vastleggen

werkw.
Uitspraak:  [ˈvɑstlɛxə(n)]
Vervoegingen:  legde vast (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft vastgelegd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) registreren op papier, film, cd of foto
Voorbeeld:  `iets op schrift vastleggen`

2) zó leggen dat het niet kan worden weggehaald of veranderd
Voorbeeld:  `de boot vastleggen`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aan een touw vastleggen aanbrengen aanleggen aanmeren aantekenen aanwerven afmeren afspreken bespreken bevestigen boeken contracteren geld vastleggen meren noteren opnemen opschrijven optekenen registreren reis boeken reserveren vastbinden vastketenen vastkluisteren vastmaken vastmeren vastzetten verankeren verbinden verzekeren werven

4 definities op Encyclo
  1. een vaartuig met behulp van touwen, staaldraden en soms zelfs kettingen, aan iets vast maken.
  2. In de sluis moet de motor worden afgezet om hinder door uitlaatgassen te voorkomen. BPR art 6.28 lid 9e. De gemakkelijkste manier van schutten is met één lijn aan de mi...
  3. opschrijven of op een andere manier blijvend opnemen vb: hij legde de bruiloft vast op de film Synoniem: registreren Tegenstelling: wissen aan de kade vastmaken vb: hij h...
  4. 1) Aanbrengen 2) Aanleggen 3) Aanmeren 4) Aansmeren 5) Aantekenen 6) Aanwerven 7) Administreren 8) Afmeren 9) Afspreken 10) Bespreken 11) Bevestigen 12) Boeken 13) Contra...
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `vastleggen` kennen.