crosslinken

werkw.
Afbreekpatroon:  'cross - lin - ken
Herkomst:  «Engels
Vervoegingen:  crosslinkte (verl.tijd )
Vervoegingen:  gecrosslinkt (volt.deelw.)

1) naar elkaar linken op internet computer
Voorbeeld:  `crosslinken genereert meer bezoekers op de website`

2) proces waarbij een covalente of ionische binding tussen twee polymeerketens wordt gevormd wetenschap
Voorbeeld:  `in de biologische wetenschap wordt gecrosslinkt`