209 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `ev`
- liever lui dan moe (=liever niet werken, het liever aan anderen overlaten)
- liever te dik in de kist dan een feestje gemist (=plezier hebben is belangrijker dan lang leven)
- liever van achteren zien dan van voren (=niet goed kunnen verdragen)
- liever vrij en geen eten dan een volle buik aan een ijzeren keten. (=vrijheid is een hoger goed dan materiële welvaart.)
- lieverkoekjes worden hier niet gebakken (=zin of geen zin, je moet het doen)
- long en lever verteren (=alles opmaken)
- lopen als een kievit (=erg gemakkelijk en vlug lopen)
- men zou hem een aalmoes geven (=hij ziet er armoedig uit)
- met het leven afrekenen (=sterven)
- met onbevaren volk is het slecht zeilen (=met onervaren mensen is het moeilijk werken)
- mijl op zeven zijn (=een grote omweg zijn)
- morgen des levens (=de jeugd)
- naar de heilige graal streven (=iets willen bereiken wat niet te bereiken is)
- nattevingerwerk zijn / Met de natte vinger doen (=onnauwkeurig, overhaast of zonder de geschikte methode of middelen uitgevoerd werk)
- niet bij brood alleen leven (=men heeft meer nodig dan alleen eten om te kunnen leven)
- niet goed bij zijn positieven zijn (=niet op zijn gemak zijn, een beetje ziek zijn)
- niet op je achterhoofd gevallen zijn (=hij is behoorlijk slim; hij heeft iets wel in de gaten)
- niet op zijn mondje gevallen zijn (=precies duidelijk maken hoe iemand over iets denkt)
- niet thuis geven (=het verwachtingspatroon niet kunnen nakomen)
- niet van de wind kunnen leven (=moeten werken om alles te kunnen betalen)
- ongevraagd, ongeweigerd (=als je iets doet waarvoor geen toestemming is gevraagd kan het achteraf niet meer geweigerd worden omdat het al gebeurd is)
- onze Lieve Heer heeft vreemde kostgangers (=er bestaan nu eenmaal merkwaardige mensen)
- onze lieve heer is aan het kegelen (=het onweert)
- op de schobberdebonk leven (=dakloos zijn en/of bedelend leven)
- op een oor na gevild zijn (=bijna in orde zijn)
- op grote voet leven (=veel geld uitgeven)
- op het veld van eer gevallen (=eervol gesneuveld)
- op je zenuwen leven (=bijna overspannen geraken)
- op voet van oorlog zijn/leven (=erge ruzie hebben)
- opzitten en pootjes geven (=zich onderwerpen aan een verplicht gesprek)
- schreeuwen of men levend gevild wordt (=heel hard schreeuwen)
- stevig in het zadel zitten (=machtig zijn, een belangrijke positie hebben)
- stevig in je schoenen staan (=erg zeker zijn)
- te kennen geven (=laten verstaan)
- te weinig om te leven en te veel om te sterven (=een te kleine aalmoes)
- tegenspel bieden/geven (=tegenstand bieden)
- tekst en uitleg geven (=verantwoording afleggen)
- troeven achter de hand houden (=iets voordeligs achterhouden, informatie achterhouden)
- tussen hoop en vrees zweven (=hopen dat het goed gaat, maar tegelijkertijd vrezen dat het mis gaat)
- uit een olievat zal men geen wijn tappen. (=verwacht geen goede dingen van slechte mensen)
- van de hand in de tand leven (=zo gauw iets verdiend is het meteen weer uitgeven zonder zorgen over later)
- van hoop alleen kan men niet leven. (=hoop is belangrijk maar niet voldoende om te slagen in het leven)
- van huis en haard verdreven (=dakloos zijn)
- van je paard gevallen zijn (=een positie verliezen)
- van likmevestje (=van weinig waarde, waardeloos)
- veel beloven en weinig geven, doet de gek in vreugde leven (=veel mensen zijn al blij met een belofte en geloven alles)
- vissen hebben een goed leven (=het gelag niet betalen)
- vol gas geven (=het zo snel mogelijk doen verlopen)
- voor halve vracht meevaren (=weinig gewaardeerd worden)
- waar de boom gevallen is, blijft hij liggen (=gedane zaken nemen geen keer)
513 betekenissen bevatten `ev`
- vuur en vlam spuwen (=erg hevig uitvaren)
- een gezicht als een oorwurm trekken (=erg ontevreden kijken (omdat er bijv. iets gedaan moet worden))
- in vuur en vlam staan (=erg opgewonden zijn / hevig branden)
- uit de kluiten gewassen zijn (=erg stevig en groot zijn)
- in zijn sas zijn (=erg tevreden met iets zijn of plezier met iets hebben)
- goed en bloed voor iets offeren (=ergens alles voor over hebben (goed=bezittingen, bloed=het leven))
- de kraag kosten (=ergens bij om het leven komen)
- heg noch steg weten (=ergens de omgeving totaal niet kennen)
- iets links laten liggen (=ergens geen aandacht aan geven)
- iets ertegenaan gooien (=ergens geld aan uitgeven)
- lont ruiken (=ergens het vermoeden toe hebben / het gevaar tijdig aanvoelen)
- er de angel uittrekken (=ervoor zorgen dat iets minder gevaarlijk wordt door het meest gevaarlijke deel onschadelijk te maken; iets minder pijnlijk maken)
- eten en drinken houdt lijf en ziel bijeen. (=eten en drinken blijven levensbehoeften.)
- een luchtje happen (=even buiten gaan wandelen)
- een luchtje scheppen (=even buiten gaan wandelen)
- met hetzelfde sop overgoten (=even goed of slecht)
- aan de ene voet een schoen, de ander blootvoets (=evenwicht is voornaamst)
- getelde schapen lopen het hok uit. (=exact alles van tevoren weten)
- een tandje bijzetten (=extra inspanning leveren. (de gashendel een tand verschuiven))
- het hoofd boven water houden (=financieel rondkomen, juist genoeg geld hebben om te kunnen leven)
- een vaantje strijken (=flauw vallen, sterven, het opgeven)
- jezelf tegenkomen (=geconfronteerd worden met de gevolgen van je eigen acties.)
- je de wet niet voor laten schrijven (=geen bevelen accepteren van een ander)
- geen been hebben om op te staan (=geen enkele verantwoording kunnen geven)
- beurs op de knip / Hand op de knip (=geen geld (meer) uitgeven)
- geen kou aan de lucht (=geen gevaar)
- uit de kleine kinderen zijn (=geen kleine kinderen meer hoeven opvoeden)
- in de piepzak zitten (=geen oplossing weten, Bang zijn voor de gevolgen)
- eten uit de korf zonder zorg (=geen zorgen meer hebben over zijn levensonderhoud)
- aan elkaar knopen (=gegevens samenvoegen)
- leven als een oester (=geheel van de wereld afgezonderd leven)
- binnenskamers gebleven (=geheim gebleven)
- goed geld naar kwaad geld gooien (=geld ergens insteken waarvan bekend is dat het verlies oplevert)
- een gat in zijn hand hebben (=geld te gemakkelijk uitgeven)
- een gek en zijn geld blijven nooit lang bij elkaar (=geld uitgeven aan nutteloze en onnodige dingen)
- het is licht dansen op andermans vloer. (=geld van anderen uitgeven is makkelijk.)
- geld over de balk gooien (of smijten) (=geld verspillen, zonder nadenken uitgeven)
- geluk is de kunst een boeket te maken van de bloemen waar je bij kunt (=gelukkig leven met de gegeven mogelijkheden/beperkingen)
- je koetjes op het droge hebben (=genoeg (geld) hebben voor de rest van het leven)
- in goede dorpen zijn/geraken (=genoeg verdiend hebben om niet meer te hoeven werken)
- hoog spel spelen (=gevaarlijk spel spelen, veel inzetten)
- de bak indraaien (=gevangen genomen worden)
- fijnbesnaard (=gevoelig)
- arbeid is voor de dommen. (=gezegd als je liever op twijfelachtige wijze geld verdient dan op een eerlijk manier)
- een nieuwe voordeur krijgen (=gezegd bij het bereiken van een tiende levensjaar, dus 10, 20, 30 etc.)
- als de rechte Adam komt gaat Eva mee (=gezegd van `n meisje dat liever niet wil trouwen)
- het regent bakstenen (=gezegd van een hevige hagelbui)
- men wordt wel door een mestkar maar niet door een rijtuig overreden (=goed opgevoede mensen beledigen anderen minder)
- je zegel aan iets hechten (=goedkeuring of toestemming ergens aan geven)
- een Homerisch gelach (=harde en gemene lach om het ongeluk, de mislukking of de handicap van tegenstrevers.)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen