slinken

werkw.
Uitspraak:  [ˈslɪŋkə(n)]
Vervoegingen:  slonk (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  is geslonken (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

kleiner of minder worden
Voorbeelden:  `Als je een kunstgebit draagt, slinken je kaken.`,
`je voorsprong zien slinken`,
`De voorraden slinken snel.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afnemen beperken indrogen inkrimpen inperken kleiner worden krimpen minder worden minderen minworden reduceren samentrekken schrompelen verkleinen verkorten verlagen verminderen verschrompelen uitzetten (antoniem)

11 definities op Encyclo
  1. dunner worden vb: zijn zere been was erg dik, maar is nu weer geslonken Tegenstellingen: zwellen opzetten
  2. Het in volume doen afnemen van bladgroenten door verhitting in een kleine hoeveelheid margarine of een andere vetstof, of door onderdompeling in kokend water
  3. Het in volume doen afnemen van bladgroenten door verhitting in een kleine hoeveelheid margarine of een andere vetstof, of door onderdompeling in kokend water.
  4. [Nederlands] Minder worden
  5. • [erga] (in massa of omvang) minder worden, inkrimpen. • [erga] (in kracht) minder worden, verslappen. • [erga] (in aantal of hoeveelheid) minder worden. • [erga...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op slinken:
crosslinkenwegslinken

Herkomst volgens etymologiebank.nl
slinken (inkrimpen, minder worden)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `slinken`.