Spreekwoorden met `Wie met`

Zoek

3 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `Wie met`

  1. Wie met de duivel uit één schotel wil eten, moet een lange lepel hebben. (=het valt niet mee iemand te bedriegen, die er zelf bedrieglijke parktijken op na houdt.)
  2. Wie met honden omgaat, krijgt vlooien (=wie in slecht gezelschap verkeert, neemt slechte gewoonten over)
  3. Wie met pek omgaat, wordt ermee besmet (=wie met slechte mensen omgaat neemt de gewoontes van die mensen over)

Eén betekenis bevat `Wie met`

  1. wie met pek omgaat, wordt ermee besmet (=Wie met slechte mensen omgaat neemt de gewoontes van die mensen over)

6 dialectgezegden bevatten `Wie met`

  1. aste blaajfs finkële, geeste nog ës zën haan verbranne (=Wie met vuur speelt, zal zich eraan verbranden) (Munsterbilzen - Minsters)
  2. wae et tinnes nie kan keire, zallet ook nërges leire (=Wie met zijn thuis geen vrede vindt, vindt die nergens) (Munsterbilzen - Minsters)
  3. wae méttën hond slup, kraajg ook zën laajs (=Wie met de hond slaapt, krijgt ook zijn luizen je krijgt de manieren van hen waarmee je omgaat) (Munsterbilzen - Minsters)
  4. Wie met Pek omgaat wordt net als Jelle (=Wie met pek omgaat wordt ermee besmet) (Volendams)
  5. Wie met Pek omgaat wordt net als Jelle (=Wie met lek omgaat wordt ermee besmet) (Volendams)
  6. Wie met u (=kleuter) (Klemskerks)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen