30 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `unt`
- als puntje bij paaltje komt (=als het erop aankomt)
- altijd hetzelfde deuntje zingen (=steeds weer hetzelfde herhalen)
- dat is geen punt. / Daar maken we geen punt van (=dat is geen probleem. / Dat is helemaal geen argument)
- de puntjes op de i zetten (=de details erbij zetten - orde op zaken stellen)
- er een eind/punt aan breien (=snel tot een afsluiting komen (bijvoorbeeld van een toespraak))
- er een punt aan kletsen (=met een praatje vergoelijken)
- er een punt achter zetten (=er voorgoed mee stoppen)
- er een punthoofd van krijgen (=er compleet gek van worden)
- er een puntje aan kunnen zuigen (=er een goed voorbeeld aan kunnen nemen)
- geen twee deuntjes voor één cent zingen (=geen zin hebben hetzelfde nog een keer te herhalen)
- geluk is de kunst een boeket te maken van de bloemen waar je bij kunt (=gelukkig leven met de gegeven mogelijkheden/beperkingen)
- het is kruis of munt, zei de non en ze trouwde de bankier (=een keuze voor het materiële kan ten koste gaan van het spirituele)
- het op iemand gemunt hebben (=steeds dezelfde persoon die ergens last van heeft)
- het puntje van een scherpe pen is `t felste wapen dat ik ken (=met een kritisch woord kan het meest worden bereikt)
- je kunt niet met twee voeten in één sok (=twee onverenigbare zaken kunnen niet worden gecombineerd)
- je kunt nooit weten waar een paling kruipt (=zeg nooit nooit)
- je kunt van een kale kikker geen veren plukken (=er valt niets te halen bij iemand die niets heeft)
- je kunt van mij de pot op (=je doet maar waar je zin in hebt)
- je kunt wel alleen eten, maar niet alleen werken. (=men moet goed voor het personeel zijn.)
- je kunt wel dansen, ook al is het niet met de bruid (=je kunt je best amuseren ook al is het niet altijd precies wat je zou willen)
- klinkende munt (=contant geld)
- kruis noch munt hebben (=geen geld hebben)
- kruis of munt gooien (=ervoor loten)
- met gelijke munt betalen (=hetzelfde kwaad terugdoen)
- munt uit iets slaan (=voordelen halen uit)
- stel niet uit tot morgen wat je vandaag nog kunt doen. (=wacht niet, morgen kan te laat zijn)
- tot in de puntjes (=tot in het kleinste detail)
- tot in de puntjes regelen (=alles nauwkeurig regelen)
- voor goede munt aannemen (=geloven)
- zo stil dat je een speld kunt horen vallen (=bijzonder stil)
54 betekenissen bevatten `unt`
- wie geeft wat hij heeft, is waard dat hij leeft (=als je zoveel geeft zoveel je kunt, dan kan niemand je iets verwijten)
- uit hetzelfde vaatje tappen (=dezelfde standpunten of opvattingen delen.)
- voor het inkoppen hebben (=een eenvoudige kans om in een discussie een punt te maken dankzij een voorzet van een ander)
- samen onder een deken liggen (=een gezamenlijk standpunt innemen)
- een rots in de branding (=een persoon waarop je kunt vertrouwen en die je steunt.)
- de gulden middenweg (houden/bewandelen/verkiezen) (=een tussenstandpunt of tussenoplossing verkiezen)
- terminus ad quem (=eindpunt van de tijdsberekening)
- er is altijd wel ergens een vogel die zingt (=er is altijd wel een lichtpuntje als je maar goed je oren en ogen open zet)
- in het duister tasten (=er niets over weten, geen aanknopingspunten vinden)
- geef, zodat je gevende blijft (=geef niet meer dan dat je kunt missen.)
- geen voetbreed wijken (=hard op zijn standpunt blijven)
- op en top (=helemaal, tot in de puntjes)
- de kroon spannen (=het hoogtepunt vormen)
- het mes snijdt aan twee kanten (=het levert dubbel voordeel op (NL.) Er zijn niet alleen voordelen aan verbonden, je kan eender wat vanuit verschillende en zelfs tegengestelde standpunten bekijken (BE).)
- iemand op z`n hand hebben (=iemand hebben die hem steunt)
- iemand klein krijgen (=iemand laten merken dat je hem aankunt, over iemand de baas zijn en diegene tot gehoorzaamheid dwingen)
- geen groter venijn, dan vriend tonen en vijand zijn. (=iemands vertrouwen schaden is het gemeenste wat je kunt doen)
- aan een balk, die uit het bos gehaald wordt, moet veel gehakt worden, voor hij in het huis past (=in een religieuze groep, vereniging, etc,: je kunt leden uit een gemeenschap winnen, maar hun moet wel geleerd worden zich aan te passen)
- meten is weten, gissen is missen (=je kunt beter afmetingen meten dan schatten)
- een goed pad krom loopt niet om. (=je kunt beter geen onnodige veranderingen aanbrengen)
- een slak op de goede weg, wint het van een haas op de verkeerde weg (=je kunt beter iets langzaam en goed doen, dan snel en niet goed)
- langzaam aan, dan breekt het lijntje niet (=je kunt beter rustig doorwerken, dan kan er het minste fout gaat)
- het is beter de bakkers te paard, als de dokters. (=je kunt beter voldoende en gezond eten, dan straks naar de dokter te moeten)
- wie pleit om een paard, behoudt de staart. (=je kunt beter wat toegeven, dan het tot een duur en langslepende kwestie te laten komen)
- nee heb je, ja kun je krijgen (=je kunt het altijd proberen)
- er is nog nooit een kok gevonden die koken kan voor alle monden (=je kunt het niet iedereen naar de zin maken)
- geef een man een vis dan heeft hij die dag te eten (=je kunt iemand beter leren vissen dan heeft hij z`n leven lang vis te eten)
- proberen is het naaste recht. (=je kunt iets altijd proberen.)
- de aanval is de beste verdediging (=je kunt in een strijd of ruzie beter zelf actie ondernemen dan afwachten)
- je kunt wel dansen, ook al is het niet met de bruid (=je kunt je best amuseren ook al is het niet altijd precies wat je zou willen)
- die geboren is om te hangen, zal niet verdrinken. (=je kunt je lot niet ontlopen.)
- het zijn niet al ridders die sporen dragen (=je kunt niet alleen aan iemands uiterlijk afleiden of hij ergens geschikt voor is)
- het is niet altijd kermis. (=je kunt niet altijd feestvieren.)
- het laatste hemd heeft geen zakken (=je kunt niets meenemen als je dood gaat (laatste hemd = doodshemd))
- wie voor een dubbeltje geboren is, wordt nooit een kwartje (=je kunt nooit boven de stand komen waarin je geboren bent. Arm geboren, zal wel arm blijven)
- de vis aardt naar de zee (=je kunt wel zien waar hij vandaan komt)
- je mening niet onder stoelen of banken steken (=je mening niet verbergen, openlijk voor je standpunten uit durven komen, bij voorbeeld van afkeuring van iets)
- de huik naar de wind hangen (=meeheulen - altijd andermans standpunt volgen)
- op je tenen lopen (=meer willen presteren dan je aan kunt)
- een stok vinden om de hond te slaan (=om maar iemand te kunnen bekritiseren een nadelig punt vinden)
- een dag is nooit zo nat of de zon schijnt altijd wat (=ook bij nare situaties zijn er lichtpuntjes)
- het zijn niet allen monniken die kappen dragen (=schijn bedriegt, je kunt je in mensen vergissen)
- het zijn niet allen koks die lange messen dragen (=schijn bedriegt, je kunt je in mensen vergissen)
- het zijn niet allen jagers die op de hoorn blazen. (=schijn bedriegt, je kunt je in mensen vergissen)
- boompje groot, plantertje dood (=sommige dingen hebben effecten die je niet kunt voorzien)
- een spreekwoord is een waar woord. (=spreekwoorden bevatten vaak waarheden of nuttige lessen waar je van kunt leren)
- zijn rokje gekeerd hebben (=standpunten veranderen)
- koud en heet uit één mond blazen. (=verschillende standpunten innemen om zijn eigen belangen te dienen)
- kleur bekennen (=voor zijn standpunt uit moeten komen)
- garnaal/spiering is ook vis als er anders niet is. (=wees tevreden met wat je kunt krijgen)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen