9 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `duim`
- de wereld op zijn duim kunnen draaien (=alles doen wat iemand wil)
- geen duimbreed wijken (=niet toegeven of toegeven aan druk.)
- het ligt er duimdik bovenop (=het is overduidelijk)
- iemand de duimschroeven aanzetten (=iemand scherp ondervragen, onder grote druk zetten)
- iemand onder de duim houden (=iemand in je macht hebben, iemand de baas zijn)
- op je duimpje kennen (=heel goed kennen, van buiten weten)
- uit de duim zuigen (=iets verzinnen)
- vinger en duim naar iets likken (=iets erg graag lusten)
- vingers en duimen aflikken (=iets erg graag lusten)
11 dialectgezegden bevatten `duim`
- besjuutsje voore (=een kind in de kin knijpen met duim en wijsvinger om te plagen) (Berg en Terblijts)
- doom sapken (=duim zuigen) (Twents)
- dun stjoep van minnen duim doe zeer (=de top van mijn duim doet pijn) (Sint-Niklaas)
- e snufke zaat (=een beetje keukenzout dat men tussen duim en wijsvinger kan vasthouden) (Sint-Niklaas)
- ich zal éne vür dich baeë (=ik duim voor je) (Munsterbilzen - Minsters)
- iets kiubm mee vier vijërs in een duim (=iets stelen in een winkel) (Kaprijks)
- iets kiuëbm mee vier vijrs in nen duim (=iets ontvreemden) (Kaprijks)
- Juh zuster met die dikke duim (=Als je iemand niet gelooft) (Leids)
- nen duim dik (=een duim dik (een duim was een oude lengtemaat van ca. 2, 5 cm)) (Meers)
- nen duim dikke (=een dikte van een duim) (Overmeers)
- uit zijnen duim zuigen (=verzinnen) (Wetters)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen