I de min

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [mɪn]
Verbuigingen:  min|nen (meerv.)

in de min  (negatief)


II min

bijv.naamw.
Uitspraak:  [mɪn]

onbelangrijk, van weinig waarde
Synoniem:  onbeduidend
Ben ik te min?  (Vind je mij te onbelangrijk?)


III min

bijwoord
Uitspraak:  [mɪn]

1) (in een rekensom) <
om aan te geven dat je het getal erna moet aftrekken
Voorbeeld:  `zeven min vier is drie`
Antoniem:  plus
Het is min tien.  (het vriest tien graden)

2)
min of meer  (een beetje) `Het papier is gekreukt, maar je kunt het nog min of meer lezen.` Synoniem: ongeveer

3)
zo min mogelijk  (zo weinig mogelijk) Synoniem:

4)
net zo min als...  (ook niet, net als...) `Ik hou net zo min van musicals als jij.` Synoniem:

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aftrekteken baker gemeen gering matig middelmatig minne minnetjes minteken minus nadeel niet al te best onbeduidend onder slecht smerig vals voedster weinig zoogmoeder zwak zwakjes plus (antoniem)

19 definities op Encyclo
  1. bijna niet vb: Archibald wil zich zo min mogelijk inspannen hij net zo min [hij ook niet] min of meer [enigszins]
  2. weinig betekenend vb: ben ik soms te min voor jou? daar moet je niet te min over denken [dat moet je niet onderschatten] te min zijn voor iemand [niet goed genoeg gevonde...
  3. Een teef die pups van een andere moederhond voedt.
  4. Mobile Identification Number
  5. Een teef die pups van een andere moederhond voedt.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met min:
minachtminachtenminachtendminachtingminachtteminachttenMinangkabausminaretminarettenminaudeerminaudeerdeminaudeerdenminaudeertminchaminchemindemindenminderminderbroederminderbroeders
Toon alle woorden die beginnen met min

Deze woorden eindigen op min:
beminbenjamindesalniettemindesnietteminevenminnietteminonminthereminmeerminraminzeemeermin
Toon alle woorden die eindigen op min

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. min (gering)
  2. min (kat)
  3. min (liefde)
  4. min (zoogster)


Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `min`.