdragen (=tijd verdoen)
- de drager kan het beste zeggen waar de schoen wringt (=degene die een probleem heeft, kan de kern van dit probleem vaak het scherpste benoemen)
- de gek in de mouw dragen (=eigenaardigheden verbergen voor anderen)
- de jongste ezel moet het pak dragen (=de jongste moet de vervelende klusjes opknappen)
- de palm wegdragen (=winnen)
- een goed begin heeft een goed behagen maar het eindje zal de last dragen (=goed beginnen is prima, maar je moet volhouden tot het einde)
- een goed hart toedragen (=goed kunnen verdragen)
- een schop van een ezel kunnen verdragen (=je moet het aankunnen dat iemand zonder verstand van zaken kritiek geeft)
- het daglicht niet kunnen verdragen/zien (=iets wordt stiekem of oneerlijk gedaan)
- het eind zal de last dragen (=moeilijkheden en problemen komen vooral als het werk bijna af is)
- het hart hoog dragen (=erg trots zijn)
- het hart op de tong dragen (=direct zeggen wat iemand denkt, ongeacht of dat slim is of niet)
- het kainsmerk aan zijn voorhoofd dragen (=het is op zijn gezicht te lezen dat hij een schurk is)
- het zijn niet al ridders die sporen dragen (=je kunt niet alleen aan iemands uiterlijk afleiden of hij ergens geschikt voor is)
- het zijn niet allen koks die lange messen dragen (=schijn bedriegt, je kunt je in mensen vergissen)
- het zijn niet allen monniken die kappen dragen (=schijn bedriegt, je kunt je in mensen vergissen)
- het zijn sterke benen die de weelde kunnen dragen (=wie in weelde leeft moet oppassen om niet op het slechte pad te raken)
- ieder moet zijn eigen kruis dragen (=ieder moet zijn eigen tegenslagen verwerken)
- iedereen moet zijn last dragen (=ieder heeft zijn problemen)
- iemand een warm hart toedragen (=iemand steunen)
- iemand op handen dragen (=grote bewondering hebben voor iemand)
- kolen naar Newcastle dragen (=nutteloos werk verrichten)
- meer laden dan men dragen kan (=te veel hooi op zijn vork nemen)
- meisjes die bloemen dragen, mag je kussen zonder te vragen (=een aanmoediging om meisjes met bloemen te kussen)
- oogkleppen dragen (=iets niet (willen) zien)
- uilen naar Athene dragen (=nutteloos werk verrichten)
- voorbij de schout zijn deur mogen dragen (=wel gezien mogen worden)
- water in de zee dragen (=iets totaal zinloos doen)
- water naar de zee dragen (=een zinloos karwei opknappen)
- zich gedragen als een baars (=zeer onhandig zijn)
- zweten als een aandrager (=overmatig zweten)
60 betekenissen bevatten `drag`
- wie zijn billen brandt, moet op de blaren zitten (=als je iets doms doet, moet je de gevolgen dragen (liefst zonder klagen))
- gedeelde smart is halve smart (=als je over problemen praat, dan kan je het makkelijker verwerken / door de problemen/ellende van een ander is het gemakkelijker de eigen problemen/ellende te dragen)
- de liefde kan niet van één kant komen (=als je samen iets doet zal ieder moeten bijdragen)
- dat zet geen zoden aan de dijk (=dat is geen bijdrage van serieuze betekenis)
- aan de rand van het ravijn bloeien de mooiste bloemen (=de beste resultaten dragen tegelijkertijd de grootste risico`s)
- voor iets moeten bloeden (=de gevolgen moeten dragen)
- buurmans leed troost (=door het verdriet of de pijn van een ander kun je je eigen verdriet en pijn beter verdragen)
- met gesloten beurs betalen (=door middel van een wederzijdse schuld het bedrag verrekenen)
- alleen een piepend wiel krijgt olie (=door zich opvallend te gedragen bekomt men aandacht)
- een loodje in het zakje doen (=een kleine bijdrage leveren)
- een duit in het zakje doen (=een kleine bijdrage leveren. (Historisch: de kleinst mogelijke gave in het collectezakje van de kerk).)
- gewicht in de schaal leggen (=een wezenlijk deel bijdragen)
- een druppel op een gloeiende plaat (=een zeer kleine bijdrage aan iets groters)
- water en vuur zijn (=elkaar niet kunnen verdragen)
- mogen lijden (=er wel tegen kunnen - iemand wel kunnen verdragen)
- er een streepje door lopen (=erg vreemd zijn/gedragen)
- in de hand werken (=ertoe bijdragen)
- als een blad van een boom veranderen/omkeren (=geheel anders gaan gedragen)
- je ziel in lijdzaamheid bezitten (=gelaten het ongelijk verdragen)
- een goed hart toedragen (=goed kunnen verdragen)
- beter blode Jan dan dode Jan (=het is beter zich laf blood te gedragen, dan te sterven, dood te zijn)
- de broodkruimels steken hem (=hij kan de welstand niet dragen)
- boontje komt om zijn loontje (=hij krijgt wat hij verdient, de gevolgen zal iemand altijd wel een keer moeten gaan dragen)
- iemand het licht in de ogen niet gunnen (=iemand absoluut niet kunnen verdragen)
- het zwarte schaap van de familie (=iemand die een beetje buiten de familie staat qua gedrag)
- het op iemand begrepen hebben (=iemand goed kunnen verdragen / iemand is altijd de pineut)
- iemand de wet stellen (=iemand iets opdragen te doen)
- liever iemand zijn hielen zien dan zijn tenen (=iemand niet goed kunnen verdragen)
- iets tegen iemand hebben (=iemand niet goed kunnen verdragen)
- het niet op iemand hebben (=iemand niet goed kunnen verdragen)
- een hard gelag zijn (=iets is moeilijk te dragen)
- de zon niet in het water kunnen zien schijnen (=jaloers zijn, iets niet kunnen verdragen)
- van Lillo komen (=je dom houden. Volgens de overlevering vindt dit gezegde zijn oorsprong in het (ontkennende) gedrag van de inwoners van Fort Lillo na een aan hen toegeschreven roofoverval op een boerderij te Waarde in 1579)
- je kent een vogel aan zijn veren (=je kent de mens aan zijn gedragingen)
- de zon in het water kunnen zien schijnen (=kunnen verdragen dat een ander ook iets krijgt)
- overweg kunnen (=kunnen verdragen, aankunnen)
- zo de heer, zo de knecht (=medewerkers gedragen zich net zoals hun leidinggevende)
- zo de abt, zo de monniken (=medewerkers gedragen zich net zoals hun leidinggevende)
- wie tapt die moet boren (=men moet de gevolgen van zijn handelen dragen)
- horzels steken niet en hommels doden niet. (=mensen met een grote mond dragen het minste bij)
- het niet verzien hebben op (=niet goed kunnen verdragen)
- liever van achteren zien dan van voren (=niet goed kunnen verdragen)
- geen zoden aan de dijk brengen/zetten (=niets bijdragen tot)
- het licht in de ogen niet gunnen (=niets gunnen, er niets van kunnen verdragen)
- alle beetjes helpen (=ook kleine dingen dragen bij aan het grote geheel)
- de oude Adam afleggen. (=slechte gewoonten of gedrag achterlaten om positieve veranderingen aan te brengen.)
- ongegund brood wordt veel gegeten. (=vaak kan men het niet verdragen dat het een ander beter gaat.)
- gevleugelde woorden (=veel gebruikte en breed gedragen uitspraken)
- brede schouders hebben (=veel kunnen verdragen)
- een olifantshuid hebben (=veel kunnen verdragen)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen