Eén spreekwoord bevat `naar huis`
- om over naar huis te schrijven (=erg bijzonder)
2 betekenissen bevatten `naar huis`
- je penaten opzoeken (=naar huis gaan)
- je klompen wegbrengen/wegzetten (=naar huis gaan/sterven)
50 dialectgezegden bevatten `naar huis`
- 'k gao op 'n huus an (=ik ga naar huis) (Sallands)
- 'k goa nekieër goan goan zien (=ik ga naar huis) (Kaprijks)
- 'k goin moan seir teu deu (=ik ga naar huis gaan) (Overijses)
- 'k gon no m'n uus gon patèle eejten (=ik ga naar huis gaan middageten) (Brugs)
- 'k hoop dat ze gauw opkrazz'n (=ik hoop dat ze snel naar huis gaan) (Westerkwartiers)
- ‘t Waerdje hoeag tied óm heives te gaon. (=Het wordt hoog tijd om naar huis te gaan.) (Beegdens)
- ‘tsa wa zwoaën os ge tuis komt (=voor iemand die te laat naar huis gaat) (Kaprijks)
- ' k go m' n eige thuus bringe (=Ik ga naar huis) (Ouddorps)
- ' Ktrek eroat (=Ik ga naar huis) (Hulshouts)
- allee treute, we zijme vuurt, ik zal eu thuis ne kier tuugen woar dat Belfort echt stoat (=kom schat, we gaan naar huis voor een romantische nacht) (Gents)
- attet garnezoen jing op haus aofkump esset nen heile opstand (=het is een hele bedoening als alle kinderen tegelijk naar huis komen) (Bilzers)
- blijven hangen, plekken (=op cafe gaan en laat naar huis komen) (Meers)
- dae haet de vogel aaf (=hij is klaar om naar huis te gaan) (Heitsers)
- das een trekploster (=als die ergens is kan hij niet naar huis gaan) (Sint-Niklaas)
- De mölle uut ' t kaf trekken (=tijd om naar huis tegaan.) (Achterhoeks)
- de pad opkorte (=naar huis gaan) (Slands)
- de wal op gaan (=naar huis gaan) (Marine jargon (veelal Maleis))
- den boer ging nor uis en de stroatjongens kwammun boogoarden (bunderen) (=de boer ging naar huis en de straatjongens kwamen fruit stelen) (Sint-Niklaas)
- Es ich neet heem bin, bin ich jatse, koam waal noa heem. (WT) (=Als ik niet thuis kom, ben ik onderweg, kom wel naar huis) (Mechels (NL))
- ge gao nie blijve plakke (=je moet op tijd naar huis komen) (Oudenbosch)
- Geist dich mèt heives of bliefst dich nog gèt (=Ga je mee naar huis of blijf je nog wat) (Kinroois)
- Ges te nie ne toos (=Ga je niet naar huis) (Grote Spouwers)
- Go nor uis, manneken, ou moedre ee siepers gebakken op de koolschuppe (=Ga naar huis jongen uw moeder heeft pannekoeken gebakken op de kolenschop) (Zottegems)
- goa noa huus (=ga naar huis) (Vaassens)
- heivers gaon (=naar huis gaan) (Neerharens)
- heivers gaon (=naar huis gaan) (Heitsers)
- heives goan (=naar huis gaan) (Sint-joasters)
- hi j schooven (=ga je naar huis) (Zeeuws)
- hie gae naer stee (=hij gaat naar huis) (Flakkees)
- hij giet hen hoes (=Hij gaat naar huis) (Drents)
- Hij giet naor huus (=Hij gaat naar huis) (Hoogeveens)
- hij lup naor huis (=hij loopt naar huis) (Maas en waals)
- Hij wet de weg naor huus zelf wel. (=Hij weet de weg naar huis zelf wel) (Hoogeveens)
- ich gen ne hoas (=ik ga naar huis) (Zolders)
- Ich goan heivesj (=naar huis gaan) (Neerbeeks)
- ich goan heivisj, ich goan_noa heem (=ik ga naar huis) (Limburgs)
- ich goan jawwet (=ik ga naar huis) (Riemsts)
- ich goan op heim aan (=ik ga naar huis) (Sint-joasters)
- ich goen no' hous (=ik ga naar huis toe) (Lummens)
- ich goên stillëkës op haus aôn (=ik ga maar eens naar huis) (Munsterbilzen - Minsters)
- ich gon zietsjes aon noë thaus (=ik ga stilletjes naar huis) (Bilzers)
- ich joan noa heem (=ik ga naar huis) (Bocholtz)
- Ich kus men schup af (=Ik hou er mee op, ik ga naar huis) (Berings)
- Ich wil jouwes (=Ik wil naar huis) (Zichers)
- iech goan eivers (=ik ga naar huis) (Rekems)
- ig gojn naas (=ik ga naar huis) (Wommersoms)
- ik ga dun hit voere (=ik ga naar huis) (Flakkees)
- ik gae mn schoenen thuusbringe (=naar huis gaan) (Flakkees)
- Ik gao en uus (=Ik ga naar huis) (Meppels)
- Ik gao op veu'n an (=Ik ga naar huis) (Hierdens)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen