Spreekwoorden met `eb`

Zoek

4 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten ` eb`

  1. `t Mag vloeien, `t mag ebben. Die niet waagt zal `t niet hebben (=je moet niet denken als je niets onderneemt dat ze het dan bij je thuis komen bezorgen)
  2. dat komt als eb en vloed. (=het komt en gaat, het wisselt)
  3. koopmans goed, is eb en vloed. (=ondernemers hebben te maken met goede ne slechte tijden)
  4. werelds goed is eb en vloed (=aardse goederen komen en gaan)

543 betekenissen bevatten `eb`

  1. een groentje zijn (=(ook: Groen als gras zijn. ) Ergens nog geen ervaring mee hebben)
  2. het licht zien (=1: begrijpen wat men daarvoor nog niet begreep 2: geboren worden, ontstaan)
  3. as is verbrande turf (=aan een belofte (as = als) heb je niets)
  4. aan de veren kent men de vogel (=aan het uiterlijk (verzorging/kleding) kun je zien met wat voor iemand je te maken hebt)
  5. het land aan iets hebben (=aan iets een hekel hebben)
  6. een kleine aardappel moet je niet schillen (=aan mensen die weinig geld hebben, moet je niet veel geld vragen)
  7. van een mooi bord kun je niet eten (=aan uiterlijk alleen heb je niets)
  8. verandering van weide doet de koeien goed. (=afwisseling en verandering positieve effecten kunnen hebben)
  9. voor heter vuren gestaan hebben (=al groter problemen gekend hebben)
  10. vragen kost geen geld (=al heb je weinig kans, je kan het in elk geval maar vragen)
  11. kunnen lezen en schrijven (=al lange tijd goede diensten bewezen hebben)
  12. gepokt en gemazeld zijn (=al veel ervaring hebben)
  13. een glaasje op hebben (=alcohol te hebben genuttigd)
  14. het gelag betalen (=alle kosten moeten betalen terwijl ook anderen er schuld aan hebben)
  15. de Mammon dienen (=alleen maar belangstelling hebben voor geld)
  16. lief en leed delen (=allerlei plezierige en droevige dingen met elkaar beleefd hebben)
  17. have en goed (verliezen) (=alles wat je hebt (verliezen))
  18. berouw komt na de zonde (=als het eenmaal gebeurd is komt pas de berouw)
  19. genoeg voor een heel weeshuis. (=als je ergens heel veel van hebt)
  20. wie niet wil, die niet zal (=als je geen interesse hebt, moet je er ook geen deel van uitmaken)
  21. wie appelen vaart, die appelen eet (=als je handelt in bepaalde goederen, dan zul je deze zelf waarschijnlijk ook gebruiken. / Iemand die bepaalde werkzaamheden voor een ander moet verrichten, geniet daar doorgaans zelf ook van)
  22. een spiering is vis als er anders niet is (=als je honger hebt, ben je niet kieskeurig / bij gebrek aan beter)
  23. belofte maakt schuld (=als je iets beloofd hebt moet je dat ook nakomen)
  24. ongevraagd, ongeweigerd (=als je iets doet waarvoor geen toestemming is gevraagd kan het achteraf niet meer geweigerd worden omdat het al gebeurd is)
  25. een man een man, een woord een woord (=als je iets hebt beloofd, dan moet je je daar ook aan houden)
  26. van uitstel komt afstel (=als je iets niet meteen doet, loop je het risico dat het nooit meer gebeurt)
  27. hoop doet leven (=als je kan hopen op betere tijden, dan krijg je toch weer levenslust / zo lang je nog hoop hebt zijn er ook nog mogelijkheden)
  28. wie een hond wil slaan, vindt altijd wel een stok (=als je kritiek wil hebben op iemand, vind je altijd wel een reden)
  29. een geplaveide weg is des duivels oorkussen (=als je niets doet en lui bent, doe je ook niks goeds / mensen die zich vervelen omdat ze niets te doen hebben, kunnen tot de slechts dingen komen daardoor)
  30. wie gekheid zaait zal dwaasheid oogsten. (=als je ongebruikelijke dingen doet krijg je ook ongebruikelijke resultaten)
  31. men moet de schapen scheren maar niet villen (=als men uit hebberigheid de inkomstenbron opoffert heeft men niets meer voor in de toekomst)
  32. in zijn achterhoofd hebben (=als reserve klaar hebben)
  33. haar wil is wet (=als wat zij wil niet gebeurt, dan ontstaan er grote conflicten)
  34. onder een gelukkig gesternte geboren zijn (=altijd voorspoed hebben en gelukkig zijn)
  35. op de magerste paarden bijten de dazen. (=arme mensen hebben vaak pech)
  36. in de rats zitten (=bang zijn of angst hebben / in de problemen zitten)
  37. waar twee kijven hebben twee schuld (=beide personen hebben schuld als ze ruzie met elkaar maken)
  38. aan het laatje zitten (=bij de bron zitten / geld hebben)
  39. bij gebrek aan brood eet men korstjes van pasteien (=bij gebrek aan het goedkope, het dure gebruiken)
  40. in februari klagen de boeren het minst. (=boeren klagen altijd maar februari heeft de minste dagen om in te klagen (grapje))
  41. voeling hebben (=contact hebben)
  42. daar geboren en getogen (=daar geboren en opgegroeid)
  43. daar geeft de lommerd geen geld op (=daar heb ik niets aan - dat geloof ik niet)
  44. dat kan het paard niet trekken. (=daar heb ik onvoldoende geld voor)
  45. dat zal hem geen windeieren hebben gelegd (=daar zal hij wel veel geld mee verdiend hebben)
  46. dat staat op de agenda (=dat gaat nog gebeuren; dat gaat nog besproken worden)
  47. dat gaat zo tussen neus en mond (=dat gebeurt in een verloren ogenblik)
  48. dat gebeurt pas als de Paus een geus wordt (=dat gebeurt nooit)
  49. dat mag met een krijtje aan de balk (=dat is een ongewone gebeurtenis)
  50. dat is een ver-van-mijn-bedshow (=dat is iets waar ik me helemaal niet mee bezighoud; dat is iets dat op grote afstand van hier gebeurt)

