Spreekwoorden met `nagel`

Zoek

6 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `nagel`

  1. als aan de grond genageld staan (=perplex staan)
  2. een nagel aan iemands doodkist (=een groot verdriet of iemand die een groot verdriet veroorzaakt)
  3. geen nagel hebben om zijn gat te krabben (=heel erg arm zijn)
  4. iemand het bloed onder de nagels vandaan halen (=iemand vreselijk treiteren of irriteren)
  5. klauwen en nagels hebben (=zich kunnen verdedigen)
  6. rouwranden aan zijn nagels hebben (=zwarte randjes onder vingernagels hebben)

Eén betekenis bevat `nagel`

  1. rouwranden aan zijn nagels hebben (=zwarte randjes onder vingernagels hebben)

22 dialectgezegden bevatten `nagel`

  1. ‘t sa nog nie sijn (=de nagel op de kop) (Kaprijks)
  2. Dè het nog gein nagel om aan de vot te kratse (=hij is straatarm) (Susters)
  3. de stoeme is me zaan kloete aan ne nagel blaaiven ange. (=de aap komt uit de mouw.) (Antwerps)
  4. Dieë hijt ginne nagel oem ze gat te krabbe; dieë zit oep druuëg zoad, dieë moet krabbe oem er te koome (=Hij heeft geen geld) (Diesters)
  5. ge zet de nagel van men doewedskist (=je bent mijn grootste vijand) (Wommersoms)
  6. geen nagel hebbe om oan je reet te krabbe (=arm zijn) (Culemborgs)
  7. Gènne nagel hèbbe um de kó.nt te krabbe (=erg arm zijn) (Genneps)
  8. Giêne nagel veu zaa gat te krabbe (=Geen centen hebben) (Sint-Katelijne-Waver)
  9. hae haet geine nagel òm aan zien vot te kretse!! (=hij is straatarm) (Steins)
  10. hae haet geine nagel óm zien gaat te kratse (=hij is heel arm) (Heitsers)
  11. hae hoch et bij et raechte eind (=de smid sloeg de nagel op de kop) (Munsterbilzen - Minsters)
  12. he genen nagel voe zen gat te krabben (=heeft geen geld) (Bachten de kupes)
  13. Hea hat nog ginge nagel um zich an de vót te kratse (=Hij is straatarm) (Mechels (NL))
  14. Heej het nog genne nagel om zich de kónt te kratse (=Hij kan zich niks permitteren) (Wells)
  15. héj' ij ginne nagel voer zé gat te krabbe (=hij is straatarm) (Wommersoms)
  16. hij hit ginne nagel vur oan z'n koont te krabbe (=hij heeft niets) (Overpelts)
  17. je geen nagel om aan zien gat te krabelen (=hij is zeer arm) (houthulst)
  18. jè gin nagel voer an zun gat te scharten (=iemand die zeer arm is) (brugs)
  19. Je liektnt weln zeune van dn doadgraever of joe heit rouwranden (=Wat heb jij vieze nagel randen?!) (Flakkees)
  20. Ut ies unne naogel on munne doodskiest (=Het is een nagel aan mijn doodskist) (Dongens)
  21. zin geen ne nagel vuer an under gat te skarten (=ze zijn arm) (Roeselaars)
  22. önne nagel aon men doedskis (=iemand die je het leven zuur maakt) (Mestreechs)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen