68 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `ech`
- als de rechte Adam komt gaat Eva mee (=gezegd van `n meisje dat liever niet wil trouwen)
- als twee honden vechten om een been loopt de derde ermee heen (=als twee mensen ruzie maken, profiteert een derde ervan.)
- altijd de oude knecht blijven (=geen vorderingen maken (ook geen achteruitgang))
- angst is een slechte raadgever (=laat je niet leiden door angst. / Emoties zijn gevaarlijk)
- averechts uitpakken (=helemaal verkeerd aflopen. Tegengesteld uitpakken)
- beter kleine meester dan grote knecht (=liever een bescheiden zelfstandige dan een grote knecht bij een baas)
- bij de duivel te biecht gaan (=bij de vijand om raad gaan)
- dat is een echte haai (=assertief en bijdehand mens)
- de biecht afnemen (=ondervragen)
- de rechte man op de rechte plaats (=de juiste man voor de juiste taak)
- de rechte weg is de beste (=eerlijkheid loont)
- de slaap der rechtvaardigen slapen (=een schoon geweten hebben)
- de verloren zoon is terecht (=wat (of wie) al lang verloren was, is teruggevonden)
- driemaal is scheepsrecht (=de derde keer zal je wel gaan lukken)
- een echte Hannes (=een onhandig persoon)
- een echte huismus (=iemand die het thuis naar zijn zin heeft, geen uitgaanstype)
- een kat komt altijd op z`n pootjes terecht (=ingewikkelde en vervelende dingen kunnen vanzelf weer voor elkaar komen)
- een kat komt altijd weer op zijn poten terecht. (=uiteindelijk komt het toch weer in orde.)
- een pechvogel (=iemand die steeds tegenslag heeft)
- een slecht figuur slaan (=een slechte indruk maken)
- geld dat stom is, maakt recht wat krom is (=mensen kunnen door financiële bevoordeling ertoe gebracht worden om onrecht toe te laten)
- genade voor recht laten gelden (=de straf kwijtschelden)
- gewicht hechten aan (=belang hechten aan)
- had je me gisteren gehuurd dan was ik vandaag je knecht geweest (=je moet zo niet commanderen - dat doe ik gewoon niet!)
- het bij het goede/rechte eind hebben (=gelijk hebben)
- het hart op de rechte plaats hebben (=eerlijk zijn)
- het is een slechte bruiloft waar maar één bruid is. (=op bruiloften worden vaak nieuwe relaties gevormd)
- het is een slechte muis die maar een hol heeft (=je doet er best aan een alternatieve oplossing achter de hand te hebben)
- het is niet om de knikkers maar om het recht van het spel (=het is niet voor persoonlijk voordeel, maar omwille van de rechtvaardigheid)
- het pleit beslechten/beslissen/verliezen (=de zaak definitief verliezen)
- het recht in eigen hand nemen (=eigenmachtig optreden)
- het slechtste wiel van de wagen kraakt meest. (=de minst competente persoon is vaak ook de luidste)
- het zijn niet de slechtste vruchten waaraan de wespen knagen (=over goede mensen worden vaak onaardige dingen verteld)
- iemands rechterhand zijn (=de belangrijkste assistent zijn)
- iets dat krom is recht proberen te praten (=met praten proberen een fout iets goeds te laten lijken)
- iets rechtzetten (=na een fout deze goed maken)
- in de echt verbinden (=huwen, trouwen)
- in echec houden (=in bedwang houden)
- in een slecht vel steken (=ongezond zijn - iets ongunstigs te verwachten hebben)
- in een slechte huid (=ongezond - iets ongunstigs verwachtend)
- in een slechte reuk staan (=iemand die niet goed bekend staat)
- je moet geen goed geld achter slecht geld aangooien (=je moet geen geld besteden aan een zaak die niet meer in stand kan worden gehouden)
- je zegel aan iets hechten (=goedkeuring of toestemming ergens aan geven)
- laat je linkerhand niet weten wat je rechterhand doet (=als je een ander geld geeft kun je dat beter stilhouden want anderen hoeven het niet te weten)
- lijnrecht tegenover iets staan (=volledig het omgekeerde zijn of denken)
- met onbevaren volk is het slecht zeilen (=met onervaren mensen is het moeilijk werken)
- met onwillige honden is het slecht hazen vangen (=het is moeilijk om samen te werken met mensen die niet willen)
- ook de beste boom geeft slechte vruchten (=zelfs goede ouders kunnen kinderen hebben die het verkeerde pad inslaan.)
- op je pootjes terecht komen (=het komt vanzelf wel voor elkaar)
- op rechte wegen gaan (=niet zondig leven)
172 betekenissen bevatten `ech`
- de baron spelen (=(onterecht) baas spelen)
- met zijn neus in de boter vallen (=(Onverwacht) goed terechtkomen)
- met zijn gat in de boter vallen (=(onverwacht) goed terechtkomen)
- in de schoenen schuiven (=(vaak onterecht) beschuldigen)
- de lijdensbeker tot de bodem ledigen (=al het slechte, tot het laatste toe, over zich heen krijgen)
- de bastaard van de graaf wordt later bisschop (=alleen hoge heren kunnen hun buitenechtelijke kinderen een toekomst bieden)
- iemand over de hekel halen (=allerlei slechte dingen vertellen over iemand)
- de ratten verlaten het zinkende schip (=als de omstandigheden verslechteren denken sommigen alleen aan zichzelf en vertrekken)
- vis begint aan de kop te stinken (=als een bedrijf een slecht management heeft)
- eén rotte appel in de mand, maakt al het gave fruit te schand (=als één persoon uit een groep zich misdraagt, wordt de hele groep erop aangekeken. / Een negatieve beïnvloeding van één persoon kan vele anderen op het slechte pad brengen.)
- kies het minste van twee kwaden (=als er enkel slechte oplossingen zijn, kiest men de minst slechte)
- waar een wil is is een weg (=als je iets echt wilt, dan zul je ook slagen /de weg vinden naar je doel)
- geen bericht is goed bericht (=als je niet weet hoe het met iets of iemand gaat, kun je ervan uitgaan dat het goed gaat, zolang je geen slecht bericht ontvangt)
- een geplaveide weg is des duivels oorkussen (=als je niets doet en lui bent, doe je ook niks goeds / mensen die zich vervelen omdat ze niets te doen hebben, kunnen tot de slechts dingen komen daardoor)
- meeuwen op het land, onweer aan het strand. (=als meeuwen het binnenland intrekken omdat er slecht weer op zee is)
- niets dan wonden en builen zoeken (=altijd willen vechten)
- op de magerste paarden bijten de dazen. (=arme mensen hebben vaak pech)
- hoogmoed deed nooit iemand goed. (=arrogantie en overmoed zijn slechte eigenschappen)
- van leer trekken (=beginnen met vechten, duidelijk laten merken dat iets als vervelend ervaren wordt)
- gewicht hechten aan (=belang hechten aan)
- van je buik een afgod maken (=belang hechten aan lekker eten en drinken)
- heeft de duivel het paard gegeten, dan neemt hij de toom ook nog. (=ben je eenmaal in de macht van slechte mensen, dan wordt het alleen maar erger)
- heeft de duivel `t paard gegeten, dan neemt hij de toom ook nog. (=ben je eenmaal in handen van slechte mensen gevallen, dan verlies je alles.)
- blijf uit zijn kielwater of je raakt in zijn zog (=blijf uit zijn buurt, want je wordt er slechter van)
- dat is Beulemans Frans (=dat is slecht Frans spreken. In België zeggen de Vlamingen dat over Waals. Walloniërs op hun beurt vinden Vlaams weer slecht Nederlands)
- achter de coulissen kijken (=de echte toestand zien (ontdekken))
- zo heer zo knecht (=de knechten volgen het voorbeeld van de bazen)
- wie de pot breekt betaalt de scherven (=de veroorzaker van schade moet de situatie zelf rechtzetten.)
- recht praten wat krom is (=door een ingewikkelde, onjuiste redenering een onzuivere situatie, daad of besluit trachten van een rechtvaardiging te voorzien)
- een kwade dronk hebben (=dronken zijn en slecht geluimd)
- alles wat los en vast is (=echt alles)
- een eed met boter bezegeld. (=een belofte zonder echte intentie om de belofte na te komen)
- een Frans compliment. (=een compliment wat niet zo oprecht of positief is als het aanvankelijk leek)
- vechten tegen de bierkaai (=een gevecht aangaan dat al bij voorbaat verloren is)
- het juiste midden vinden (=een goed evenwicht vinden tussen twee tegengestelde aanpakken. Bijvoorbeeld, als het er om gaat hoeveel bevoegdheden de politie moet hebben om de rechtsstaat te handhaven)
- je in het hol van de leeuw wagen (=een groot risico nemen , rechtstreeks bij de vijand te rade gaan)
- alles op één kaart zetten (=een groot risico nemen door op slechts één kans te gokken)
- schone appels zijn ook wel zuur. (=een mooie vrouw is niet vanzelfsprekend een goede echtgenote)
- het hart op de goede plaats hebben (=een oprecht en menslievend karakter hebben)
- de vierschaar spannen. (=een rechtzitting houden. (vierschaar = middeleeuws gerechtelijk bestuur))
- doekje voor het bloeden (=een schrale troost, of een ontoereikende, slechts symbolische maatregel)
- donkere morgens mooie dagen. (=een slecht begin hoeft geen mislukking te zijn)
- de muts stond hem scheef. (=een slecht humeur hebben)
- met het verkeerde been uit bed stappen (=een slecht humeur hebben)
- slecht gemutst zijn (=een slecht humeur hebben)
- de muts zich verkeerd staan (=een slecht humeur hebben)
- veel wit in de ogen hebben (=een slechte aard hebben)
- het verkorven hebben (=een slechte beurt gemaakt hebben bij iemand)
- rosse buurt (=een slechte buurt (buurt met prostitutie))
- een harde knoest heeft een scherpe bijl nodig (=een slechte gewoonte is moeilijk te verdringen)
9 dialectgezegden bevatten `ech`
- dát kán ik ech ni lieje (=daar kan ik echt niet tegen) (Horster)
- De bés pas ech aat aste kaase mej gon koste aste gatoo! (=oud-zijn kost veel geld) (Bilzers)
- dinkstë nau éch dat de gebroje hinnen autte loch valle (=denk je nu echt dat je niet moet werken) (Munsterbilzen - Minsters)
- doë hüb ich ech kop èn! (=dat staat me geweldig aan) (Munsterbilzen - Minsters)
- Êch boorewaer (=Buiïg weer in mei / juni) (Sevenums)
- sset nau ech nichter gees bekieke : alcool los toch niks op (=Nuchter bekeken : alcohol lost niets op) (Bilzers)
- Wulste ech get hûbbe, woste nog naut hebs gehad, zulste moete doen woste nog naut hûbs gedaon (=doe er wat extra voor) (Bilzers)
- zë zin ech op mich aut, zë zin mich aoënt zikkë (=ze hebben het op mij gemunt) (Munsterbilzen - Minsters)
- Zeetie da ech (=Zei hij dat echt) (Hagesteins)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen