rangeren

werkw.
Herkomst:  «Frans
Vervoegingen:  rangeerde (verl.tijd )
Vervoegingen:  heeft gerangeerd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) ordenen
Synoniem:  op een rijtje zetten

2) treinwagons splitsen en opnieuw in een bepaalde volgorde naar een ander spoor manoeuvreren
Voorbeeld:  `Het rangeren van een losgekoppelde goederenwagon naar een vrij spoor.`

3) een persoon worden met maatschappelijk aanzien
Voorbeeld:  `Na een armoedige jeugd is hij nu gerangeerd.`


Synoniemen
manoeuvreren ordenen schiften sorteren uitzoeken

5 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bedrijvend werkwoord] [gelijkvloeiend] (ik rangeerde, heb gerangeerd), schikken, ordenen, regelen; (iem.) tot zijnen plicht brengen; g...
  2. 1) In orde stellen 2) Kaartspel 3) Manoeuvreren 4) Op een volgorde zetten 5) Ordenen 6) Rangschikken 7) Schiften 8) Schikken 9) Sorteren 10) Spoorwagons scheiden of samen...
  3. Het samenstellen van een trein door het in de juiste volgorde koppelen van wagens of rijtuigen
  4. Rangeren is het verplaatsen van spoorwegmaterieel binnen een spoorwegemplacement, zoals: Bij rangeren rijdt men altijd met lage snelheid, in Nederland en België maximaa...
  5. treinen of spoorwagons in volgorde plaatsen Jaar van herkomst: 1876 (WNT )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op rangeren:
arrangerenderangeren

Herkomst volgens etymologiebank.nl
rangeren (treinen of spoorwagons in volgorde plaatsen)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 96% van de Nederlanders en 91% van de Vlamingen het woord `rangeren`.