inpikken

werkw.
Uitspraak:  ['ɪmpɪkə(n)]
Vervoegingen:  pikte in (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft ingepikt (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) pakken en meenemen informeel
Voorbeelden:  `het mobieltje van je zus inpikken zonder dat ze het ziet`,
`klanten van de concurrent inpikken`
Synoniem:  wegnemen

2)
het handig inpikken  (het handig doen) `Als we het een beetje handig inpikken, kunnen we misschien nog subsidie krijgen.` Synoniem: aanpakken

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
achterhouden achteroverdrukken afnemen afpakken aftroggelen benemen bietsen gappen grissen jatten kapen leegstelen ontfutselen ontnemen ontvreemden pikken plunderen roven snaaien stelen toeëigenen verdonkeremanen verdonkeren verduisteren vervreemden wegfutselen wegkapen wegnemen wegpikken

2 definities op Encyclo
  1. gebruikelijk synoniem voor inhaken. Een haak in een ring, oog of lus steken.
  2. 1) Aanhaken en kapen 2) Achterhouden 3) Achteroverdrukken 4) Afpakken 5) Aftroggelen 6) Bietsen 7) Gappen 8) Grissen 9) Inhoeken 10) Inpalmen 11) Jatten 12) Kapen 13) Kla...
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `inpikken`.