de benjamin

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ['bɛnjamɪn]
Verbuigingen:  benjamin|s (meerv.)

jongste in een gezin of groep
Voorbeelden:  `Onze benjamin woont nog thuis.`,
`de benjamin van een reisgezelschap`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
jongste laatstgeborene oogappel uitverkorene

Spreekwoorden en zegswijzen
• de Benjamin zijn (=het lievelingetje zijn)
Naar de spreekwoorden

15 definities op Encyclo
  1. jongste zoon Jaar van herkomst: 1649 (WNT )
  2. Benjamin is een Hebreewse jongensnaam. Het betekent `zoon van mijn rechterhand`.
  3. Spreekwoorden: (1914) Benjamin, d.w.z. de jongste zoon, aldus genoemd naar den jongsten zoon van Jacob; ook de lieveling van vader en moeder, de frul of 'et febbeken, zoo...
  4. de jongste van een gezin vb: zij is de benjamin in die familie
  5. 1) Australische componist 2) Bijbelse figuur 3) De jongste 4) Het jongste kind 5) Jongste 6) Jongste kind 7) Jongste lieveling 8) Jongste zoon 9) Jongste zoon van jakob e...
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
benjamin (jongste zoon)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 98% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `benjamin`.