114 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `die`
- geef een man een vis dan heeft hij die dag te eten (=je kunt iemand beter leren vissen dan heeft hij z`n leven lang vis te eten)
- geen haan die er naar kraait (=niemand zal het weten)
- geen haar op mijn hoofd die er aan denkt (=ik wil hiermee niet akkoord gaan)
- geen spreker die een zwijger verbetert. (=als je niets zegt zeg je niets verkeerds)
- geen water te diep zijn (=nergens bang voor zijn, alles durven)
- geloof nooit iemand die in de ene hand water en de andere hand vuur draagt (=wees niet lichtgelovig, niet iedereen is het vertrouwen waard)
- het geluk vliegt; wie het vangt die heeft het. (=geluk kan zo maar komen en zo weer gaan)
- het is de toon die de muziek maakt (=het gaat om de manier waarop iets gezegd wordt)
- het is dief en diefjesmaat (=het is allemaal even erg)
- het is een kwade wind die niemand voordeel brengt (=er is altijd wel iemand die van de omstandigheden weet te profiteren)
- het is een slechte muis die maar een hol heeft (=je doet er best aan een alternatieve oplossing achter de hand te hebben)
- het is een wijze man, die maat ramen kan. (=wijsheid komt van het vermogen om situaties te begrijpen en hoe daar op te reageren)
- het is kwaad stelen waar de waard een dief is. (=het is moeilijk om een bedrieger te bedriegen)
- het paard dat de haver verdient krijgt ze niet (=diegene die het goede gedaan heeft, krijgt de beloning niet)
- het scheelt hem in zijn bovenverdieping (=hij is niet goed wijs)
- het water is veel te diep (=hij durft het niet aan)
- het zijn niet al ridders die sporen dragen (=je kunt niet alleen aan iemands uiterlijk afleiden of hij ergens geschikt voor is)
- het zijn niet allen jagers die op de hoorn blazen. (=schijn bedriegt, je kunt je in mensen vergissen)
- het zijn niet allen koks die lange messen dragen (=schijn bedriegt, je kunt je in mensen vergissen)
- het zijn niet allen monniken die kappen dragen (=schijn bedriegt, je kunt je in mensen vergissen)
- het zijn sterke benen die de weelde kunnen dragen (=wie in weelde leeft moet oppassen om niet op het slechte pad te raken)
- het zout in de pap verdienen (=heel weinig verdienen)
- hoer en tollenaar zijn onze lieve Heer ook dierbaar (=hoe slecht je afkomst is, God houdt van je)
- hoeren en dieven, met geld zijn zij mijn gelieven (=met geld krijg je vrienden)
- iemand die behoorlijk kan uitpakken (=iemand die ongeremd zijn toorn kan uiten)
- iemand iets diets maken (=iemand iets wijs maken)
- iemand op zijn wenken bedienen (=iemand altijd en onmiddellijk geven waar hij om vraagt)
- iemand van repliek dienen (=iemand gevat antwoorden)
- in diskrediet brengen (=de goede naam aantasten)
- in het diepe gegooid worden (=in een baan aan het werk moeten zonder ingewerkt te worden)
- je hemel op aarde verdienen (=een goed en eerlijk leven leiden)
- je sporen verdienen (=respect krijgen door goed werk te verrichten)
- je verdiende loon krijgen (=krijgen wat hem toekomt (meestal iets slecht))
- katjes die muizen miauwen niet (=tijdens het eten wordt er veel minder gesproken)
- kinderen die vragen worden overgeslagen (=brutale kinderen die altijd overal om vragen, worden genegeerd)
- kinderen die zwijgen zullen ook nooit wat krijgen (=aanvulling op `Kinderen die vragen worden overgeslagen.`)
- komen als een dief in de nacht (=onverwacht komen)
- lachen als een boer die een hoefijzer vindt (=tevreden lachen)
- lopen als een kip die haar ei niet kwijt kan (=onrustig heen en weer lopen)
- magerman is in die keuken kok (=het is er armoe troef)
- meisjes die bloemen dragen, mag je kussen zonder te vragen (=een aanmoediging om meisjes met bloemen te kussen)
- met iemand te diep in zee gaan (=iemand al te ver vertrouwen)
- niet het zout op zijn patatten verdienen (=een klein inkomen hebben)
- op díe fiets (=op die manier)
- pluk de dag (Carpe diem) (=geniet van vandaag)
- roei met de riemen die je hebt (=je moet werken met de middelen die men heeft)
- roeien met de riemen die je hebt (=je moet het doen met de middelen die je hebt.)
- stille waters/wateren hebben diepe gronden (=zij die weinig zeggen hebben vaak het onvoorspelbaarste karakter)
- te diep in het glaasje kijken (=te veel alcohol drinken en daardoor erg dronken zijn)
- tussen die twee was er geen chemie (=die twee mensen hadden te veel karakterverschillen om goed te kunnen samenwerken)
282 betekenissen bevatten `die`
- als proefkonijn dienen (=dienen voor een of ander experiment)
- in het lijntje lopen (=dienstbaar zijn)
- een kattenrug maken (=diep buigend groeten)
- een harde noot kraken (=dingen bespreken die moeilijk liggen, een moeilijk karwei doen)
- platgetreden paden/wegen (=dingen die anderen al eerder gedaan hebben)
- moet is een bitter kruid. (=dingen die men moet doen kunnen onaangenaam of vervelend zijn.)
- niet kunnen rijmen (=dingen die niet met elkaar kloppen of het samen niet kunnen begrijpen)
- van die boer, geen eieren (=dit is een oplossing die men niet wenst)
- je uit de markt prijzen (=door eigen toedoen laten anderen diegene links liggen)
- dun van leer en dik van smeer (=dunne boterham die dik gesmeerd is)
- de pot verwijt de ketel dat die zwart ziet (=een ander aanwijzen als schuldige, terwijl die zelf hetzelfde gedaan heeft)
- boeren en varkens worden knorrend vet (=een boer die klaagt heeft daar wellicht geen reden toe)
- een wolf in schaapskleren (=een gevaarlijk iemand die zich als onschuldig voordoet)
- een wolf in de schaapskooi. (=een gevaarlijk iemand die zich als onschuldig voordoet)
- een handwerk heeft een gouden bodem (=een goed vakman verdient altijd zijn brood)
- een nagel aan iemands doodkist (=een groot verdriet of iemand die een groot verdriet veroorzaakt)
- de kunst gaat om brood (=een kunstenaar verdient moeizaam z`n brood)
- advocaat van de duivel spelen (=een mening geven waar je het zelf niet mee eens bent, maar die je geeft om reacties uit te lokken)
- een speldje bij iets steken (=een onderwerp niet verder uitdiepen, van gespreksonderwerp veranderen)
- als een donderslag bij heldere hemel (=een onverwachte gebeurtenis, die een grote schok teweeg brengt)
- mosterd na de maaltijd (=een oplossing die te laat komt)
- brave hendrik (=een persoon die op overdreven wijze de regeltjes volgt)
- een rots in de branding (=een persoon waarop je kunt vertrouwen en die je steunt.)
- een appeltje voor de dorst (=een reserve voor moeilijke tijden die mogelijk nog gaan komen)
- een hazenslaapje (=een slaap, die zo licht is, dat men bij `t minste geluid wakker wordt)
- ten hemel schreiend (=een toestand die zo erg is dat er eigenlijk direct iets aan gedaan zou moeten worden)
- een paardenmiddel (=een uiterste remedie)
- waarheid met de slag om de arm (=een waarheid die vele facetten kent)
- de kost gaat voor de baat uit (=eerst moeten er kosten worden gemaakt alvorens men er iets aan verdienen kan)
- een baas boven baas zijn (=er is altijd wel iemand die het beter kan of het beter denkt te kunnen)
- het is een kwade wind die niemand voordeel brengt (=er is altijd wel iemand die van de omstandigheden weet te profiteren)
- de room is er af. (=er is weinig meer aan te verdienen)
- van een kale kip kun je niet plukken (=er valt niets te halen bij iemand die niets heeft)
- je kunt van een kale kikker geen veren plukken (=er valt niets te halen bij iemand die niets heeft)
- er zijn kapers op de kust (=er zijn er die willen meeprofiteren)
- geld uit iets slaan (=ergens geld aan verdienen)
- je op glad ijs wagen/begeven (=ergens over gaan praten waar die weinig van af weet)
- iets uit de eerste hand hebben (=ergens zelf bij zijn geweest of hebben gehoord van iemand die het zelf heeft meegemaakt)
- achter de schermen blijven (=geen bekendheid ergens mee willen krijgen terwijl diegene het wel bedacht heeft)
- zo dood als een pier (=geheel en al dood, als een aardworm die slap aan de hengel hangt)
- aan de strijkstok blijven hangen (=geld dat aan een goed doel wordt besteed verdwijnt voor een groot deel bij mensen die oneerlijke onkosten maken)
- gelijke monniken gelijke kappen (=gelijke mensen verdienen/krijgen een gelijke behandeling)
- in goede dorpen zijn/geraken (=genoeg verdiend hebben om niet meer te hoeven werken)
- zo glad als een aal (=geslepen, uitgekookt, iemand die zich overal uitpraat)
- arbeid is voor de dommen. (=gezegd als je liever op twijfelachtige wijze geld verdient dan op een eerlijk manier)
- zo komt het luie zweet eruit (=gezegd van iemand die hard werkt)
- het grondsop is voor de goddelozen (=gezegd van iemand die het laatste restje uitdrinkt)
- de maan komt al door de bomen/wolken (=gezegd van iemand die kaal begint te worden)
- een holle darm. (=gezegd van iemand die veel eet)
- een tong als een scheermes (=gezegd van iemand die venijnig uithaalt met woorden)
50 dialectgezegden bevatten `die`
- 't is 'nen broekschijter, nen labbekakker (=iemand die schrik heeft) (Sint-Niklaas)
- 't is 't wuuf die 't uus rechtoedt (=een goede vrouw is goud waard) (Veurns)
- 't is all niet dat oar snien, 't is all die kruljes legn (=als je aan iets begint, moet je het ook kunnen afwerken) (West-Vlaams)
- 't Is allemaa koek iênen diêg (=die zijn beste maatjes) (Sint-Katelijne-Waver)
- 't is d'handave die nie deugt (=onhandig iemand) (Veurns)
- 't is doar gien vetpot (=die hebben het niet breed) (Westerkwartiers)
- 't is duuveltjeskaarmis, tis kaarmis in d'hel (=zon die schijnt bij regen) (Antwerps)
- 't is e goe menojewuuf (j van Jules) (=die vrouw is goed in het huishouden) (Veurns)
- 't is eeën vor 'n ossebilk (=die geraakt niet getrouwd) (Veurns)
- 't is een negenurenlijk (=lijkdienst die om negen uur plaatsvindt) (Sint-Niklaas)
- 't is etwod die gapt en nie e biet (='t is weer niets waard) (Veurns)
- 't is gien gek die 't veurdut, moar die 't noadut (=degene die iets nadoet is niet goed bezig) (Westerkwartiers)
- 't is gruun aat / 't is zwèt tusse die twieë (=Ruzie tussen twee personen) (Onze-Lieve-Vrouw-Waver)
- 't is iets in zijn kele geschodn (=iemand die zich verslikt) (Kaprijks)
- 't is koek en ei tuss'n die beid'nt (=die passen exact bij elkaar) (Westerkwartiers)
- 't is mo de rook die deur de kave got en 't ligt nog e zak op (=gierig huishouden) (Veurns)
- 't is ne keirkuil, ne piljeirenbijter (=iemand die veel naar de kerk gaat) (Sint-Niklaas)
- 't Is ne Racinger (=die kent niks van voetbal) (Mechels (BE))
- 't is ne sjoefeljeir (=iemand die niets anders doet dan iets kopen en het terug verkopen) (Sint-Niklaas)
- 't is ne zeverjeir (=iemand die flauwe praat vertelt) (Sint-Niklaas)
- 't is roei'n met de riem'n die je hemm'n (=je moet roeien met de riemen die je hebt) (Westerkwartiers)
- 't ist 't bakche vul (=een plaats die vol is) (Iepers)
- 't kom nie door z'un melkgebitje (=Een oud iemand die is overleden) (Westlands)
- 't lacht en tsie nie (=iemand die om het minste lacht) (Sint-Niklaas)
- 't Laeve det wae te kort vinje bestuit meistal oet daag diej wae te langk vinje! (=Het leven dat wij te kort vinden bestaat grotendeels uit dagen die wij te lang vinden!) (Kinroois)
- 't lopt over te veul schiev'm (=er zijn te veel personen die er over gaan) (Westerkwartiers)
- 't löt vaalt ok altied op Jonas (=altijd dezelfden die de pineut zijn) (Westerkwartiers)
- 't Speelt oal gjèn rolle zei de boerinne, en ze ging ip eur zwin nao de kerke (=die persoon trekt het zich niet aan / Ik trek het mij niet aan wat de mensen ervan denken) (Roeselaars)
- 't zal nen blijvere zijn (=van iemand die een vast lief heeft) (Zottegems)
- 't zien meeër mensjchn die missn of enn die pisn (=iedereen vergist zich wel eens) (Veurns)
- 't zien nog katjes die melk meugn (=Er zijn nog anderen op belust) (Veurns)
- 't zuur emmen (=zijn maag die oprispt) (Meers)
- 't zwieët van zij kliuëdn ljuëp lans zijn viuëriuëft omiuë (=iemand die enorm zweet na een inspanning) (Kaprijks)
- ‘k En zou da wijf nog nie willen poepen mee nen dorme van 7 meter (=Ik vind die vrouw afstotelijk) (Brakels)
- ‘k zie ‘t kleur van a onderbroek (=tegen iemand die geeuwt) (Kaprijks)
- ‘n äöze peter (=iemand die zwoegt) (Achterhoeks)
- ‘tsa wa zwoaën os ge tuis komt (=voor iemand die te laat naar huis gaat) (Kaprijks)
- ’t és e vies oeër (=iemand die snel boos is, hij is vlug op zijn tenen getrapt) (Meers)
- (Rotterdamse haventaal) een (olie) inspecteur/controleur die een tank controleert op het leeg zijn (=tank leeg kijken) (Rotterdams)
- ' n leugenoar moet ' n best geheug' n hemm' n (=iemand die veel liegt moet goed kunnen onthouden) (Westerkwartiers)
- ' t Ergste waat dich kan euverkómme is te haoje van emes dae van einen angere hiltj! (=Het ergste wat je kan overkomen is te houden van iemand die van een andere houdt.) (Kinroois)
- ' t is liek een ontjn die aht' r eur hat lopt (=die jongen is niet van dat meisje weg te slaan) (Izegems)
- ' t plat is er af (=gezegd van een baby die enkele maanden oud is) (Leefdaals)
- ' t zien goe' geeëstn die keeërn: gezegd als welkomstgroet als iemand na enige tijd terugkeert naar de plek van de spreker. (='t Zijn goede geesten die keren) (Klemskerks)
- a ee een goat in zijn and (=iemand die zijn geld verspilt) (Gents)
- a eighet werm water uitgevonne (=iemand die niet erg snugger is) (Bornems)
- a es plasje zot (=iemand die volledig gek is) (Meers)
- a es zjang van Brissel (=iemand die meeval heeft) (Ninoofs)
- a ge bouven zij bellen he (=tegen iemand die in zijn neus aan t' peuteren is) (Ransts)
- A-j jokte em-m moei-j kraben (=Wie jeuk heeft die moet krabben /) (Giethoorns)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen