tintelen

werkw.
Uitspraak:  [ˈtɪntələ(n)]
Vervoegingen:  tintelde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft getinteld (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

een zacht, prikkelend gevoel geven
Voorbeeld:  `Mijn handen tintelen van de kou.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
mousseren opbruisen prikkelen slapen sprankelen

3 definities op Encyclo
  1. voortdurend zacht prikkelen vb: toen ik van de kou in de warmte kwam tintelden mijn handen steeds even oplichten vb: zijn ogen tintelden ondeugend
  2. 1) Een prikkelend gevoel ondervinden 2) Flikkeren 3) Flonkeren 4) Fonkelen 5) Glanzen 6) Glinsteren 7) Mousseren 8) Opbruisen 9) Petilleren 10) Pijnlijk gevoel in koude v...
  3. flikkeren, flonkeren - Jaar van herkomst: 1480 (WNT ) prikkelen - Jaar van herkomst: 1340-1350 (MNW )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
tintelen (prikkelen, glinsteren)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `tintelen` kennen.