de rang

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [rɑŋ]
Verbuigingen:  rang|en (meerv.)

hoogte van je functie in een organisatie
Voorbeeld:  `iemand bevorderen tot de rang van kolonel`
mensen van alle rangen en standen  (mensen met heel verschillende beroepen en inkomens)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
ambt gelid hiërarchie klas klasse lading maatschappelijke klasse meerdere orde rangorde slag stand volgorde

Spreekwoorden en zegswijzen
• voor een dubbeltje op de eerste rang willen zitten (=tegen minimale kosten maximaal voordeel verlangen.)
Naar de spreekwoorden

16 definities op Encyclo
  1. positie die iemand inneemt in een organisatie vb: generaal is een hoge militaire rang soort zitplaats in een schouwburg vb: welke rang zat je bij die voorstelling? eerste...
  2. Officiële status in een hiërarchisch orde van posities binnen een organisatie of een sociale klasse, zoals bijvoorbeeld de strijdkrachten, de aristocratie, het ...
  3. Let op: Spelling van 1858 rij orde; ook de waardigheid, de stand, de plaats, welke iemand, met betrekking tot het aanzien, waarin hij staat, bekleedt; de trap van eer. Ra...
  4. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-en), rij, orde, reeks; waardigheid, aanzien; plaats, regeling, schikking. ~ORDE, v. [geen meervoud] geregelde volgorde. ~REGELING,...
  5. Rang is een Engelse jongensnaam. Het betekent `raaf`.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met rang:
rangeerrangeer uitrangeerderangeerdenrangeerderrangeerdersrangeeremplacementrangeeremplacementenrangeerstationrangeertrangeerterreinrangeerterreinenrangenrangerenranglijstrangorderangschikkenrangschikkingrangtelwoordrangtelwoorden
Toon alle woorden die beginnen met rang

Deze woorden eindigen op rang:
aandrangboemerangdadendrangdranggedranggeldingsdrangzelfstandigheidsdrangvernieuwingsdrangvoorrangparingsdrangvoortplantingsdrangwrang
Toon alle woorden die eindigen op rang

Herkomst volgens etymologiebank.nl
rang (klasse, groep plaatsen in een schouwburg of stadion)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 100% van de Vlamingen het woord `rang`.