Spreekwoorden met `bre`

Zoek


111 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `bre`

  1. aan de man brengen/helpen (=verkopen)
  2. aan het licht brengen (=bekend maken (bijz. van ongunstige dingen))
  3. aan het verstand brengen (=duidelijk maken)
  4. al lang en breed (=al lange tijd)
  5. al moesten de kraaien het uitbrengen (=ooit wordt de zaak bekend)
  6. al zouden de raven het uitbrengen (=ooit wordt de zaak bekend)
  7. alles komt uit al moesten de kraaien het uitbrengen (=de waarheid komt altijd uit)
  8. als het huis volbouwd is breekt men de steigers af (=als het doel bereikt is, vergeet men de helpers)
  9. ars longo vita brevis (=de kunst blijft lang en het leven is kort) (Latijn)
  10. bij gebrek aan brood eet men korstjes van pasteien (=bij gebrek aan het goedkope, het dure gebruiken)
  11. bij gebrek aan brood eet men korstjes van pasteien. (=bij gemis aan het gewone moet men zijn toevlucht soms wel tot iets duurders nemen.)
  12. brede schouders hebben (=veel kunnen verdragen)
  13. breek me de bek niet open (=begin daar maar niet over, want daar kan ik heel veel negatieve dingen over vertellen)
  14. dat is zo breed als het lang is (=dat verandert niets aan de zaak)
  15. de bal aan het rollen brengen (=de aanzet geven)
  16. de brede weg opgaan (=zondigen)
  17. de breedste riemen worden uit andermans leer gesneden (=het is gemakkelijk met kwistige hand te beschikken over wat een ander toebehoort)
  18. de breeveertien opgaan (=verkeerde dingen doen)
  19. de derde man brengt de spraak aan (=drie hebben gemakkelijker een gesprek dan twee)
  20. de Hebreeërs bouwden het, maar de Egyptenaren hebben het. (Exodus 1:11-14) (=het vuile werk door anderen opknappen en het resultaat zelf pakken)
  21. de hel breekt los (=de ruzie is begonnen.)
  22. de kraaien zullen het uitbrengen (=de waarheid zal aan het licht komen)
  23. de krant brengt de leugens in het land. (=niet alles wat de media schrijft klopt.)
  24. de kruik gaat zo lang te water tot ze barst/breekt (=als men steeds risico`s blijft nemen, gaat het een keer mis)
  25. de liefde kent vlek nog gebrek. (=verliefde mensen zijn blind voor tekortkomingen van hun partner)
  26. de nacht brengt raad. (=ergens een nachtje over slapen leidt tot betere beslissingen of oplossingen)
  27. de ontbrekende schakel (=iets dat nog mist om iets compleet te maken)
  28. de raven zullen het uitbrengen (=de waarheid komt hoe dan ook aan het licht)
  29. die niets ontbreekt is rijk. (=wie tevreden is heeft geen geld nodig)
  30. distels breken is distels kweken (=`maar distels laten staan, is distels laten vergaan`)
  31. een brede rug hebben (=veel kunnen verdragen)
  32. een fles de nek breken (=uitdrinken)
  33. een kring om de zon brengt water in de ton. (=een halo rond de zon voorspelt meestal regen)
  34. een lans breken voor iemand (=het voor iemand opnemen, voor iemand de best doen diegene ergens mee te helpen iets te verkrijgen)
  35. een potje bij hen kunnen breken (=veel getolereerd worden)
  36. een vriendelijk gezicht brengt overal licht (=een vrolijk persoon weet vaak meer te bereiken dan een nors persoon)
  37. elke gek heeft zijn gebrek (=er valt op iedereen wel iets aan te merken)
  38. er een eind/punt aan breien (=snel tot een afsluiting komen (bijvoorbeeld van een toespraak))
  39. ergens een potje kunnen breken (=ergens graag gezien zijn)
  40. eten is een goed begin: het ene beetje brengt het ander in. (=letterlijke betekenis.)
  41. geen duimbreed wijken (=niet toegeven of toegeven aan druk.)
  42. geen handbreed wijken (=niet opzij gaan, nooit bang is)
  43. geen strobreed in de weg leggen (=in geen enkel opzicht hinderen)
  44. geen strobreed wijken (=niets toegeven of niet van mening veranderen)
  45. geen tien paarden brengen me daar naar toe. (=in geen geval ga ik daar naar toe)
  46. geen voetbreed wijken (=hard op zijn standpunt blijven)
  47. geen zoden aan de dijk brengen/zetten (=niets bijdragen tot)
  48. geluk en glas breekt even ras. (=geluk is niet vanzelfsprekend)
  49. het ene woord brengt het andere voort. (=een negatieve opmerking kan leiden tot negatieve woorden over en weer)
  50. het hoofd breken over iets (=trachten een antwoord te vinden op een moeilijke vraag)

75 betekenissen bevatten `bre`

  1. het tafellaken doorsnijden (=alle bindingen met iemand verbreken)
  2. eén rotte appel in de mand, maakt al het gave fruit te schand (=als één persoon uit een groep zich misdraagt, wordt de hele groep erop aangekeken. / Een negatieve beïnvloeding van één persoon kan vele anderen op het slechte pad brengen.)
  3. mei koel en wak, veel koren in de zak. (=als het in mei nat en koud is wordt de opbrengst hoog)
  4. een pakje wordt een zakje. (=als je een probleem niet aanpakt kan het zich uitbreiden en erger worden.)
  5. een spiering is vis als er anders niet is (=als je honger hebt, ben je niet kieskeurig / bij gebrek aan beter)
  6. bij gebrek aan brood eet men korstjes van pasteien (=bij gebrek aan het goedkope, het dure gebruiken)
  7. dat is een paal onder water (=dat brengt meer nadeel dan voordeel)
  8. daar kan de schoorsteen niet van roken (=dat brengt niets op / men kan niet alleen van vriendelijke woorden leven)
  9. daar moet de schoorsteen van roken (=dat moet de inkomsten voortbrengen. Daar moeten we van bestaan)
  10. daar kun je ketelaar van blijven (=dat zal niets opbrengen)
  11. op de pianist schieten (=de onschuldige (de brenger van het nieuws) straffen)
  12. liefde is blind (=door verliefdheid de gebreken van een ander niet zien)
  13. een muur van onbegrip (=een hardnekkig gebrek aan begrip)
  14. een zaak/kwestie aankaarten (=een onderwerp ter discussie brengen)
  15. als een donderslag bij heldere hemel (=een onverwachte gebeurtenis, die een grote schok teweeg brengt)
  16. nood doet zelfs oude vrouwen rennen (=een onverwachte situatie kan verrassende kwaliteiten naar boven brengen (vergelijkbaar met `angst geeft vleugels`))
  17. op een volle buik staat een vrolijk hoofd. (=een volle buik brengt een blij en tevreden humeur.)
  18. iets te berde brengen (=een voorstel doen; iets ter sprake brengen)
  19. het ijs breken / het ijs is gebroken (=een vriendelijk gesprek op gang brengen na een kil begin)
  20. door de molen halen (=een zeer uitgebreide procedure doen ondergaan)
  21. het is niet koek en ei (=er ontbreekt iets aan de situatie)
  22. zo broos als glas (=erg breekbaar)
  23. er een plasje overheen doen (=ergens een kleine wijziging in aan (laten) brengen, dat wel duidelijk laat zien dat de afzender iemand van belang is)
  24. iets aan banden leggen (=ervoor zorgen dat iets zich niet verder kan uitbreiden)
  25. rapen en schrapen (=geld bijeenbrengen)
  26. gestolen goed gedijt niet (=gestolen zaken brengen nooit voordeel)
  27. als je alles van tevoren wist, dan kwam je met een dubbeltje de wereld rond (=het heeft geen zin zich na afloop te beklagen over gebrek aan voorkennis. (Meestal in antwoord op klachten als `Als ik dat van tevoren geweten had.`))
  28. als je alles van tevoren weet, ga je liggen voor je valt (=het heeft geen zin zich na afloop te beklagen over gebrek aan voorkennis. (Meestal in antwoord op klachten als `Als ik dat van tevoren geweten had.`))
  29. je laatste troef uitspelen (=het laatste wat iemand achter de hand had naar buiten brengen)
  30. niet vet kunnen soppen (=het niet breed hebben)
  31. het onder de pet houden (=het niet in de openbaarheid brengen)
  32. het klopt als een zwerende vinger (=het past goed; het is logisch; het is volkomen juist; er is niets tegen in te brengen. (Equivalent aan: het sluit als een bus.))
  33. alle molens vangen wind. (=iedereen die meedoet zal een deel van de opbrengst opeisen)
  34. iemand de rekening presenteren (=iemand de kosten ten laste brengen (ook figuurlijk))
  35. iemand een grote neep geven (=iemand ernstig afbreuk doen)
  36. iemand met de neus op de feiten drukken (=iemand iets zó onder de aandacht brengen, dat hij het niet langer kan negeren)
  37. het iemand warm maken (=iemand in moeilijkheden brengen)
  38. de strop om de hals doen (=iemand in uiterste problemen brengen)
  39. de kat bij de melk zetten (=iemand in verleiding brengen)
  40. de kat bij het spek zetten (=iemand in verleiding brengen)
  41. iemand de ogen uitsteken (=iemand jaloers maken door de aandacht te vestigen op iets wat men heeft, en wat de ander ontbreekt)
  42. voor het blok zetten (=iemand onverwacht in een lastige positie brengen; bijvoorbeeld iemand dwingen te reageren die dat eigenlijk niet wil, of iemand dwingen een keuze te maken.<>)
  43. iemand het land opjagen (=iemand uit zijn humeur brengen)
  44. iemand de mond snoeren (=iemand verbieden iets te zeggen / tot zwijgen brengen)
  45. iemand uit het zadel werpen (=iemand wegwerken, iemand in verlegenheid brengen)
  46. de steen des aanstoots (=iets dat anderen hindert, in conflict brengt of verdeeldheid zaait)
  47. iets voor het voetlicht brengen (=iets onder de aandacht brengen)
  48. iets over het hoofd zien (=iets vergeten of ontbreken)
  49. in mora (=in gebreke)
  50. ruiten tikken (=inbreken)

Eén dialectgezegde bevat `bre`

  1. Twa bre smitn! (=Het was kei grappig!) (West-Vlaams)



Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen