aanvangen
werkw.
beginnen formeel | Voorbeelden: | `deze week aanvangen met de administratie`, `Je moet weten wanneer de termijn waarop je bezwaar kunt indienen aanvangt.` | |
| Antoniem: | eindigen |
Synoniemen
aanbreken aangaan aanknopen aanvaarden beginnen intreden starten van start gaan uitscheiden (antoniem) 1 definitie op Encyclo
- 1) Aanknopen 2) Incipiëren 3) Ingaan 4) Intreden 5) Beginnen 6) Debuteren 7) Aansnijden 8) Aanvaarden 9) Aanzetten 10) Ontspringen 11) Starten 12) Aanheffen 13) Aanbreken 14) Aangaan
Toon uitgebreidere definitiesHerkomst volgens etymologiebank.nl
aanvangen (beginnen)Taaladvies
- Wat is de juiste spelling: Ik weet niet wat ik ermee aan moet of Ik weet niet wat ik ermee aanmoet? Zie ermee aanmoeten / ermee aan moeten
- Wat is goed: `Wij zijn de werkzaamheden aangevangen` of `Wij hebben de werkzaamheden aangevangen`? Zie aangevangen hebben / zijn
Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van aanvangen?
De verleden tijd van aanvangen is 'ving aan'. Het voltooid deelwoord is 'is aangevangen'.
Wat betekent aanvangen?
'beginnen'
Hoe spel je aanvangen?
aanvangen spel je A A N V A N G E N
Wat is een ander woord voor aanvangen?
Andere woorden voor aanvangen zijn aanbreken, aangaan, aanknopen, aanvaarden, beginnen, intreden, starten en van start gaan.
Wat is het tegenovergestelde van aanvangen?
Een antoniem van aanvangen is uitscheiden.Op andere websites
Zoek aanvangen in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek aanvangen op
Google
Zoek aanvangen op
Woordenlijst.org
Zoek aanvangen in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek aanvangen op
Wikipedia