50 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `Aren`
- alles op hAren en snAren zetten (=alle middelen aanwenden / alles in het werk stellen)
- als Hollands welvAren (=blakend van gezondheid)
- de aardappelen komen niet voor de eikenblAren (=boerenregel. De aardappelplant begint te groeien als de eik in het blad komt)
- de broek lappen en het gAren toegeven (=er veel verlies aan overhouden)
- de gelegenheid bij de hAren grijpen (=de kans niet laten voorbijgaan)
- de hAren ten berge (doen) rijzen (=ergens erg van (doen) schrikken)
- de hAren uit het hoofd trekken (=enorm veel spijt hebben)
- de haring over de kop vAren (=het doel voorbijschieten)
- de Hebreeërs bouwden het, maar de EgyptenAren hebben het. (Exodus 1:11-14) (=het vuile werk door anderen opknappen en het resultaat zelf pakken)
- de kool en de geit spAren (=een oplossing vinden waar beide partijen tevreden mee kunnen zijn)
- de leer veroordelen maar de leraar spAren (=de wortel van het probleem niet aanpakken)
- één uur van onbedachtzaamheid, kan maken dat men jAren schreit (=één moment van onvoorzichtigheid kan verschrikkelijke gevolgen hebben)
- een vos verliest wel zijn hAren maar niet zijn streken (=mensen veranderen zelden echt)
- elkaar in de hAren vliegen (=ruzie maken)
- er zouden geen achterklappers zijn wAren er geen aanhoorders (=er wordt alleen geroddeld als er ook naar geluisterd wordt)
- eten dat je zweet en werken dat je het koud krijgt, dat zijn de wAren. (=slecht personeel. Uit de tijd dat meiden en knechts bij de boer in de kost waren.)
- grijze hAren zijn kerkhofsbloemen (=als je grijze haren krijgt, ben je niet zo ver van het kerkhof)
- het verstand komt met de jAren (=naarmate je ouder wordt, word je wijzer en verstandiger)
- het wAren allebeiden vuilaards. (=de een verwijt de ander iets waaraan hij zich)
- Hollands welvAren (=gezegd van een zeer gezond uitziend persoon)
- iemand in het naadgAren komen (=iemand erg hinderen)
- iemand voor het naadgAren zetten (=iemand voor de schulden laten opdraaien)
- iets uit zijn mond spAren (=iets niet opeten)
- in het schuitje zitten en mee moeten vAren (=mee moeten doen, zich niet meer kunnen terugtrekken)
- in hetzelfde schuitje vAren/zitten (=met dezelfde omstandigheden te maken hebben, hetzelfde lot ondergaan)
- in iemands kielzog vAren (=het net zo doen als iemands voorganger)
- je blind stAren op (=te veel naar één eigenschap kijken)
- je kan niet de kool en de geit spAren (=je moet keuzes maken)
- je moet de snAren niet te sterk spannen (=je moet niet al te streng zijn, niet al te veel eisen)
- je wilde hAren verliezen (=ouder en rustiger worden)
- jesus nazArenus rex judaeorum (=jezus van Nazareth, koning der Joden) (Latijn)
- lang vasten is geen brood spAren. (=honger lijden is niet hetzelfde als geld besparen)
- lelijk ten haring gevAren zijn (=zwaar pech hebben)
- met de hAren erbij slepen (=iets erbij halen dat er niets mee te maken heeft)
- met onbevAren volk is het slecht zeilen (=met onervaren mensen is het moeilijk werken)
- onder valse vlag vAren (=zich voordoen als een ander of zich anders voordoen)
- op jAren komen (=al een zekere leeftijd bereiken)
- op stootgAren liggen (=klaarliggen om in actie te schieten)
- spijt hebben als hAren op zijn hoofd (=erg veel spijt hebben)
- tot de jAren des onderscheids komen (=oud genoeg zijn om zelf te weten/mogen wat wel en niet mag)
- tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwAren (=praktische belemmeringen weerhouden ons van het realiseren van onze plannen.)
