sprankelen

werkw.
Uitspraak:  [ˈsprɑŋkələ(n)]
Vervoegingen:  sprankelde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gesprankeld (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

erg levendig zijn
Voorbeelden:  `Stukken van ambtenaren sprankelen niet.`,
`een sprankelende show`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
flikkeren fonkelen fonkeling glanzen glitter mousseren opbruisen parelen schijnen schittering stralen tintelen twinkelen

4 definities op Encyclo
  1. felle lichtjes uitstralen die bewegen vb: de wijn sprankelt in de glazen een sprankelende geest [heel levendig]
  2. 1) Flikkeren 2) Flonkeren 3) Fonkelen 4) Fonkeling 5) Glanzen 6) Glitter 7) Knetteren 8) Mousseren 9) Opbruisen 10) Parelen 11) Petilleren 12) Schijnen 13) Schitteren 14)...
  3. (Gezegd van licht of zaken die licht weerkaatsen, bv. water, goud, zilver, sterren, iemands ogen.) in een snelle wisseling vanuit verschillende plaatsen helder licht afs...
  4. fonkelen Jaar van herkomst: 1808 (WNT )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
sprankelen (fonkelen)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `sprankelen`.