I zinken

bijv.naamw.
Uitspraak:  [zɪŋkə(n)]

als iets van zink is gemaakt, of uit zink bestaat
Voorbeelden:  `zinken dakgoot`,
`een oude zinken wasteil`


II zinken

werkw.
Uitspraak:  zɪŋkə(n)]
Vervoegingen:  zonk (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  is gezonken (volt.deelw.)

in water naar beneden gaan
Voorbeeld:  `Het schip is gezonken.`
Antoniem:  drijven
diep gezonken zijn  ((van iemand) in ellendige omstandigheden terechtgekomen zijn en daardoor onverschillig zijn voor wat mooi en rechtvaardig is)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
achteruitgaan bezwijken instorten kelderen onder water gaan ondergaan tenondergaan teruggaan vallen vergaan verrotten verteren verzakken wegrotten drijven (antoniem)

Spreekwoorden en zegswijzen
zinken als een baksteen (=direct zinken (niet kunnen zwemmen))
• in het niet zinken (=in vergelijking met iets anders nog weinig waarde hebben)
• het hart in de schoenen zinken (=alle moed en hoop verliezen om problemen op te lossen)
• de moed in de schoenen doen zinken (=wanhopig worden en de moed verliezen)
Naar de spreekwoorden

Intensiveringen
Hoe kun je zinken krachtiger uitdrukken?
zinken als een baksteen
Uitdrukkingen die zinken betekenen (waarin het woord zelf niet voorkomt):
naar de dieperik gaan;

8 definities op Encyclo
  • (weg)zakken Jaar van herkomst: 1260-1280 (CG II 1 Wrake R. )
  • • [erga] in een vloeistof, meestal water, maar beneden zakken, ondergaan.
  • in het water naar de bodem zakken vb: er zit een gat in het schip, het gaat zinken
  • [neerwaartse beweging] - Zinken is het dalen van een voorwerp in een vloeistof of gas, eventueel vermengd met een vaste stof. Een voorwerp zinkt als de massadichtheid gr...
  • Def.: toestand waarbij een deel van een vaartuig of het hele vaartuig vol water loopt, niet meer blijft drijven en naar de bodem zinkt.
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden eindigen op zinken:
    afzinkenbezinkenverzinkenwegzinken

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    zinken (wegzakken)