- vAren waar de grote mast vaart (=klakkeloos de baas volgen)
- veel gAren op zijn klos hebben (=veel te zeggen hebben - veel aanmerkingen maken)
- vette en magere jAren (hebben) (=jaren met meer welvaart en minder werkloosheid en jaren met minder welvaart en meer werkloosheid)
- voor halve vracht meevAren (=weinig gewaardeerd worden)
- wie in het schuitje zit moet meevAren (=wie ergens mee begonnen is moet dit ook afmaken)
- wie scheep is moet vAren (=als je ergens aan begonnen bent moet je er mee voortdoen)
- wie zijn billen brandt, moet op de blAren zitten (=als je iets doms doet, moet je de gevolgen dragen (liefst zonder klagen))
- wie zijn gat brandt, moet op de blAren zitten (=wie een risico neemt, moet de gevolgen dragen)
- ze wAren fout (=collaborateurs en fascisten gedurende de Tweede Wereldoorlog)
39 betekenissen bevatten `Aren`
- als oude honden blaffen, is het tijd om uit te zien (=als ervAren mensen waarschuwen moet je luisteren)
- grijze haren zijn kerkhofsbloemen (=als je grijze hAren krijgt, ben je niet zo ver van het kerkhof)
- die in het voorjaar niet zaait, in het najaar niet maait. (=als je jong bent moet je spAren voor je eigen oude dag)
- van leer trekken (=beginnen met vechten, duidelijk laten merken dat iets als vervelend ervAren wordt)
- apen en beren op de weg zien (=bezwAren zien)
- leeuwen en beren op de weg zien (=bezwAren zien)
- captie maken (=bezwAren/aanmerkingen maken)
- het ruime sop kiezen (=de haven uitvAren)
- de zee ploegen (=de zee bevAren)
- iets in petto houden (=een mededeling voor later bewAren)
- vuur en vlam spuwen (=erg hevig uitvAren)
- iemand op zijn zeer trappen (=ergens over praten wat door iemand als erg onplezierig ervAren wordt)
- een oude vogel is niet licht te vangen. (=ervAren mensen laten zich niet makkelijk foppen.)
- een oude rat vindt licht een gat. (=ervAren mensen weten vaak een oplossing te vinden)
- stad en land aflopen. (=geen moeite spAren om iets te bereiken)
- zo dicht als een pot zijn (=goed kunnen zwijgen/geheimen bewAren)
- de fiolen van zijn toorn uitstorten (=heftig uitvAren)
- wie wat bewaart, die heeft wat (=het bewAren van zaken kan op lange termijn voordelig blijken te zijn)
- het eet geen brood (=het kost niets om het te bewAren, behoeft geen onderhoud)
- de centen dansen hem in de zak. (=hij kan niets spAren)
- lang vasten is geen brood sparen. (=honger lijden is niet hetzelfde als geld bespAren)
- iets met de moedermelk binnenkrijgen (=iets leren in de eerste levensjAren)
- vette en magere jaren (hebben) (=jAren met meer welvaart en minder werkloosheid en jAren met minder welvaart en meer werkloosheid)
- zo gesloten zijn als een oester (=je mond niet opendoen en een geheim bewAren)
- met onbevaren volk is het slecht zeilen (=met onervAren mensen is het moeilijk werken)
- door de ouderdom wordt de wolf grijs. (=mildheid komt met de jAren)
- niet graag in iemand schoenen staan (=niet graag willen ervAren hoe het is iemand anders te zijn die in een moeilijke of onprettige situatie zich bevindt)
- nog nat(/ niet droog) achter de oren zijn (=nog uiterst onervAren zijn, zodat men er niet over mee kan praten)
- stank voor dank (=ondankbaarheid ervAren voor geboden diensten.)
- elke bos stro waait voor de wind (=onder makkelijke omstandigheden kan iedereen welvAren of iets uitvoeren)
- het klappen van de zweep kennen (=precies weten hoe het eraan toegaat, ervAren zijn)
- eten dat je zweet en werken dat je het koud krijgt, dat zijn de waren. (=slecht personeel. Uit de tijd dat meiden en knechts bij de boer in de kost wAren.)
- tegen windmolens vechten (=tegen irreëele gevAren/zaken vechten)
- kruisjes achter de rug hebben (=tientallen jAren oud zijn)
- je tanden laten zien (=tonen dat men niet bang is, van zich afbijten; stevig uitvAren; streng zijn)
- veel vijven en zessen hebben (=veel bezwAren hebben)
- grijs haar, wijs haar. (=verstand komt met de jAren)
- de koe is vergeten dat hij kalf geweest is. (=zeurende ouderen vergeten dat ze vroeger ook wild wAren)
- je koren/korentje groen eten (=zich geen zorgen maken om de toekomst, niet spAren.)
2 dialectgezegden bevatten `Aren`
- 't groeën stoet al in d'oeër'n (=de Aren van het graan zijn reeds geschoten) (Meers)
- noë den oogs moeste vër oëre gon raope oppet veld (=nadat het graan was geoogst moesten we de overgebleven Aren op het veld gaan oprapen) (Munsterbilzen - Minsters)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen