Spreekwoorden met `len`

Zoek


435 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `len`

  1. een fluwelen tong hebben (=met gladde woorden mensen kunnen overtuigen)
  2. een frisse neus halen (=naar buiten gaan)
  3. een gehuurd paard en eigen sporen maken korte mijlen (=eigen bezit beschadigt men minder dan gekregen of gehuurd bezit)
  4. een gehuurd paard en eigen sporen maken korte mijlen. (=men is geneigd andermans spullen te misbruiken)
  5. een klap van de molen (beet) hebben (=niet goed bij het verstand zijn)
  6. een klap van de molen gekregen hebben (=niet goed meer bij verstand zijn)
  7. een kleine aardappel moet je niet schillen (=aan mensen die weinig geld hebben, moet je niet veel geld vragen)
  8. een oud paard van stal halen. (=oude argumenten opnieuw gebruiken)
  9. een paar mensen optrommelen (=een paar mensen laten komen)
  10. een put maken om een andere te vullen (=met de ene lening de vorige afbetalen)
  11. een Pyrrhusoverwinning behalen (=winnen wat zoveel heeft gekost dat je de volgende ronde niet meer aan kan)
  12. een rollende steen vergaart geen mos. (=voortdurende verandering werpen vaak geen vruchten af)
  13. een Salomonsoordeel vellen (=met een heel vraagstuk een zeer wijze en goede beslissing nemen)
  14. een slok op een borrel schelen (=een groot verschil maken)
  15. een stalen voorhoofd hebben (=onbeschaamd zijn)
  16. een steek laten vallen (=een fout maken.)
  17. een stoelendans (=situatie waarbij mensen van functie wisselen)
  18. een stok in de lenden leggen (=slaan)
  19. een streep door de rekening halen (=de schuld van iemand kwijtschelden en het er niet meer over hebben)
  20. een vette bek halen. (=goed eten, vooral frituur)
  21. een wit voetje halen (=een goede indruk maken bij de leider(s))
  22. een zeperd halen (=afgaan)
  23. een zwaluw maakt de lente niet (=een omstandigheid laat nog geen eindconclusie toe)
  24. een zweetje op iets halen (=zich ergens fel voor inspannen)
  25. eerste viool willen spelen (=de meest prominente taak willen vervullen, bijvoorbeeld als leider of woordvoerder van de groep)
  26. elkaar de bal toespelen (=elkaar voordeeltjes bezorgen)
  27. er de balen van hebben (=iets niet meer leuk vinden en willen dat het stopt)
  28. er een nachtje over willen slapen (=er eerst over na willen denken)
  29. er ei of kuiken van willen hebben. (=alles willen weten)
  30. er gaat een belletje rinkelen (=ik begin het te begrijpen)
  31. er haring of kuit van willen hebben (=precies willen weten hoe het in elkaar steekt)
  32. er is geen land met hem te bezeilen (=je kan met hem niets aanvangen, omdat hij niet wil meewerken)
  33. er is meer dan de molen in het woud omgegaan (=er is iets bijzonders gebeurd)
  34. er niet om malen (=iets onbelangrijk vinden)
  35. er over oordelen als een blinde over de kleuren (=erover oordelen zonder kennis van zaken)
  36. er over vallen (=zich een probleem aantrekken)
  37. er paal en perk aan stellen (=orde op zaken stellen)
  38. er staat een beer aan het hek te rammelen. (=naar het toilet moeten)
  39. er zijn pink wel voor willen geven (=iets heel graag willen hebben)
  40. erbij staan of men geen tien kan tellen (=er onnozel bijstaan)
  41. eruit zien om door een ringetje te halen (=er keurig uitzien)
  42. fiolen van toorn over iemand uitstorten (=aan iemand duidelijk laten blijken dat je kwaad op diegene bent)
  43. geef het veulen geen haver en het kind geen brandewijn. (=behandel kinderen niet als grote mensen)
  44. geen oortje kunnen schelen. (=iets onbelangrijk vinden (oortje = ± een halve cent))
  45. gestolen goed gedijt niet (=gestolen zaken brengen nooit voordeel)
  46. gestolen kunnen worden (=van geen belang meer zijn - niet langer nodig zijn)
  47. gouden appels op zilveren schalen (=iets is erg prachtig/goed/verstandig (verwoord))
  48. groot bal op kleine aardappelen (=boven zijn stand leven)
  49. handen als kolenschoppen (=zeer grote, sterke handen)
  50. haring of kuit ergens van willen hebben (=hij wil iets zeker weten of uitgezocht zien)

476 betekenissen bevatten `len`

  1. hoe eerder dood, hoe eerder begraven. (=een nare klus beter niet uitstellen)
  2. tweede viool spelen (=een ondergeschikte rol spelen.)
  3. de bui zien hangen (=een ongunstige situatie aanvoelen voordat deze zich daadwerkelijk voordoet)
  4. iemand het voordeel van de twijfel gunnen (=een onzekere factor voor hem zo gunstig mogelijk laten meetellen)
  5. een oud paard hoort graag het klappen van de zweep. (=een oud persoon hoort graag verhalen over het oude vakmanschap)
  6. een geeltje van de plank nemen (=een oude preek herhalen)
  7. dat is een kwal (=een uiterst vervelend persoon)
  8. iedereen wat van de stokvis (=eerlijk delen)
  9. klare wijn schenken (=eerlijk en duidelijk vertellen hoe de situatie in elkaar steekt)
  10. willen weten welk vlees men in de kuip heeft (=eerst willen weten hoe iemand is)
  11. hou en trouw (beloven) (=elkaar overal (zullen) helpen)
  12. de vijl erover laten gaan (=er de scherpe kantjes van afhalen)
  13. je schaapjes scheren (=er de winst uithalen)
  14. er een slaatje uit slaan (=er een voordeeltje uit halen)
  15. er een nachtje over willen slapen (=er eerst over na willen denken)
  16. iemand het zwijgen opleggen (=er met niemand over mogen praten en niemand iets mogen vertellen)
  17. er zijn mond niet aan vuil maken (=er niets over willen zeggen)
  18. je kunt van een kale kikker geen veren plukken (=er valt niets te halen bij iemand die niets heeft)
  19. van een kale kip kun je niet plukken (=er valt niets te halen bij iemand die niets heeft)
  20. er een melkkoetje aan hebben (=er veel voordeel uit kunnen halen)
  21. de soep wordt nooit zo heet gegeten, als zij wordt opgediend (=er worden meestal minder zware maatregelen toegepast dan was aangekondigd)
  22. de schouders ophalen (=er zich niets van aantrekken - er niets over willen weten)
  23. er zijn kapers op de kust (=er zijn er die willen meeprofiteren)
  24. dat muisje heeft een staartje. (=er zullen nog problemen komen)
  25. het tiend betaald hebben (=erg afgevallen zijn)
  26. lont ruiken (=ergens het vermoeden toe hebben / het gevaar tijdig aanvoelen)
  27. een vreemdeling in Jeruzalem zijn (=ergens niet bekend zijn met de gang van zaken of zich ergens niet thuis voelen)
  28. geen oren hebben naar iets (=ergens niet naar willen luisteren)
  29. niet op mijn weg liggen (=ergens niets mee te maken hebben of niet mee willen bemoeien)
  30. er over oordelen als een blinde over de kleuren (=erover oordelen zonder kennis van zaken)
  31. een luchtje happen (=even buiten gaan wandelen)
  32. een luchtje scheppen (=even buiten gaan wandelen)
  33. in het water vallen (=falen (een opzet, een voornemen, een plan), mislukken, niet doorgaan)
  34. de bietenbrug opgaan (=falen, ten onder gaan, zwaar verliezen)
  35. korte rekeningen maken lange vriendschappen. (=financiële geschillen moet je direct oplossen)
  36. een vaantje strijken (=flauw vallen, sterven, het opgeven)
  37. van zijn stokje gaan (=flauwvallen)
  38. in de patatten vallen (=flauwvallen)
  39. in de bus blazen (=flink betalen)
  40. te biechte gaan (=gaan vertellen (wat je eigenlijk niet mag vertellen))
  41. achter de schermen blijven (=geen bekendheid ergens mee willen krijgen terwijl diegene het wel bedacht heeft)
  42. je de wet niet voor laten schrijven (=geen bevelen accepteren van een ander)
  43. je kruit droog houden (=geen onnodige acties ondernemen of energie verspillen.)
  44. niet thuis zijn van (=geen verstand hebben van - niet willen weten van)
  45. geen twee deuntjes voor één cent zingen (=geen zin hebben hetzelfde nog een keer te herhalen)
  46. geld verzoet de arbeid (=geld dat je krijgt maakt het harde vervelende werk weer goed)
  47. met de pet rondgaan (=geld inzamelen)
  48. rozen (paarlen) voor de zwijnen werpen (=geld of moeite verspillen aan iets nutteloos)
  49. de lade lichten (=geld uit de lade halen)
  50. geld in het water gooien (=geld verspillen)




Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen