I zinken

bijv.naamw.
Uitspraak:  [zɪŋkə(n)]

als iets van zink is gemaakt, of uit zink bestaat
Voorbeelden:  `zinken dakgoot`,
`een oude zinken wasteil`


II zinken

werkw.
Uitspraak:  zɪŋkə(n)]
Vervoegingen:  zonk (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  is gezonken (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

in water naar beneden gaan
Voorbeeld:  `Het schip is gezonken.`
Antoniem:  drijven
diep gezonken zijn  ((van iemand) in ellendige omstandigheden terechtgekomen zijn en daardoor onverschillig zijn voor wat mooi en rechtvaardig is)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
achteruitgaan bezwijken instorten kelderen onder water gaan ondergaan tenondergaan teruggaan vallen vergaan verrotten verteren verzakken wegrotten drijven (antoniem)

Spreekwoorden en zegswijzen
zinken als een baksteen (=direct zinken (niet kunnen zwemmen))
• in het niet zinken (=in vergelijking met iets anders nog weinig waarde hebben)
• het hart in de schoenen zinken (=alle moed en hoop verliezen om problemen op te lossen)
• de moed in de schoenen doen zinken (=wanhopig worden en de moed verliezen)
Naar de spreekwoorden

Intensiveringen
Hoe kun je zinken krachtiger uitdrukken?
zinken als een baksteen
Uitdrukkingen die zinken betekenen (waarin het woord zelf niet voorkomt):
naar de dieperik gaan;

9 definities op Encyclo
  1. in het water naar de bodem zakken vb: er zit een gat in het schip, het gaat zinken
  2. • [erga] in een vloeistof, meestal water, maar beneden zakken, ondergaan.
  3. Let op: Spelling (deels) uit 1864: ow. [ongelijkvloeiend] (ik zonk, ben gezonken), naar de diepte -, naar beneden gaan; te gronde gaan (van schepen); in een diepen slaap ...
  4. Def.: toestand waarbij een deel van een vaartuig of het hele vaartuig vol water loopt, niet meer blijft drijven en naar de bodem zinkt.
  5. 1) Achteruitgaan 2) Bezwijken 3) Dalen 4) Dalen in water 5) Instorten 6) Kelderen 7) Naar de diepte zakken 8) Omlaaggaan 9) Ondergaan 10) Ondergaan in water 11) Tenonderg...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op zinken:
bezinkenafzinkenwegzinkenverzinken

Herkomst volgens etymologiebank.nl
zinken (wegzakken)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `zinken`.