Synoniemen
aanschouwen bespeuren observeren waarnemen

zag als dialectwoord
zei (neeroeters)  

Spreekwoorden en zegswijzen
• iemand de oren afzagen (=steeds blijven aandringen)
• de poten onder iemands stoel wegzagen (=iemands positie verzwakken)
Naar de spreekwoorden

1 definitie op Encyclo
  • 1) Observeren
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met zag:
zagemanzagemeelzagenzagerzagerijzageventZagrebberZagrebsZagrebse

Deze woorden eindigen op zag:
gezagontzagzigzagoverheidsgezagleergezag

Op andere websites
Zoek zag in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek zag op Google
Zoek zag op Woordenlijst.org
Zoek zag in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek zag op Wikipedia