verkorten

werkw.
Uitspraak:  [vər'kɔrtə(n)]
Vervoegingen:  verkortte (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft verkort (volt.deelw.)

korter maken
Voorbeelden:  `Een sterfgeval verkortte onze vakantie.`,
`Als de hond hard trekt moet je de riem wat verkorten.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afnemen beknotten bekorten beperken inkorten inkrimpen inperken korter maken krimpen minder worden minderen minworden reduceren slinken verlagen verminderen

1 definitie op Encyclo
  • 1) Afnemen 2) Afzagen 3) Beknotten 4) Bekorten 5) Beperken 6) Inkorten 7) Inkrimpen 8) Inperken 9) Kleiner maken 10) Korten 11) Korter maken 12) Krimpen 13) Minderen 14) ...
  • Toon uitgebreidere definities