413 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `Ema`
- iets verdonkerEmanen (=stelen)
- iets/iEmand in de gaten hebben/krijgen (=doorkrijgen hoe dingen in elkaar steken of zicht houden op de situatie)
- in iEmands gareel lopen (=zonder enige tegenwerping doen wat iemand je opdraagt)
- in iEmands huid kruipen (=zich in een ander verplaatsen)
- in iEmands kielzog varen (=het net zo doen als iemands voorganger)
- in iEmands kraam te pas komen (=iets wat iemand nodig had)
- in iEmands schaduw staan (=niet opvallen omdat iemand anders meer opvalt)
- in iEmands schoenen staan (=het lot van iemand anders ondergaan)
- in iEmands vaarwater zitten (=iemand hinderen of concurreren)
- in iEmands vel steken (=het lichamelijke lot van iemand anders ondervinden)
- in iEmands zakken zitten (=iemand plagen)
- in iEmands zwak tasten (=iemand op een gevoelige plek raken)
- Jan en allEman (=iedereen)
- je gEmak houden (=niet te veel werk doen, niet kwaad worden)
- je handen van iEmand aftrekken (=iemand niet langer steunen)
- je met iEmand meten (=met iemand wedijveren)
- kolen op iEmands hoofd stapelen (=iets goed doen voor een onvriendelijke persoon)
- liever iEmand zijn hielen zien dan zijn tenen (=iemand niet goed kunnen verdragen)
- maling aan iets of iEmand hebben (=zich nergens iets van aantrekken)
- menig heeft te veel, niEmand heeft genoeg. (=sommige mensen hebben nooit genoeg)
- met iEmand afrekenen (=iemand betalen; iemand iets betaald zetten)
- met iEmand breken (=met iemand niet meer verder werken, leven)
- met iEmand in aanvaring komen (=ruzie of problemen met iemand krijgen)
- met iEmand in zee gaan (=met iemand een samenwerking beginnen)
- met iEmand niet willen oversteken (=niet in iemands plaats willen zijn)
- met iEmand spelen als de kat met de muis (=iemand voor de gek houden)
- met iEmand te diep in zee gaan (=iemand al te ver vertrouwen)
- met iEmand zijn voeten spelen (=iemand voor de gek houden)
- met iEmands woorden naar de markt gaan (=overal rondvertellen wat men elders horen zeggen heeft)
- met opgestoken/opgestreken/opgezet zeil naar iEmand toe gaan (=boos naar iemand toe gaan of boos bij iemand binnen komen)
- naar iEmands pijpen dansen (=(onderdanig) alles doen wat iemand vraagt)
- niEmand genoemd, niEmand gelasterd. (=het vermijden van het noemen van namen voorkomt onnodige ruzie)
- niet graag in iEmand schoenen staan (=niet graag willen ervaren hoe het is iemand anders te zijn die in een moeilijke of onprettige situatie zich bevindt)
- niet in iEmands schaduw kunnen staan (=aan iemand absoluut niet kunnen tippen)
- niet met iEmand door één deur kunnen (=niet met iemand kunnen samenwerken (door verschillen in persoonlijkheid.))
- onder iEmands duiven schieten (=klanten van een ander overhalen om klant te worden bij jou)
- op goede voet staan met iEmand (=goed kunnen opschieten)
- op iEmands schouders staan (=op andermans werk voortbouwen)
- op iEmands tenen trappen (=iemand beledigen)
- op je dooie gEmak (=heel rustig, zonder zich te haasten)
- op je gEmak zijn (=ontspannen zijn)
- over iEmand een boekje opendoen (=informatie over iemand geven, waarvan diegene niet wil dat het bekend wordt)
- taal noch teken van iEmand vernemen (=niets van iemand horen/zien)
- tegen iEmand aanlopen (=iemand toevallig tegenkomen)
- uit iEmands aangezicht gesneden zijn (=sterk op iemand lijken)
- uit iEmands hand eten. (=afhankelijk zijn.)
- vat op iEmand krijgen (=iemand van iets kunnen overtuigen)
- voor dovEmans oren spreken (=spreken tegen personen die niet willen horen)
- voor iEmand door het vuur gaan/vliegen (=voor iemand alles overhebben, zich opofferen)
- voor iEmand in het krijt treden (=iemand helpen en verdedigen)
688 betekenissen bevatten `Ema`
- iemands handen zalven (=iEmand iets geven in de hoop een gunst te verkrijgen)
- iemand blij maken met een dode mus (=iEmand iets goeds in het vooruitzicht stellen, dat uiteindelijk waardeloos zal blijken te zijn)
- iemand de brokken in de mond tellen (=iEmand iets helEmaal niet gunnen)
- iemand iets in het oor bijten (=iEmand iets op bitsige wijze influisteren)
- iemand de wet stellen (=iEmand iets opdragen te doen)
- iemand iets aan de neus hangen (=iEmand iets vertellen wat die beter niet kan weten)
- iemand iets diets maken (=iEmand iets wijs maken)
- iemand voor het lapje houden (=iEmand iets wijs maken of voor de gek houden)
- iemand iets op de mouw spelden (=iEmand iets wijsmaken)
- iemand een rad voor de ogen draaien (=iEmand iets wijsmaken / iEmand op gemene wijze bedriegen)
- iemand zand in de ogen strooien (=iEmand iets wijsmaken, iEmand bedriegen)
- iemand iets in het oor fluisteren (=iEmand iets zachtjes zeggen, heimelijk laten weten)
- iemand met de neus op de feiten drukken (=iEmand iets zó onder de aandacht brengen, dat hij het niet langer kan negeren)
- iemand de hand boven het hoofd houden (=iEmand in bescherming nemen)
- iemand iets onder de roos vertellen (=iEmand in het geheim iets meedelen)
- iemand onder de duim houden (=iEmand in je macht hebben, iEmand de baas zijn)
- het iemand warm maken (=iEmand in moeilijkheden brengen)
- de strop om de hals doen (=iEmand in uiterste problemen brengen)
- de kat bij de melk zetten (=iEmand in verleiding brengen)
- de kat bij het spek zetten (=iEmand in verleiding brengen)
- iemand aan zijn angel krijgen (=iEmand in zijn macht krijgen)
- iemand de ogen openen (=iEmand inzicht geven in iets wat diegene nog niet doorhad)
- iemand de ogen uitsteken (=iEmand jaloers maken door de aandacht te vestigen op iets wat men heeft, en wat de ander ontbreekt)
- iemand een koud bad geven (=iEmand kalmeren , illusies ontnemen)
- achter iemand zoeken (=iEmand kwaad proberen te doen)
- iemand een luis in de pels zetten (=iEmand last bezorgen)
- iemand klein krijgen (=iEmand laten merken dat je hem aankunt, over iEmand de baas zijn en diegene tot gehoorzaamheid dwingen)
- iemand een loer draaien (=iEmand lelijk behandelen, lelijk te grazen nemen)
- een kind van Laban (=iEmand met een blanke huid)
- iemand van katoen geven (=iEmand met een pak slaag of woorden straffen)
- kroes haar kroeze zinnen (=iEmand met gekruld haar is wispelturig)
- iemand bijspijkeren (=iEmand met geld of kennis ondersteunen)
- iemand iets voor de voeten gooien (=iEmand met iets confronteren)
- iemand iets in de maag splitsen/stoppen (=iEmand met iets opzadelen)
- met een kluitje in het riet sturen (=iEmand met veel woorden niet veel wijzer maken)
- iemand met de nek aankijken (=iEmand minachten of negeren.)
- iemand achter de bank schuiven (=iEmand minachtend behandelen)
- iemand een hart onder de gordel/riem steken (=iEmand moed inspreken)
- iemand na-apen (=iEmand na doen)
- iemand op zijn voorman zetten (=iEmand nadrukkelijk op zijn plicht wijzen)
- iemand niet kunnen zetten (=iEmand niet aardig vinden)
- het niet op iemand hebben (=iEmand niet goed kunnen verdragen)
- iets tegen iemand hebben (=iEmand niet goed kunnen verdragen)
- liever iemand zijn hielen zien dan zijn tenen (=iEmand niet goed kunnen verdragen)
- de handen van iemand aftrekken (=iEmand niet langer steunen)
- je handen van iemand aftrekken (=iEmand niet langer steunen)
- iemands bloed wel kunnen drinken (=iEmand niet mogen en daardoor alles doen om die persoon te hinderen)
- iemand belet geven (=iEmand niet ontvangen)
- iemand of iets over het hoofd zien (=iEmand niet opmerken, vergeten met iEmand of iets rekening te houden, iets niet zien)
- iemand kort houden (=iEmand niet veel bewegingsvrijheid geven (fig.))
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen