178 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `uw`
- rouwranden aan zijn nagels hebben (=zwarte randjes onder vingernagels hebben)
- ruw laten stikken (=aan zijn lot overlaten)
- ruwe bolster, blanke pit (=ziet er sterk uit, maar heeft een goed hart)
- schreeuwen als een mager varken (=vreselijk schreeuwen)
- schreeuwen of men levend gevild wordt (=heel hard schreeuwen)
- spreeuwen willen wel kersen eten, maar geen bomen planten. (=wel van alles willen profiteren, maar er niets voor willen doen.)
- te goeder trouw (=naar beste weten en eerlijk handelend)
- te kwader trouw (=onbetrouwbaar, oneerlijk handelend)
- van de daken schreeuwen (=aan iedereen luid kenbaar maken)
- van eeuwigheid tot amen duren (=iets duurt heel erg lang, er komt maar geen einde aan)
- van Teeuwes nog Meeuwes weten (=ergens van helemaal geen verstand hebben)
- veel geblaat/geschreeuw maar weinig wol (=veel woorden hebben maar in de praktijk komt daar weinig van terecht)
- veel geschreeuw maar weinig wol. (=veel drukte om niets)
- vertrouwen komt te voet en gaat te paard (=het is makkelijker om iemands vertrouwen te schaden, dan te verkrijgen)
- vissers en jagers, zijn vrouwenplagers. (=vissers en jagers zijn vaak bij de vrouw weg)
- vliegt de blauwvoet storm op zee (=leuze van de Vlaamse nationalisten (ontleend aan Conscience))
- vloeken als een bootwerker/kartouw/ketellapper/ketter (=onbeheerst vloeken)
- voor dag en dauw (zijn) (=heel vroeg)
- vrouwenhanden en paardentanden staan nooit stil. (=een vrouw is altijd wel wat aan het doen)
- vuur en vlam spuwen (=erg hevig uitvaren)
- wat de vrouw graag mag, eet de man elke dag. (=mannen eten wat hun vrouw kookt, ook als het niet hun favoriete gerecht is)
- ze achter de mouw hebben (=onoprecht zijn)
- zij hangt haar man de blauwe huik om (=zij bedriegt haar man)
- zo de waard is vertrouwt hij zijn gasten (=men ziet de anderen zoals men zichzelf ziet)
- zo dom als touw (=onnozelheid of domheid (als in: `Je bent ook zo dom als touw hè?!`))
- zo dronken als een kartouw (=stomdronken)
- zo zijn we niet getrouwd (=op die manier iets niet afgesproken hebben)
- zuinigheid met vlijt, bouwt huizen als kastelen (=door zuinig en ijverig te zijn, kan men veel bereiken)
183 betekenissen bevatten `uw`
- het paard ruikt de stal (=opschieten om gauw thuis te komen)
- een oud paard van stal halen. (=oude argumenten opnieuw gebruiken)
- de regels met voeten treden (=overtreden, voorschriften niet opvolgen / onbehouwen te werk gaan)
- om de kracht van het anker te voelen moet men de storm trotseren (=pas als men iets ernstig meemaakt, weet men op wie men kan vertrouwen)
- witte paarden hebben veel stro nodig (=pronkzieke vrouwen kosten veel geld)
- er met de botte bijl op inhakken (=ruw te werk gaan)
- het op de heupen hebben (=slecht gehumeurd, op geestdriftige wijze iets doen, zenuwachtig, verstoord zijn)
- de drempel platlopen (=steeds opnieuw bezoeken)
- te pas en te onpas (=steeds opnieuw, of het nu zin heeft of niet)
- huizen op iemand kunnen bouwen (=sterk op iemand kunnen vertrouwen)
- kaart, keurs en kan, bederven menig man. (=ten onder gaan aan gokken, vrouwen en drank)
- in zak en as zitten (=terneergeslagen zijn (oorspronkelijk: Joodse rouw))
- in het huisje wegen (=uiterst nauwkeurig het gevraagde gewicht geven)
- aan de weg timmeren (=veel activiteiten ontplooien en daarmee naar buiten treden om verandering en vernieuwing te bewerkstelligen)
- aan de scharrel zijn (=verkeren zonder verloofd of getrouwd te zijn)
- in de fuik zijn (=verloofd of getrouwd)
- vissers en jagers, zijn vrouwenplagers. (=vissers en jagers zijn vaak bij de vrouw weg)
- in lengte van tijd (=voor eeuwig)
- op je hoede (of qui-vive) zijn (=voorzichtig zijn omdat het niet helemaal vertrouwd wordt)
- schreeuwen als een mager varken (=vreselijk schreeuwen)
- bijl en blok zijn behouden. (=vrouw en kind hebben de bevalling overleefd.)
- als je veel eet, dan ben je lelijk als je dood bent. (=waarschuwing tegen te veel eten.)
- tap hem maar borg hem niet (=wantrouw hem)
- geloof nooit iemand die in de ene hand water en de andere hand vuur draagt (=wees niet lichtgelovig, niet iedereen is het vertrouwen waard)
- een klein hartje hebben (=weinig durven/gauw bang zijn)
- de koe van de pastoor eet iedere dag mals gras (=wie trouw is aan machtige mensen, heeft een heerlijk leven)
- een gouden dak op het huis hebben (=wonen in een huis dat gebouwd is met geleend geld)
- een zilveren dak op het huis hebben (=wonen in een huis dat gebouwd is met geleend geld)
- de speelman zit op het dak (=ze zijn pas gehuwd, hebben nog geen zorgen)
- het op de zenuwen hebben (=zenuwachtig zijn)
- als een lopend vuurtje (=zich snel verspreidend (van een bericht of nieuwtje))
- met hoorntjes lopen (=zijn vrouw bedriegt hem, heeft een minnaar)
- van de hand in de tand leven (=zo gauw iets verdiend is het meteen weer uitgeven zonder zorgen over later)
6 dialectgezegden bevatten `uw`
- Za'k oe met de kop over de keien raspen (=Zal ik uw neus aan de staatklinkers afschuren) (Deventers)
- Ze zen aun ons begonne (=Als mensen van uw leeftijd (beginnen te) sterven....) (Onze-Lieve-Vrouw-Waver)
- zet aaw pep oep (=zet de muts van uw trui op) (Turnhouts)
- zet jo ne vélo ip zijnen pekkel (=zet uw fiets recht) (Menens)
- ziejegie op je kop gestuukt (=zijt gij op uw hoofd gevallen) (Bachten de kupes)
- zjamaar geive (=uw best doen) (tervurens)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen