38 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `verk`
- aan het verkeerde kantoor zijn (=iemand die je niet kan helpen)
- als een bok op de haverkist (=wakend om de gelegenheid niet te laten voorbijgaan)
- appelen/knollen voor citroenen verkopen (=oplichten, bedriegen)
- appels voor citroenen verkopen (=iemand oplichten.)
- de gulden middenweg (houden/bewandelen/verkiezen) (=een tussenstandpunt of tussenoplossing verkiezen)
- de huid van de beer niet verkopen voor hij geschoten is (=je moet niet al willen genieten van wat men nog niet verworven heeft)
- de mijn is verkeerd gesprongen (=ongeveer als: wie een put graaft voor een ander, valt er zelf in)
- de muts zich verkeerd staan (=een slecht humeur hebben)
- de wolf zal met het lam verkeren. (=er zal vrede zijn)
- een slak op de goede weg, wint het van een haas op de verkeerde weg (=je kunt beter iets langzaam en goed doen, dan snel en niet goed)
- goed voordoen doet verkopen. (=presentatie is belangrijk als je iets wil verkopen)
- het kan verkeren (=het kan veranderen, de dingen blijven niet zoals ze zijn)
- het verkorven hebben (=een slechte beurt gemaakt hebben bij iemand)
- hoe geleerder, hoe verkeerder (=wie te geleerd is mist soms eenvoudig gezond verstand)
- iemand een hengst verkopen. (=iemand een harde klap geven)
- iemand knollen voor citroenen verkopen (=iemand wat wijsmaken, met praatjes foppen)
- iemand kunnen verraden en verkopen (=iemand veel te slim af zijn)
- iemand op het verkeerde been zetten (=iemand ergens een verkeerde indruk van geven, waardoor hij of zij iets gaat denken wat helemaal niet klopt)
- iets bij de roes verkopen (=iets verkopen in de staat zoals het is)
- iets prediken/verkondigen (=iets luid, voor iedereen, verkondigen)
- iets tegen de penning zestien verkopen (=iets zeer duur verkopen)
- iets voor een appel en een ei verkopen (=voor een erg lage prijs verkopen)
- je huid duur verkopen (=het niet gemakkelijk opgeven)
- je vel duur verkopen (=het slechts onder de grootste druk opgeven)
- je ziel en zaligheid verkopen (=absoluut alles opofferen)
- kunnen zakken en verkopen (=in handigheid ver overtreffen)
- lieverkoekjes worden hier niet gebakken (=zin of geen zin, je moet het doen)
- met het verkeerde been uit bed stappen (=een slecht humeur hebben)
- om de haverklap (=op alle mogelijke momenten, steeds weer opnieuw)
- op de boom verkopen (=boomvruchten verkopen voor ze geplukt zijn)
- op het verkeerde paard wedden (=een verkeerde inschatting maken)
- op het verkeerde paard wedden. (=zich misrekenen)
- twist verkwist. (=je schiet niets op met ruzie maken)
- verkeren kunnen (=omstandigheden kunnen snel veranderen)
- verkikkerd zijn (=dol zijn op iemand/iets of verliefd zijn op iemand)
- verkleumen tot op het bot (=het heel koud krijgen)
- verkoop de huid niet voordat de beer geschoten is (=je moet niet geld uitgeven voordat je het hebt verdiend)
- verkopen terwijl hij erbij staat (=te slim af zijn)
74 betekenissen bevatten `verk`
- als de herder dwaalt dolen de schapen (=als de leider het verkeerd doet weten de mensen die hem volgen niet wat ze doen moeten)
- als het schip lek is, gaan de ratten van boord. (=als het verkeerd loopt, laten valse vrienden je in de steek)
- eén kwade dag maakt de winter niet. (=als iets verkeerd gaat, hoeft nog niet alles verkeerd te gaan.)
- in de nood eet de duivel vliegen. (=als je in nood verkeert, stel je je tevreden met dingen die je anders zou weigeren.)
- gereed geld dingt scherp. (=als je meteen betaalt gaat de verkoop sneller)
- geen spreker die een zwijger verbetert. (=als je niets zegt zeg je niets verkeerds)
- op de boom verkopen (=boomvruchten verkopen voor ze geplukt zijn)
- dat is het begin van het einde (=dat is het begin van iets dat uiteindelijk verkeerd zal aflopen)
- dat raak je aan de straatstenen niet kwijt (=dat is niet te verkopen)
- de boer op gaan (=de (niet-fysieke) markt opgaan om iets te verkopen / verdwalen / de stad verlaten)
- de dingen op hun kop zetten (=de dingen verkeerd of omgekeerd bekijken)
- aan een zijden draadje hangen (=de kansen zijn nog niet verkeken, maar het scheelt erg weinig)
- de bazuin steken (=de lof verkondigen)
- het moeras insturen (=de verkeerde richting op sturen)
- de ossen achter de ploeg spannen (=de zaak verkeerd aanpakken)
- iemand de les lezen (=duidelijk zeggen dat iemand iets verkeerds gedaan heeft)
- iets aan het handje hebben (=een beetje verkering hebben)
- in een goed blaadje proberen te komen (=een goede reputatie proberen te verkrijgen)
- een koopman een loopman. (=een goede verkoper gaat bij zijn klanten langs)
- een klein visje een zoet visje (=een klein voordeel of winstje dat met weinig moeite is verkregen)
- de gulden middenweg (houden/bewandelen/verkiezen) (=een tussenstandpunt of tussenoplossing verkiezen)
- op het verkeerde paard wedden (=een verkeerde inschatting maken)
- het kippenei grijpen en het ganzenei laten lopen (=een verkeerde keuze maken)
- goede sier maken (=er (overdreven) goed van leven / goed overkomen bij anderen)
- uit de verf komen (=goed bij anderen overkomen / zich doen opmerken)
- averechts uitpakken (=helemaal verkeerd aflopen. Tegengesteld uitpakken)
- het is volle bak (=het is helemaal uitverkocht; er zijn heel veel mensen)
- vertrouwen komt te voet en gaat te paard (=het is makkelijker om iemands vertrouwen te schaden, dan te verkrijgen)
- de duivel schijt altijd op de grootste hoop (=het ongeluk treft meestal degenen die al in moeilijkheden verkeren.)
- de wijde wereld intrekken (=het verkennen van nieuwe plaatsen, ervaringen en mogelijkheden buiten het vertrouwde)
- een lans breken voor iemand (=het voor iemand opnemen, voor iemand de best doen diegene ergens mee te helpen iets te verkrijgen)
- iemand op het verkeerde been zetten (=iemand ergens een verkeerde indruk van geven, waardoor hij of zij iets gaat denken wat helemaal niet klopt)
- iemand iets aansmeren (=iemand iets (weinig waardevols) verkopen)
- iemands handen zalven (=iemand iets geven in de hoop een gunst te verkrijgen)
- niet aan het juiste adres zijn (=iets aan de verkeerde persoon vragen)
- een Tantaluskwelling zijn (=iets erg graag willen maar het (net) niet kunnen verkrijgen)
- iets prediken/verkondigen (=iets luid, voor iedereen, verkondigen)
- het paard achter de wagen spannen (=iets nutteloos doen of verkeerd aanpakken)
- de vlag dekt de lading niet (=iets onder een goede naam verkopen zonder dat het ook die kwaliteit heeft)
- iets aan de man brengen (=iets verkopen)
- iets bij de roes verkopen (=iets verkopen in de staat zoals het is)
- iets in de schoot geworpen krijgen (=iets verkrijgen zonder al te veel moeite er voor te doen)
- iets van de hand doen (=iets weggeven of verkopen)
- iets tegen de penning zestien verkopen (=iets zeer duur verkopen)
- in de laagte zijn (=in armoedige toestand verkeren)
- geramd zitten (=in een gunstige positie verkeren)
- tussen hemel en aarde hangen (=in een lastige situatie verkeren)
- zo veeg als een luis op een kam (=in groot gevaar verkerend)
- met het mes in de buik zitten (=in grote angst verkeren)
- je maag wel aan de kapstok kunnen hangen. (=in moeilijke financiële omstandigheden verkeren waardoor men weinig eten kan kopen.)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen