2 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `tent`
- er zijn tenten opslaan (=ergens verblijven, zich ergens vestigen)
- iemand uit de tent lokken (=het voor elkaar krijgen dat iemand ergens een uitspraak over doet)
6 betekenissen bevatten `tent`
- iemands rechterhand zijn (=de belangrijkste assistent zijn)
- het slechtste wiel van de wagen kraakt meest. (=de minst competente persoon is vaak ook de luidste)
- holle vaten klinken het hardst. (=de minst competente persoon is vaak ook de luidste)
- ijdele tonnen rollen het hardst. (=de minst competente persoon is vaak ook de luidste)
- een eed met boter bezegeld. (=een belofte zonder echte intentie om de belofte na te komen)
- er een kruisje bij zetten (=er attent op maken)
7 dialectgezegden bevatten `tent`
- één uut de tent lokk' n (=trachten iemand te laten praten) (Westerkwartiers)
- eulie ien 't vuur (=ruzie in de tent) (Westerkwartiers)
- iemand uut de tent lokk'n (=iemand aanzetten zijn ideeën te spuien) (Westerkwartiers)
- noe he' w ' t schoap an ' t drieten (=nu hebben we gedonder in de tent) (Twents)
- On de Hee stond mèt kûrmes een graute tent bau vër viël plezier mokde (=Veel plezier hebben we beleefd in de tent met Heikermis) (Munsterbilzen - Minsters)
- van essen tent (=van het begin tot het einde) (Zomergems)
- zich aut zen tent lotte lokke (=zich laten uitdagen) (Munsterbilzen - Minsters)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen