Spreekwoorden met `tent`

Zoek

2 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `tent`

  1. er zijn tenten opslaan (=ergens verblijven, zich ergens vestigen)
  2. iemand uit de tent lokken (=het voor elkaar krijgen dat iemand ergens een uitspraak over doet)

6 betekenissen bevatten `tent`

  1. iemands rechterhand zijn (=de belangrijkste assistent zijn)
  2. het slechtste wiel van de wagen kraakt meest. (=de minst competente persoon is vaak ook de luidste)
  3. holle vaten klinken het hardst. (=de minst competente persoon is vaak ook de luidste)
  4. ijdele tonnen rollen het hardst. (=de minst competente persoon is vaak ook de luidste)
  5. een eed met boter bezegeld. (=een belofte zonder echte intentie om de belofte na te komen)
  6. er een kruisje bij zetten (=er attent op maken)

7 dialectgezegden bevatten `tent`

  1. één uut de tent lokk' n (=trachten iemand te laten praten) (Westerkwartiers)
  2. eulie ien 't vuur (=ruzie in de tent) (Westerkwartiers)
  3. iemand uut de tent lokk'n (=iemand aanzetten zijn ideeën te spuien) (Westerkwartiers)
  4. noe he' w ' t schoap an ' t drieten (=nu hebben we gedonder in de tent) (Twents)
  5. On de Hee stond mèt kûrmes een graute tent bau vër viël plezier mokde (=Veel plezier hebben we beleefd in de tent met Heikermis) (Munsterbilzen - Minsters)
  6. van essen tent (=van het begin tot het einde) (Zomergems)
  7. zich aut zen tent lotte lokke (=zich laten uitdagen) (Munsterbilzen - Minsters)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen