het part

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [pɑrt]
Verbuigingen:  part|en (meerv.)

gedeelte
Voorbeeld:  `een partje sinaasappel`
ergens part noch deel aan hebben  (ergens niets mee te maken hebben)
voor mijn part  (wat mij betreft) `Voor mijn part blijf je de hele week logeren. Gezellig!`
parten spelen  (ergens last van hebben ) `De blessure blijft de voetballer parten spelen.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aandeel deel fractie gedeelte portie schijf stuk

Spreekwoorden en zegswijzen
• ergens part noch deel aan hebben (=ergens niets van weten of niet aan deelgenomen hebben)
• er part noch deel aan hebben (=er niets mee te maken hebben)
Naar de spreekwoorden

9 definities op Encyclo
  • Touwwerk dat door een talie of takel is geschoren noemt men een reep of runner. Bij een reep worden parten benoemd. Het deel waaraan getrokken wordt heet het halende part...
  • deel van een touw, staaldraad of ketting. HET HALEND PART: het deel dat men in de hand houdt of vrij hangt. HET STAAND PART: het deel dat tussen twee punten min of meer v...
  • Spreekwoorden: (1914) Iemand parten (of een part) spelen d.w.z. iemand beetnemen; iemand een poets bakken, hem foppen; in Zuid-Nederland: iemand eene perte bakken (De Bo,...
  • Let op: Spelling van 1858 deel aandeel. Partageren, deelen, verdeelen, elk zijn aandeel geven. Parteren, af- of indeelen
  • VOC - Zeilen en tuigage: einde van de loper van een takel.
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met part:
    parten spelenparterreparticipantparticipantenparticipatieparticipatiebewijzenparticipatiedecreetparticipatiedemocratieparticipatiegraadparticipatiemaatschappijparticipatieraadparticipatiesparticipatiesamenlevingparticipatiestelselparticipatiestressparticipeerparticipeerdeparticipeerdenparticipeertparticiperen
    Toon alle woorden die beginnen met part

    Deze woorden eindigen op part:
    apartappartpopartspart
    Toon alle woorden die eindigen op part

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    1. part (deel)
    2. part (listige streek; gril)