16 dialectgezegden bevatten `eb`

  1. 'k eb gin zin. (=Ik heb geen zin.) (Roosendaals)
  2. Ik eb em nog gekenne (=Ik heb hem nog gekend) (Houtens)
  3. Ik eb me buk ut de kreuk egeten! (=Ik heb genoeg gegeten.) (Schevenings)
  4. In Attem eb ze een untien in een ukkien met wat eui d'rin (=In Hattem kunnen ze de H niet zeggen) (Epers)
  5. ja dan eb ik niks gezeed or (=hou mij ten goede als ik mij vergist heb) (Oudenbosch)
  6. Tis aont afghaon (=Het wordt eb) (Hulsters (NL))
  7. Trek e niet zo eb ie niet (=Uit alle macht trekken) (Giethoorns)
  8. Trek ie niet ,zo eb ie niet (=Uit alle macht trekken) (Giethoorns)
  9. Trek ie niet zo eb ie niet (=Uit alle macht trekken) (Giethoorns)
  10. V.ieg ie niet zo eb ie niet (=Heel hard rennen) (Giethoorns)
  11. viël beloëve eb weineg gaeve, deed de gekke èn vriëgde laeve (=belofte maakt schuld) (Munsterbilzen - Minsters)
  12. Vlieg ie niet zo eb ie niet (=Heel hard rennen) (Giethoorns)
  13. Vlieg ie niet, zo eb ie niet (=Heel hard rennen) (Giethoorns)
  14. Vlieg ie niet, zo eb ie niet (=Een druk iemand) (Giethoorns)
  15. Vlieg ie niet,zo eb ie niet (=Heel hard rennen) (Giethoorns)
  16. Wat eb ie onder deur (=Waar ben je mee bezig) (Giethoorns)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen