Spreekwoorden

Zoek

12 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `tong`

  1. alsof er een engeltje over je tong piest (=iets lekker vinden)
  2. de tongen losmaken (=aanleiding geven tot gepraat)
  3. een gladde tong hebben (=goed kunnen praten, het goed kunnen uitleggen)
  4. een losse tong hebben (=teveel babbelen)
  5. een tong als een scheermes (=gezegd van iemand die venijnig uithaalt met woorden)
  6. goed van de tongriem gesneden (=gezegd van een vlotte prater)
  7. het achterste van je tong (niet) laten zien. (=zich (niet) meteen laten kennen; (n)iets verbergen.)
  8. het hart op de tong dragen (=direct zeggen wat iemand denkt, ongeacht of dat slim is of niet)
  9. het hart op de tong hebben (=meteen vertellen wat je bezig houdt.)
  10. op de tong liggen (=zeggensklaar zijn)
  11. over de tong gaan. (=het onderwerp van gesprek zijn.)
  12. rad/rap van tong zijn (=snel praten / welbespraakt zijn)

Eén betekenis bevat `tong`

  1. een lange neus maken (=tong uitsteken, iemand iets inpeperen (Jaloers maken))

Het dialectenwoordenboek kent 5 spreekwoorden met `tong`

  1. Deinzes: blekk'n (=tong uitsteken)
  2. Tongers: toet zo nie èn men ore (=spreek niet zo luid)
  3. Tongers: toen ët op sjwoapchèrës oankoom (=toen het op het eindresultaat aankwam)
  4. Tongers: mètte voettram (=te voet)
  5. Bredaas: 'Ou dieje lerp us binne (=Steek je tong niet uit)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.